Isabelle Adjani wordt zestig…

L'ETE MEURTRIER Isabelle ADJANI, décors avec personnages
De Frans-Algerijns-Duitse actrice Isabelle Adjani viert vandaag haar zestigste verjaardag. Ik heb haar lange tijd als een soort van “pleegdochter” beschouwd, wat natuurlijk onzin is, want ze blijkt uiteindelijk slechts vier jaar jonger te zijn dan ikzelf. Liegen over hun leeftijd doen wel meerdere actrices, dus dat is nog niet zo vreemd, maar hoe het dan komt dat ik Isabelle als een “pleegdochter” zag, dat leest u hieronder…

Ongeveer tegelijkertijd met onze kennismaking met “De Vreugdezaaiers” (1975), leerden we ook Isabelle Adjani kennen, maar dan wel in de film “La gifle”. Toch had het bij wijze van spreken ook anders kunnen zijn, want ook Adjani is van Algerijnse afkomst en… zij is opgegroeid in Gennevilliers, de randstad van Parijs waar ook Abdel en Rasika van afkomstig waren!
Aangezien Rasika een heel mooi kindje was, kon het grapje dat zij later nog een “vedette” zou worden, dus dichter bij de waarheid zitten dan we wel hadden gedacht.
(De arme Abdel daarentegen zal het met zijn zwakke ogen wel heel moeilijk gehad hebben om in die keiharde omgeving op te groeien. “Ik vraag me af wat er van hem geworden is,” placht ik te zuchten. Tot het internet uitkomst bracht natuurlijk! Hij heeft zelfs Wikipedia gehaald!)
Aangezien Adjani van 1958 is (*) en reeds als 16-jarige bij de Académie Française werd toegelaten (meteen in “Ecole des Femmes” van Molière), moet dat zo rond de tijd geweest zijn dat Abdel en Rasika bij ons kwamen. Misschien kenden de families Mabrouki en Adjani elkaar wel!
Stel je voor dat Pater Vreugdezaaier ons destijds per abuis Isabelle had toegezonden in plaats van Rasika! Dan had hij wellicht meer “vreugde gezaaid” bij de vader dan bij de zoon…
Nu, vader Mohamed Adjani, een Algerijnse immigrant die als Frans soldaat op het einde van de oorlog in Duitsland een vrouw had gevonden, zaaide zelf weinig vreugde bij de kleine Isabelle Yasmine en haar broer Eric. Ziekelijk jaloers maakte hij haar wijs dat ze lelijk was en dat ze alle contact met de buitenwereld moest schuwen om niet ontgoocheld te raken. Om deze negatieve beeldvorming te versterken, verbood hij alle spiegels in huis.
Geen wonder dat Isabelle vooral zou uitblinken in rollen van gefrustreerde vrouwen die door hun man of hun vader worden gedomineerd. Zoals in “L’histoire d’Adèle H.” van François Truffaut uit 1975 b.v. Haar broer van zijn kant was minder gelukkig in zijn beroepskeuze en kon zijn frustraties slechts met enkele mislukte zelfmoordpogingen afreageren.
Na “La Gifle” zag ik Isabelle in “Nosferatu, Phantom der Nacht” van Werner Herzog uit 1979 met Klaus Kinski. In “Possession” (1981) van Zulawski heeft ze gemeenschap met een slijmerig monster. Ja, Roland Lommé was duidelijk ook weer in Cannes! Terecht krijgt ze dan ook de prijs van de beste actrice, al is dat tevens ook voor “Quartet” van James Ivory.
In “Tout feu, tout flamme” van Jean-Paul Rappeneau uit 1982 speelt ze de overspannen dochter van afwezige vader Yves Montand, die door zijn onverantwoord gedrag de familie aan de rand van de afgrond brengt. Het is bedoeld als komedie, maar dit is nu eenmaal geen onderwerp om mee te lachen en de film faalt dan ook deerlijk op dit vlak. Ook de hypernerveuze vertolking van la Adjani draagt daartoe bij. Een rustpunt in de film is haar onderdanige aanbidder Alain Souchon, die deze zelfde rol een jaar later ook zal spelen in “L’été meurtrier” van Jean Becker (waaruit bovenstaande foto komt).
Voor Adjani betekende dit de definitieve doorbraak, al is het wel merkwaardig dat ze een jaar eerder een zelfde gekwelde figuur neerzette in “Mortelle randonnée” van Claude Miller, maar dat ze hierin als een karikaturale figuur uit te voorschijn komt i.p.v. de doorleefde vertolking in “L’été meurtrier”. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de kwaliteit van de respectievelijke films als zodanig.
