Het is vandaag tien jaar geleden dat Louis Mestdagh op 90-jarige leeftijd is overleden. Toen haalde zijn dood amper de media. Ooit was hij nochtans de bekendste pater van het land. Als de Troebadoer van het Heilig Hart was hij tussen 1957 en 1963 wereldberoemd in Vlaanderen. Ongeveer vijftien boeken, dertig platen, tien langspeelfilms en een handvol wereldreizen later zocht hij noodgedwongen de anonimiteit op in Brussel.

Over zijn leven zou je een film kunnen draaien.” Het is een cliché dat veel te snel van stal wordt gehaald, zeker op uitvaartplechtigheden. Maar niet in het geval van Louis Mestdagh. Ten eerste was zijn wandel wérkelijk uitzonderlijk, en niet alleen in de ogen van vertelzieke familieleden die de stilte aan de koffietafel willen doorbreken. Ten tweede bestaat de film al. In het spoor van de Troebadoer werd in december 2005 uitgezonden op Canvas en is als dvd verkrijgbaar. De documentaire is gedraaid door zijn zoon Rudolf Mestdagh, een gedreven filmproducent en regisseur van o.a. de hilarische kortfilm Robokip (1993) en een langspeelfilm eLLektra, met Axelle Red in de hoofdrol. (Volgens mij was hij ook de cameraman van “Het Goddelijke Monster” maar daarvan kan ik geen bevestiging vinden op de Internet Movie Database.)
Incognito
Jarenlang verkeerde Rudolf Mestdagh in het ongewisse over het bewogen verleden van zijn introverte vader. Hij kwam er pas achter toen op het Sint-Jan Berchmanscollege een verhaal over de Troebadoer van het Heilig Hart werd voorgelezen. De leraar vroeg of de troubadour soms familie was. Rudolf wist van niets. Een Humo-interview bracht opheldering. Maar het zou nog ettelijke jaren duren voor Rudolf zijn vader met sluwe listen en koppig aandringen kon overtuigen om voor de camera zijn verhaal te doen.
Het was niet alleen een karakterkwestie. Louis Mestdagh koos na een turbulente periode voor een incognito-leven in de anonimiteit van Brussel, en daar hield hij zich aan. Om onherkenbaar te worden liet hij een baard groeien, die hij zijn hele verdere leven zou laten staan. Om dezelfde reden verzaakte hij een carrière bij de BRT. In Brussel zag zijn gezin aanvankelijk zwarte sneeuw. Maar Mestdagh was van vele markten thuis. Na baantjes als vertaler en corrector bij drukkerijen bouwde hij een failliet bedrijf uit tot een zeer succesvol reisbureau voor dokters. Vermomd als reisleider tokkelde hij in de bus op een banjo of ukelele terwijl hij liedjes bracht over de voorbije reis. Wisten de dokters veel dat hun reisleider ooit de beroemde Zingende Pater was geweest.
Globetrotter-cineast
Louis Mestdagh werd geboren in Deinze op 1 september 1916 tijdens de bombardementen van de Eerste Wereldoorlog. Op 24-jarige leeftijd werd hij leraar in de poësis en retorica, nadat hij o.m. een opleiding als cellist had doorlopen. Op vraag van zijn moeder werd hij jezuïet. Na de Tweede Wereldoorlog mocht hij voor de Missiepropaganda en ter voorbereiding van het priesterschap met de boot naar Amerika. Met een kleine handcamera draaide hij eerst een verslag van een botsing op zee, waarbij het schip waarop hij zat een ander schip tot zinken bracht. Daarna volgde zijn eerste langspeelfilm, Dwars door Amerika. Na een tweede, over de Sioux-indianen, was de globetrotter-cineast niet meer te houden. Met een jeep reisde hij door India, van Sri Lanka tot in de Himalaya en terug. Dat leidde tot een hele serie documentaire fictiefilms. Met die films trok Mestdagh achteraf langs de Vlaamse parochiezalen: tweehonderd vertoningen mét spreekbeurt per jaar.
Zou hij ook de auteur geweest zijn van de vele missiefilms, gesponsord door Caltex, die wij destijds in het college te zien kregen? Dan heeft hij alvast bijgedragen tot mijn seksuele opvoeding, want zoals die jongen van de Fixkes zijn eerste tietjes in De familie Flodder te zien kreeg, waren dat bij ons die films van Caltex. (Telkens als er weer een tankwagen met dat logo in beeld kwam, riepen wij – geholpen door de duisternis – allemaal luidkeels de naam van de sponsor. En nu ik toch tussen haakjes bezig ben: bij ons waren het misschien wel “tietjes” maar die Fixkes-jongen zou er toch beter “tieten” van maken, want hij had het over Tatjana Simic!)
Toen de BRT in 1953 met televisie-uitzendingen begon, pakte de omroep op de tweede dag al uit met een film die pater Mestdagh in India had gedraaid.
De filmloopbaan strandde in Congo. Pater Overste rekende op een idealistisch beeld van het Missiewerk, Mestdagh bleef dichter bij de werkelijkheid. Hij maakte een film waarin de zwarte hoofdpersoon uiteindelijk besluit terug te keren naar zijn stam, wég van de blanke, christelijke beschaving. Als straf werd hij opgesloten in het klooster van Mechelen, waar hij prompt een vurige, levenslange supporter van KV Mechelen werd. Ondertussen was hij hoofdredacteur van de jezuïetenkrant Pro Apostolis, waarin hij verhalen publiceerde die hij bundelde in een vijftiental boeken met titels als Dwars door India. Hij schafte zich ook een gitaar en begon liedjes te schrijven. En opnieuw nam zijn leven een rotvaart.
