Na een jarenlange juridische strijd heeft Matthew Fisher dan tien jaar geleden toch bekomen dat hij naast zanger Gary Brooker en tekstschrijver Keith Reid als componist van “A whiter shade of pale” wordt erkend (*). “Matthew Fisher, wie mag dat wel zijn?” zullen velen zuchten die nochtans zijn belangrijkste bijdrage aan de popgeschiedenis ongetwijfeld in huis hebben. Fisher was inderdaad diegene die orgel speelde op “A whiter shade of pale” van Procol Harum (**). En tien jaar geleden kwam men dan eindelijk tot het besluit dat zijn solo inderdaad genoeg afweek van het voorbeeld van Johann Sebastian Bach om als eigen compositie te worden erkend.

Fisher was born and grew up in Addiscombe. He started playing in bands in his teens, initially playing bass guitar, but around 1964, after hearing Alan Price of The Animals and Georgie Fame with his Blue Flames, he decided that he would prefer to be an organist instead. After briefly enrolling in the Guildhall School of Music for a year, he obtained two Vox Continental organs, and used them on tour with The Gamblers, backing band to Billy Fury. After The Gamblers, he played with various local groups before joining Peter Jay and the Jaywalkers in 1966.

While on tour with the Jaywalkers, he met Ian McLagan, organist with the Small Faces, and became fascinated with the sound of the Hammond M102 organ and Leslie speaker that McLagan used. After borrowing money from his grandmother, he bought the same model of Hammond and started advertising for gigs in the Melody Maker. He quickly discovered that owning a Hammond made him in great demand as a musician, saying “Having a Hammond was like having a licence to print money”, and by the end of the year found regular work with Screaming Lord Sutch’s backing group The Savages, playing alongside Ritchie Blackmore. Consequently, Gary Brooker and Keith Reid were keen to recruit him for their new group, Procol Harum, and decided to visit him at his Croydon home to discuss the formation of the band.

Procol Harum was eigenlijk helemaal nog geen groep op het moment dat het nummer in 1967 werd opgenomen, Fisher zelf b.v. speelde eerst nog een tijdje bij Lord Sutch. Die groep is er pas nadien gekomen, nadat bleek dat “Whiter shade” een fenomenaal succes was. Het gaf bij ons b.v. de kans aan ene Raymond van het Groenewoud om orgel te spelen bij de Antwerpse balgroep St.-James: “Dankzij Procol Harum en A whiter shade of pale! Dan wilden al die gitaargroepjes plotseling ook iemand hebben die orgel kon spelen.”

Pas op dat moment riep zanger-pianist Gary Brooker zijn oude maatjes van The Paramounts, met drummer B.J.Wilson en gitarist Robin Trower, terug om op tour te gaan. Van de studiobezetting die was samengesteld om “Whiter shade” op te nemen, hield hij enkel orgelist Matthew Fisher over, wat uiteraard niet meer dan normaal was, aangezien die de sound van het nummer had bepaald.

Alhoewel Fisher van bij de aanvang vond dat hij recht had op een deel van de omvangrijke copyright-inkomsten en er dus eigenlijk een conflict was tussen hem en Brooker, speelde hij af en aan toch mee met Procol Harum-reünies en zelfs in 1985 op Gary Brooker’s solo album, Echoes in the Night. He rejoined the band in 1991 for the album The Prodigal Stranger and released two more albums with them, One More Time – Live in Utrecht 1992 and The Well’s on Fire. In addition he appeared on two concert DVDs, Live in Copenhagen and Live at the Union Chapel, but quit the band again in 2004. He is currently a computer programmer in Croydon, London.

In addition to his work with Procol Harum, he enjoyed a solo career, being especially popular in Greece, where his 1980 song “Why’d I Have To Fall In Love With You” is considered a classic. His solo albums include Journey’s End (1973), I’ll Be There (1974), Matthew Fisher (1980), and Strange Days (1981). He played piano on David Bowie’s tour in June and July 1972, with The Spiders from Mars.

Ronny De Schepper & Wikipedia

(*) Fisher won the case on 20 December 2006 and was awarded 40% of the composers’ share of the music copyright, but he was not granted royalties prior to 2005.
(**) Toen Paul McCartney het nummer voor het eerst hoorde, dacht hij (en al zijn tafelgenoten) dat de orgelist ook de zanger was. En wie zou dat dan wel kunnen zijn? Iedereen gokte op Stevie Winwood. Dat gebeurde op de avond dat Paul voor het eerst Linda Eastman heeft ontmoet en zij vertelt dan ook het verhaal in het boek “Many Years From Now” te komen, geschreven door Barry Miles: “I remember everybody at the table heard A Whiter Shade Of Pale that night for the first time and we all thought, Who is that? Stevie Winwood? We all said Stevie. The minute that record came out, you just knew you loved it.”

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s