Nog nooit werd ik zo vaak aangesproken op mijn lectuur als bij “Het smelt” van Lize Spit. Niet echt verwonderlijk, want het is een uitzonderlijke bestseller. En daarmee bedoel ik: het komt niet gauw voor dat een fictieboek zo’n bestseller is. En dus bedoel ik helaas niet dat het een uitzonderlijk boek is.

Halverwege liet ik reeds optekenen: ik moet eerlijkheidshalve toegeven dat ik op dit moment nog altijd niet begrijp waarom het werk zo’n succes heeft. En op het einde ben ik jammer genoeg nog steeds die mening toegedaan. Akkoord, het boek neemt een dramatische wending, zodat mijn “tussentijdse” inschatting (De Witte van de 21ste eeuw, maar dan minder grappig”) niet meer geldig is, ook al noemen sommige mensen het ook als ze het helemaal uit hebben nog een “tragikomisch” boek.
Ik wil er wel iets over kwijt, maar om zoveel mogelijk spoilers te vermijden, ga ik eerst wat droge informatie geven, te beginnen met – uiteraard – Wikipedia. Lize Spit groeide op in de Belgische Kempen. Ze studeerde in Brussel aan het RITCS, waar ze een master in scenarioschrijven haalde. In 2013 won ze zowel de jury- als publieksprijs van de schrijfwedstrijd Write Now!
Spit publiceerde korte verhalen en poëzie in onder andere de tijdschriften Tirade, Het liegend konijn, De Gids en Das Magazin. In 2015 nam ze deel aan het project 10 op de Schaal van Dichter, waarin tien dichters samen een cd met poëzie uitbrachten. Bij uitgeverij Das Mag (“verbonden aan Das Magazin” voegt Wikipedia eraan toe voor de VTM-kijkers, alsof die al boeken zouden lezen!), publiceerde ze in januari 2016 haar eerste roman Het smelt. Het boek werd goed ontvangen en kreeg lovende recensies. Medio april 2016 raakte bekend dat er een Engelse vertaling in de maak was via het uitgeefconcern MacMillan en uitgeverij Picador. In juli waren er al meer dan 60.000 exemplaren verkocht en ook plannen voor een verfilming kwamen ter sprake.
Tot zover Wikipedia buiten het feit dat zoals gebruikelijk wel nog een aantal “prijzen” worden vermeld, maar dat doe ik uitdrukkelijk bijna nooit, omdat ik het eens ben met de componist Bela Bartok, wiens slagzin was: “Wedstrijden zijn voor paarden!”
Maarten Goethals zag in haar een exponent van de cursussen “creatief schrijven” die her en der worden gegeven en die hij dan ook een mooie titel meegaf in De Standaard. Op Lezers Tippen Lezers heb ik er de recensie van mijn vriend Fons Mariën uitgekozen: “Dit debuut van Lize Spit is echt een hype, en ik heb me laten meegaan om die klepper van bijna 500 blz. te lezen. Het boek komt heel traag op gang, gaat lang over banale verhalen en spelletjes van drie jonge pubers, met Eva als hoofdpersoon, in de zomer van 2002. Geleidelijk aan wordt duidelijker dat Eva opgroeit in een veeleer dysfunctioneel gezin, met een moeder die aan drank is en een zusje dat autistische trekken vertoont. Tenslotte lopen de seksuele spelletjes van Pim, Laurens en Eva in de zomer van 2002 uit de hand.
Als een man dit zou bedacht hebben dan zou men hem naar de psychiater sturen. Dit is er echt over. De rest van verhaal gaat over de wraak van Eva, zoveel jaren later. Op het einde van het boek blijkt wel dat het verhaal goed geconstrueerd is. Toch heb ik het met gemengde gevoelens gelezen. De aanloop is erg lang en vrij banaal, de spanning wordt slechts traag opgebouwd. Lize Spit is ongetwijfeld een talent, maar ik ben nog niet helemaal overtuigd door dit boek.”

Ik denk dat ik het hiermee wel volledig eens kan zijn, al heb ik wel twee korte zinnetjes weggelaten, omdat ik vind dat het spoilers zijn. Toch is het precies dààrover dat ik ook iets wil zeggen. Ik zal dus moeten opletten hoe ik het formuleer. Aan de dramatische climax zijn er namelijk meerdere schuldigen, toch richt de wraak van Eva zich uitsluitend op één persoon (m/v) en dan nog op diegene die (althans toch in mijn ogen) het minst schuld treft. Bovendien deelt ook de moeder van dit personage expliciet in de klappen, terwijl dit de enige is die enige gevoelens van medeleven toont tegenover haar. Dààr had ik het met de schrijfster wel graag eens over gehad, als ik haar ’s avonds laat in een bruine kroeg zou tegenkomen. Maar ik ga al lang niet meer ’s avonds buiten en al helemaal niet naar bruine kroegen…

Referentie
Maarten Goethals, De Lize Spit in elk van ons, De Standaard 24 november 2017

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s