Raymond Thielens meldt me dat de Italiaanse filmdiva (en ik gebruik dat woord niet lichtzinnig) Gina Lollobrigida vandaag is overleden. Ze was vorige zomer 95 jaar geworden.

Op het puin van het naoorlogse Italië werden prachtige neorealistische films gemaakt. Maar de Italiaanse liefhebbers kregen daar nogal vlug genoeg van en wilden de deprimerende realiteit liever ruilen voor dromen en sprookjes zoals ze in Hollywood werden geboren. Voor de verfilming daarvan was de in 1927 in Subiaco geboren Gina Lollobrigida de geschikte kandidate. Vanaf haar debuut in 1946 – ze zat toen nog op de kunstacademie in Rome – tot begin de jaren vijftig was ze te zien in een hele reeks kostuumdrama’s, romantische komedies en thrillers. Meestal speelde Gina de verleidelijke vrouw die zelfs de meest principe‑vaste held plat kreeg. Hoewel haar acteermogelijkheden nogal beperkt waren (een Amerikaanse filmrecensent schreef ooit: “Haar boezem compenseert voor het gebrek aan acteertalent”), viel Lollobrigida ook in het buitenland op.
Al in 1949 bood Howard Hughes haar een contract aan om in Hollywood te draaien. Gina trok vol verwachting naar het zonnige Californië en speelde er de hoofdrol in het somberste hoofdstuk uit haar carrière. Na drie maanden wachten en niks doen, had Hughes nog altijd niets van zich laten horen. Lollobrigida keerde boos terug naar Italië.

De internationale doorbraak kwam er dan in 1952 met “Les belles de nuit” van René Clair. Vlak daarna speelt ze nogmaals aan de zijde van Gérard Philippe in “Fanfan la Tulipe” van Christian‑Jacque.
Een heuse sterstatus verwerft Lollobrigida met haar rol in “Pane, amore e gelosia” van Luigi Comencini (1953). De film krijgt twee jaar later een vervolg, waarin ze de hoofdrol overlaat aan Sophia Loren. “Beat the devil” van John Huston (1953) wordt een tegenvaller, o.m. omdat Humphrey Bogart, who played her husband, disliked her and nicknamed her “Frigidaire”. Haar repliek: “A woman at 20 is like ice, at 30 she is warm and at 40 she is hot.”

Andere hoogtepunten in haar carrière zijn “Trapeze” van Carol Reed (1956), “Notre‑Dame de Paris” van Jean Delannoy (1956) en “Solomon and Sheba” (1959, foto’s). On Solomon and Sheba she said: ‘I did that in Spain and had the most terrible experience in my work because my partner Tyrone Power died during the filming just in front of us within 10 minutes and was one of the most terrible experiences in my life.’
In 1968 speelt ze de titelrol in “Buona sera, mrs.Campbell” van Melvin Frank. Jeremy Perkins vat op de Internet Movie Database de plot als volgt samen: “Twenty years after their initial war-time visit three U.S. servicemen (Phil Silvers, Peter Lawford and Terry Savalas) hold a reunion at an Italian village. They all have fond memories, especially of local girl Carla (Gina Lollobrigida). But she has been telling each of them that they are the father of her daughter Gia (Janet Margolin), so they have all been paying well for her upbringing. As this dawns on the threesome old rivalries surface, but times have changed and complications such as wives, middle-age, and the need to protect Gia’s future start to surface.”
Sounds familiar, doesn’t it? In de rubriek “Trivia” vinden we dan ook al snel deze opmerking: “The plot of three potential fathers vying to prove they fathered a child was used many years later in Mamma Mia! (2008).”
Komedies draaien haast altijd om overspel en de manier om tot een “oplossing” te komen is dus steeds discutabel. Zeker in déze film. Daarnaast is er een irritant schreeuwerige Shelley Winters en een filmthema van Riz Ortolani, dat oorspronkelijk aangenaam verrassend in de oren klinkt, maar dat de hele film door tot in den treure wordt herhaald, wat eveneens enige irritatie opwekt omdat André Van Duin hier jaren later “Als de zon schijnt” heeft van gemaakt en dat nestelt zich als een oorwurm in je… welja, oor. Wel aangenaam is het mooie décolletéetje dat mrs.Campbell ten toon spreidt als ze van plan is de drie aanbidders zo snel mogelijk… weg te jagen! (Wie daarvan de logica snapt, mag het me komen zeggen.)
90 gina lollobrigida

Na “King, Queen, Knave” van Jerzy Skolomowski (1972) zette ze haar filmcarrière op een lager pitje. Ze verscheen zo nu en dan nog in een televisieserie, maar hield zich voor de rest bezig met mode, cosmetica, fotografie en videofilms.

Op hoge leeftijd krijgt Lollobrigida ruzie met haar zoon Andrea (zoon van de Joegoslavische arts Milko Skofic, met wie ze in 1949 trouwt, in 1966 had zij een affaire met de komiek Jerry Lewis, waarna ze in 1968 scheidde van Milko Škofič) omdat ze steeds jongere minnaars heeft. Op haar 94ste verdedigde ze haar jonge assistent/minnaar Andrea Piazzolla (34) nog met vuur. Haar familie vreesde echter dat er van haar fortuin (geschat op zo’n 40 miljoen euro, met onder meer villa’s in Italië en Monaco) niet veel meer zou overblijven. In een interview deed ze een oproep om haar “haar laatste dagen toch in vrede te laten leven!”. “Op mijn leeftijd zou ik wat rust moeten hebben. Maar die heb ik niet. Ik zou in vrede mogen sterven.” 

Op haar 95e verklaarde Lollobrigida dat ze zich kandidaat wil stellen als senator voor de links-eurosceptische partij Italia Sovrana e Popolare (ISP). In 1999 deed ze ook al – zonder succes – mee aan de Europese parlementsverkiezingen als kandidaat voor de Democratische Partij. (vrtnws)

Ronny De Schepper

Gina Lollobrigida in de film “Anna from Brooklyn” (1957)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.