De Muziekkrant

Het muziektijdschrift Tliedboek is nooit echt ter ziele gegaan. Toen op een bepaald moment folk en “luisterliederen” (muziek waarbij de tekst even belangrijk, zo niet belangrijker is dan de muziek, zeg maar) niet langer “en vogue” waren, werden de bladzijden meer en meer ingepalmd door popmuziek. Bruce Springsteen was op een bepaald moment even prominent aanwezig als vroeger Bob Dylan of Leonard Cohen. Ikzelf schreef twee lange bijdragen over Rod Stewart en zelfs over een oude swinger als Louis Prima. Dat zag een deel van de oude garde met lede ogen aan. Het tij kon echter niet meer worden gekeerd, dat beseften ze wel, maar in de jaren tachtig klom de zogenaamde klassieke of ernstige muziek eindelijk uit het diepe dal waarin ze in de jaren zestig was terecht gekomen. De beweging van de historische uitvoeringspraktijk maakte klassiek weer “hip”. Daarom werden er nieuwe medewerkers aangetrokken zoals Stephan Moens en werd er meteen een totaal nieuw blad uit de grond gestampt “De Muziekkrant”, een beetje naar het voorbeeld van “Le Monde de la Musique”. Fred Brouwers, eerder reeds een obscure medewerker van Tliedboek, kwam nu meer naar de voorgrond en ik weet niet of hij ook daadwerkelijk “hoofdredacteur” was, maar hij was toch “het gezicht” van De Muziekkrant. Zoals gezegd was de redactie van Tliedboek geruisloos overgegaan in die van De Muziekkrant, dus dat gold ook voor mijzelf, maar uiteindelijk heb ik nooit een bijdrage geleverd aan het tijdschrift, ook al werd mij dit een paar keer gevraagd. ’t Is niet dat ik niet wilde, maar ik kon nu mijn ei kwijt op de pagina’s van De Rode Vaan en het was dus niet langer “van moeten”. Ik heb voor De Rode Vaan wel een paar nummers van De Muziekkrant gerecenseerd.
Oh ja, wat de illustratie betreft. Ik heb op het internet geen enkele afbeelding gevonden van een voorpagina van De Muziekkrant en zelf heb ik er ook geen meer in mijn bezit. Maar bij de zoekopdracht “De Muziekkrant” kwam onder meer deze vuist in beeld en in afwachting van een betere illustratie vind ik het toch een leuk tijdsbeeld.