Als ze in 1988 de César krijgt als beste actrice voor haar prestatie in “Camille Claudel”, neemt ze de gelegenheid aan “coming out” te doen wat haar afkomst betreft (met haar Duits-Algerijnse afkomst moet ze zowat tot de twee meest gehate volkeren in Frankrijk behoren), maar tevens leest ze opzettelijk een passage uit de “Satanische Verzen” van Salman Rushdie voor om ook haar “roots” op een verkeerd been te zetten. Deze laatsten reageren niet of nauwelijks, maar de Franse roddelpers stort zich wel op haar: geruchten dat ze aids heeft, moet ze op televisie in aanwezigheid van een dokter komen tegenspreken. Ze ziet daar zo ontdaan van uit dat het bij de kijkers eerder als een bevestiging dan een ontkenning overkomt.
Nochtans waren er toch al voldoende precedenten: zowel Dalida als Claude François waren afkomstig van Egypte. En beiden mogen dan al een vroegtijdige dood gestorven zijn, met latent racisme had dit niets te maken. Dat is trouwens bij Adjani misschien ook wel het geval: het zijn eerder haar diva-capriolen die ervoor zorgden dat toen zij na vijf jaar afwezigheid t.g.v. “Toxic affair” (1993) de fameuze trappen van het festivalpaleis in Cannes besteeg, alle fotografen haar ostentatief de rug toekeerden.
“Toxic affair” was een ramp, maar de pers besloot dit met de mantel der liefde te bedekken, want de superproductie “La Reine Margot” stond reeds in de steigers en er diende opnieuw te worden samengewerkt. De vrede werd getekend en Isabelle Adjani was een en al vriendelijkheid, als een jaar later de film het festival van Cannes mag openen. Het is een typisch Frans superproduct (denk aan “Germinal” b.v.), d.w.z. de Fransen zelf kunnen er niet genoeg van krijgen, de rest van de wereld stond erbij en keek ernaar. Dat mocht echter niet beletten dat Adjani alweer de prijs voor de beste actrice kreeg. Ze heeft er echter wellicht niet veel plezier aan beleefd, want Daniel Day-Lewis had haar toen net laten zitten en dat op het moment dat ze zeven maanden zwanger was. Isabelle heeft dan al een tienerzoon van Bruno Nuytten (Barnaby).
Oorspronkelijk was “Diabolique” van Jeremiah Chechnik gepland als openingsfilm van het festival van Cannes 1996, maar Sharon Stone lag overhoop met de producer en weigerde promotie te voeren. En zonder Stone lustte de Festivaldirectie deze Amerikaanse remake van “Les Diaboliques” van Henri-Georges Clouzot uit 1954, waarin Vera Clouzot en Simone Signoret als resp. de vrouw en de minnares van Paul Meurisse op een bepaald moment de handen in elkaar slaan om hem te vermoorden, niet. Sharon Stone is nu de minnares en Isabelle Adjani de echtgenote. Zoals al haar Amerikaanse films (denk aan “Ishtar” en “The driver”) werd het voor Adjani een flop.
Na “Diabolique” zou Isabelle Adjani normaal moeten te zien geweest zijn in “The double”, losjes gebaseerd op een novelle van Dostojewski. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de hoofdrol zou worden vertolkt door John Travolta, die hiervoor een recordbedrag van 21 miljoen dollar (650 miljoen frank) zou uitbetaald krijgen. Maar op de set kreeg hij ruzie met regisseur Roman Polanski. Travolta ging uithuilen bij de Scientology Church en Polanski ging op zoek naar een vervanger. Toen hij Steve Martin vond, bedankte Isabelle Adjani op haar beurt (we kunnen haar geen ongelijk geven). Eerst werd nog Carole Bouquet als vervangster aangezocht, maar deze had net Juliette Binoche vervangen in “Lucie Aubrac” en wilde daar geen gewoonte van maken. Dan gooide Polanski zelf maar de handdoek in de ring.

Ronny De Schepper

(*) Ze heeft blijkbaar ooit over haar leeftijd gelogen, want nu – nu het allemaal wat minder belangrijk geworden is – blijkt ze van 1955 te zijn. Ze is dus amper vier jaar jonger dan ik!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.