Heilig Hart
De liedjes sloegen aan. Als de Zingende Pater of de Troebadoer van het Heilig Hart maakte Louis Mestdagh 32 platen in het totaal en scoorde hij driehonderd optredens in een jaar. Tijdens de pauze was er meestal een tombola met Mariabeelden. Het grote geld ging naar het grammofoonlabel Decca en de kas van de Bond van het Heilig Hart. Een van zijn “hits” was ‘Padre Pedro’, een nummer over een Latijns-Amerikaanse pastoor-vrijbuiter die de fout maakt zijn ezel voor een auto te ruilen. Mestdagh maakte bij het liedje een passende animatiefilm, die in 1965 op het amateurfilmfestival van Cannes aan de haal ging met de Prix de la Chanson Familiale. Andere titels: “Jan Pierewiet”, “Zadel nog eenmaal mijn paard” en “Zij denkt nog aan mij”, maar dat zal dan wel zijn moeder of zo geweest zijn, denk ik (al kende hij zijn latere vrouw Joke wel al sinds 1956, maar toen was hun verhouding nog louter vriendschappelijk).
Opvallend daarbij was dat pater Mestdagh vaak de instrumentale “break” floot. Jaja, de jodelende fluiter dat is een rare snuiter.
Ik wilde de mensen blij maken met mijn liedjes en hen tegelijk op mijn manier de Blijde Boodschap brengen. Het was misschien naïef en niet van het hoogste niveau qua intelligentiequotiënt, maar het was bestemd voor het volk en die hadden er duidelijk wat aan,” zei Mestdagh achteraf in een interview met Humo, april 1980.
Verliefd hart
In 1963 kon Louis Mestdagh zijn verliefdheid op de twintig jaar jongere Johanna (Joke), een lekenzuster uit Kalmthout die hij in Congo had leren kennen, niet langer onderdrukken. Bij haar terugkeer in België was ze naar verscheidene optredens van de Zingende Pater gegaan. De eerste kus werd gegeven, vlak tegenover mijn deur (al woonde ik daar toen nog niet natuurlijk), namelijk in de gangen van Sint-Bavo, waar Joke toen studiemeesteres was. Bij een kus is het echter niet gebleven, want Joke werd zwanger. Een verwante moeder-overste werd ingelicht, maar ze verraadde het koppel een paar maanden later alsnog. “’s Anderendaags werd ik bij Pater Provinciaal geroepen. De Zingende Pater was ineens dood,” getuigt Louis Mestdagh in de documentaire van zijn zoon. Hij werd verbannen naar een jezuïetenklooster in de Vogezen. Rome besloot hem naar Zuid-Amerika te zenden. Mestdagh werd voor de verscheurende keuze gesteld tussen zijn roeping en zijn aanstaande gezin. Hij reed naar Roubaix, waar zijn Johanna als een meid werd behandeld. Hij schaakte zijn lief, reed naar Brussel en vond een bevriend priester bereid hen na een publieke penitentie heimelijk te huwen in 1967. Ontervingen langs beide kanten volgden. Pas veel later zullen de ouders van Joke kennismaken met hun kleinkinderen Mieke en Rudolf.
Ondanks de dramatische gebeurtenissen en het nieuwe leven als vader en veelgevraagde reisleider bleef Louis Mestdagh diepgelovig, ook wanneer zijn vrouw en kinderen niet langer naar de kerk wilden gaan. “God schrijft recht in kromme regels,” besluit hij op het einde van de documentaire.
Op Pinksteren vertrok Louis Mestdagh voor zijn verste en laatste reis. In de basiliek van Grimbergen werd alsnog een dankmis gehouden. Erik Van Neygen en Sanne traden er op als de nieuwe nonkel pater en tante nonneke. Als het ware.

Bronnen:
Niels Ruëll in Brussel Deze Week (6/6/2007)
Dirk Hendrikx in Gazet Van Antwerpen (6/6/2007)

5 gedachtes over “Louis Mestdagh (1916-2007)

  1. fouten in het artikel: -1 de opnamen van de botsing op zee maakten deel uit van de eerste langspeelfilm van louis; -2 de camera was geen handcamera maar een 16mm Zeiss-camera, die in 1997 in de studio cosmokino (navezstraat 10, schaarbeek) door 2 arabieren gewapenderhand werd ontvreemd; -3 voor zijn 2 films in india (en 2 boeken) reisde louis 2 jaar met een jeep van madras naar tibet en dan naar calcutta, de reis terug maakte hij niet; -4 de subsidieaanvraag van louis’ zoon om over het leven van louis een fictie-film te maken (gesuggereerd door rudy verzyck, de voormalige financieel directeur van het Vlaams Audiovisueel Fonds), werd kort na de dood van louis door het VAF afgekeurd.

    Liked by 1 persoon

  2. De laatste publieke verschijning van Louis Mestdagh (drie jaar voor zijn dood) is te zien in de slotscene van de speelfilm eLLektra, samen met Julien & Matthias Schoenaerts en Axelle Red:

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s