NUMMER VIJF
Het eerste nummer van de tweede jaargang van dit driemaandelijkse muziektijdschrift staat in het teken van de musical. Althans zo wil de redactie zelf het horen. Een beetje gek eigenlijk, want binnen de diversiteit van dit nummer valt het overwicht van dit genre niet op, wel de oppervlakkigheid van de artikels daaraan gewijd.
Het is gedeeltelijk ook een aanloop naar het volgende nummer dat in het teken van 150 jaar België zal staan. Niet alleen blijkt dit uit de benadering van de kindermusical « Spring », maar zo interpreteer ik ook de hulde aan de Belgische componist Vic Legley, wiens antimilitaristische compositie « Before endeavours fade » overigens de partituur-bijlage van de maand is. De eigenlijke huldiging van Legley vindt plaats op 2 februari en op dezelfde manier loopt ook het artikel over de jazz in België op de feiten (hier in casu een televisie-uitzending) vooruit.
Hetzelfde kunnen we zeggen van de voorpublicatie van fragmenten uit binnenkort te verschijnen boeken : « Geboeide klanken » van Konrad Boehmer en « De Amerikaanse repetitieve muziek » van Wim Mertens. Overigens alle twee van dezelfde uitgeverij, die dan ook met een advertentie-pagina wordt beloond.
Deze nieuwe aanpak van De Muziekkrant past o.i. beter bij het driemaandelijkse verschijnen, want in vorige jaargang waren sommige artikels dikwijls reeds in de dag- of weekbladpers uitgemolken.
Opmerkelijke bijdragen zijn er verder nog over muzak (van de werkgroep Muziek en Maatschappij), over Avro’s Top Pop (Johan Thielemans), het knippen en lassen van banden en de tachtigste verjaardag van DDR-zanger Ernst Busch. Ook het overzicht van de eerste jaargang is voor de lezer erg welkom. De popliefhebber moet het echter stellen met een artikel over de stokoude groep Renaissance en wat het zoveelste nietszeggende interview met Armand hier staat te doen, is ons ook een raadsel.
NUMMER ZES
Stilaan zijn onze lezers er reeds mee vertrouwd dat het driemaandelijkse tijdschrift « De Muziekkrant » telkens met een thema uitpakt. Dit zesde nummer echter het etiket « 150 jaar België » meegeven is een boude bewering die maar met een paar artikels kan worden gestaafd. Toch eist vooral de fameuze “Stomme van Portici”, de aandacht voor zich op en dat zowel in de originele versie van Auber als in de « bewerking » van het duo Blaute-Ertvelt (waarmee het naar het schijnt « niet zo goed » gaat). De gebruikelijke partituurbijlage is daaraan gewijd, zij het dat in het nummer zelf de liefhebbers van Bulgaarse volksmuziek op dat gebied ook aan hun trekken komen.
Zoals dikwijls het geval is, is het verder de lezersrubriek die het blad kleur geeft. Met duidelijke tegenzin drukken de makers van MK een lange brief af van Tliedboek-medewerker André De Bruyn, die in dit genre overigens meer kan boeien dan via zijn vaak zeer gespecialiseerde artikels. Het merkwaardige bestaat er nu in dat het precies ADB is die het blad een elitaire opstelling verwijt en het bijgevolg het recht ontzegt te teren op een « valse liaison » met TL.
En omdat we nu toch volop in de paradoxen zitten, voegen we daar dan maar meteen aan toe dat o.i. De Bruyn overschot van gelijk heeft. Dit nummer illustreert zijn stelling nog eens uitermate. Zo is het al van bij de aanvang duidelijk dat de pop-bijdragen van MK gewoon verkoopsargumenten zijn, met als gevolg o.a. een grote kwalitatieve discrepantie met de overige artikels. Als tweede voorbeeld mag het artikel over partituurvervalsingen gelden, dat mij als zodanig ten zeerste aansprak, maar waar men reeds onmiddellijk geconfronteerd wordt met gegevens waar de doorsnee geïnteresseerde lezer geen ene moer om geeft (b.v. referenties naar buitenlandse bibliotheeknummers). Voor mijn part is er geen enkel bezwaar tegen dergelijke op de spits gevoerde artikels in een specialistentijdschrift, maar dan moet men zich ook zo aandienen.
NUMMER ZEVEN
De eerste aflevering van de jaargang 1981 van « De Muziekkrant » is haast integraal gewijd aan diverse facetten van het klavier. Het spreekt vanzelf dat de artikels in zo’n geval over een zeer sterke aantrekkingskracht moeten beschikken om dat te kunnen waarmaken en dit is niet steeds het geval. Daarmee bedoelen we : voor de doorsneebelangstellende. Voor de betrokkenen daarentegen (vooral dan pianoleraren) is dit nummer gewoonweg een must.
Voor onze lezers raden we echter vooral de artikels over de aankoop van een piano aan, over de elektronische orgelklas en over de vervolgde Argentijnse pianist Miguel-Angel Estrella. Natuurlijk zullen er ook wel geïnteresseerden te vinden zijn voor het interview met componist Paul Beelaerts, en dichter Franz Peter Van Boxelaer, enz…
NUMMER TIEN
In het tiende nummer van “De Muziekkrant” worden de Brugse rockgroepen onder de loupe genomen. Dat houdt dus in dat Ivy and the Teachers, The Rag, Bad Lizard, Red Zebra en Crapule de Luxe (jaja van Bert De Coninck) de revue passeren.
Voor de rest komt ook het decreet Diegenant uitgebreid aan bod (25 % Nederlandstalig werk op de BRT), iets waarop wijzelf uiteraard ook nog eens zullen terugkomen, naast alweer een giftig artikel aan het adres van Miek en Roel (en als toemaatje ook dat van Madou en post mortem en boven alle goede smaak verheven ook dat van Louis Neefs) en een interview met Boudewijn De Groot. Verder veel over synthesizers en andere moeilijke toestanden als daar zijn : W.A.Mozart, Leo Verheyen, Edmond Saveniers en de muziek in Rwanda.
NUMMER DERTIEN
« Een beetje verliefd… » Wie had gedacht dat André Hazes er ooit zou voor zorgen dat de Zangeres Zonder Naam nog de voorpagina van de prestigieuze « Muziekkrant » zou halen ? (Krijgt ze dus toch nog zekere naam!) Naar aanleiding van het succes van Hazes is het hoofdartikel in het dertiende nummer immers gewijd aan « de grootsheid van de smartlap, pardon, het levenslied ». (Misschien wordt Simon Tahamata wel abonnee…). Uiteindelijk blijkt het artikel vooral bedoeld om de « Popdiashow 2 » te verkopen, maar wie zich daaraan stoort is een kniesoor. Wie overigens deze diashow wil inhuren, kan contact opnemen met de redactie van « De Muziekkrant ».
De al even omstreden Micheline Heyse vraagt zich een paar bladzijden verder af wat de noodzaak van de opera is, maar de vragen die zij oproept zullen blijkbaar heel wat tijd vergen om te worden beantwoord. In afwachting moeten we het stellen met lapidaire gezegden als « Dat overheidsgeld aan opera wordt uitgegeven, moet niet aangeklaagd worden, maar wel het feit dat overheidsgeld aangewend wordt om voor een elitair clubje dure groepsverzekeringen af te sluiten met premies van ongeveer 1 miljoen per jaar en per persoon, is wanbeheer waar niemand durft over te reppen ».
Jon Misselyn van zijn kant geeft een zeer persoonlijk overzicht van het Belgische popjaar 1981 (uit de formulering mag je inderdààd afleiden dat ik er niet mee akkoord ga), waarbij zijn uitgangspunt is : « Zoveel is zeker: de Belgische Rock heeft zich gehandhaafd in 1981. Er zijn tientallen elpees en ontzettend veel singles op de markt verschenen. Veel rommel maar ook veel lovenswaardig materiaal. De nieuwe groepen bleven als pisseblommen uit de grond schieten. De enen met meer succes dan de anderen. Drie uitschieters : TC Matic, The Bet en Crapule de Luxe. Deze laatste groep bestaat ondertussen al niet meer. Salonpopjournalisten die liever op hun luie gat in de zetel naar muziek luisteren, dan op de boer te gaan om nieuw talent te ontdekken, zijn voor een groot deel verantwoordelijk voor de vroege dood van één van Vlaanderens beloftes. Maar 1981 was vooral het TC Matic. Tot ons groot genoegen. » En tot groot genoegen van Guido Gezelle waarschijnlijk die uit een heel onverwachte hoek steun krijgt voor zijn West-Vlaams particularisme.
En verder zijn er de gebruikelijke kleine berichten en de even gebruikelijke aartsmoeilijke artikels die ik aan mijn grote broer Honoré Causa overlaat. Die is student bij prof. Bromtoone !
NUMMER ?
De nieuwe « Muziekkrant » besteedt aandacht aan het Festival van Vlaanderen, barokmuziek, Brecht-Eisler, ballet, maar ook aan disco. Ze verschijnt driemaandelijks en een abonnement kost 150 fr. (CJP 130). Storten op 434-7168441-48 van het Centrum voor Muziek vzw, Smaragdstraat 43, 1850 Grimbergen.
Medewerker van « De Muziekkrant » en gewezen hoofdredacteur van het in DM opgegane Tliedboek, Miel Appel-mans, heeft nu de vzw folkcorner Den Appel uit de grond gestampt. Als u er meer wil over vernemen bel of schrijf je naar : Miel Appelmans, Termolenhoflaan 62, 1730 Zellik, 02-465.38.76.

