Lucien Posman wordt zestig

De zestigste verjaardag van de Gentse componist Lucien Posman, op donderdag 22 maart e.k. om 20u in de Miryzaal van het Koninklijk Conservatorium, Hoogpoort 64 te Gent, wordt luister bijgezet door het kamerkoor AQUARIUS en een schare fantastische vocale en instrumentale solisten onder leiding van Marc De Smet.
Tijdens het concert zal een splinternieuwe CD voorgesteld worden; ‘Welcome Stranger’, bevat een greep uit zijn vocaal-instrumentaal werk van de laatste tien jaar. Het zou Lucien een eer en genoegen zijn u op dit concert te mogen begroeten en na afloop het glas te klinken.

Wie ongetwijfeld aanwezig was, was zijn broer Dré Posman van wijlen De Rode Pomp (zie aldaar) die ook het libretto schreef van Luciens opera “The adventures of Hercules Haché” (de Engelse vertaling, bedoeld voor een ruimere verspreiding, werd door een zus van hen beiden gemaakt). Dat Lucien Posman (ooit nog medewerker in Antwerpen van Nini Bulterys) vooral van vocaal werk gekend is, is te wijten aan het feit dat hij vroeger zelf zong. Zo heeft hij muziek geschreven op gedichten van William Blake en Hughues C.Pernath en ook opdrachtwerken voor het BRTN-koor. Maar op 28 mei 1996 werd in de Gentse Bijloke Festivalhal z’n eerste symfonie gecreëerd door het Symfonieorkest van Vlaanderen, geleid door Fabrice Bollon. Hijzelf noemt het “Symfonie 1” om er toch maar geen misverstanden over te laten bestaan dat het hier geen traditionele symfonie in vier delen betreft. Het is één lange beweging van vijftien à twintig minuten, afhankelijk van de dirigent, zoals hijzelf zegt, wat dus een afwijking van 25% inhoudt! De symfonie is geschreven voor een middelgrote bezetting (“anders wordt dat te duur voor zo’n orkest met allemaal free-lancers”) en staat in het teken van de draaglijke lichtheid van het bestaan en is dus niet in een “weerzinwekkende taal” geschreven, maar “licht tonaal”. “Men zou kunnen zeggen dat het tegen de heersende trend ingaat, maar anderzijds willen de meeste componisten nu juist weer de mensen in de zaal lokken, zonder toegevingen te doen uiteraard. In Nederland noemt men dit mensenmuziek.” De grote verrassing is een fluitsolo in het trage middendeel en al wordt die dan geblazen door de piccolospeler, hij gebruikt daarvoor geen instrument, maar z’n eigen lippen. “Eigenlijk zou ik het je niet mogen verklappen, want hij zal ook niet rechtstaan, zodat de mensen wellicht niet merken wie er fluit. Het is echter zeker niet komisch bedoeld, eerder weemoedig. Maar weemoed kan een zeer aangenaam gevoel zijn.” De creatie wordt traditiegetrouw als opener gebracht en dat vindt Lucien wel jammer, want eigenlijk moet men dan nog wennen aan de akoestiek.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s