Referentie
Ronny De Schepper, Zangeres krijgt naam, De Rode Vaan nr.8 van 1982

4 gedachtes over “De Muziekkrant

  1. Ronny,

    Het is niet omdat ik niet op uw recente artikels op het net reageer dat ik ze niet lees.

    Ik las zopas stukje over De Muziekkrant. Ik herinner mij niet of jij op de finale tLiedboek vergadering was bij mij thuis toen ik nog op de Coupure woonde?

    Aangezien niemand het hoofdredacteurschap wou opnemen na het ontslag van Appelmans werd na bitsige woorden, vooral omdat de vergadering het niet zag zitten om Tliedboek te laten overgaan in De Muziekkrant, was de conclusie van de vergadering (na stemming) dat tLiedboek NIET zou overgaan in De Muziekkrant, maar dat ik (tegen mijn zin) zou uitzoeken of het mogelijk is om op een acceptabele manier tLiedboek voort te zetten en dat ik tijdelijk een nummer zou uitgeven in afwachting van een definitieve beslissing. Toen daags nadien bleek dat er al een perscommuniqué was rondgestuurd waarin Brouwers meldde dat TL opgehouden was te bestaan en overgegaan was in De Muziekkrant, en de “belangrijke” redacteurs Johan Thielemans (niet waar), Miel Appelmans (speciaal geval), Fred Brouwers (een schoolmeester in een instituut voor debielen die wat anders wou en droomde van een artiestenbureau en tLiedboek misbruikte om een stukje te schrijven elk van de twee artiesten die hij kon strikken en droomde om hoofdredacteur te worden van een muziekblad) en Stephan Moens (waar die plots uitkwam en zich stemrecht permitteerde, weet ik niet) zouden meegaan. Dat bericht is ook in de pers gekomen (kranten, radio). Ik heb dan ook meteen de handdoek in de ring geworpen en Appelmans gebeld. Aangezien hij en Brouwers zich niet wilden neerleggen bij het resultaat van een democratische stemming hij er zijn plan kon mee trekken.

    Behalve Appelmans die af en toe een vertaling van een liedjestekst in zijn klas opstuurde naar De Muziekkrant, heeft niemand van de tLiedboek redacteurs ooit in dat pretentieus Klara shitblad iets gepubliceerd. Verscheidene redacteurs zijn met mij meegegaan naar Audio-Visueel (William Ploegaert, ook Marc Van de Velde en Guy Lambrechts). In ruil voor het adressenbestand (wat een bedrog)van tLiedboekabonnees heeft De Muziekkrant de eigendommen van tLiedboek en geld gekregen (ik meen 30.000 oude BEF)

    De Muziekkrant (ondanks geld van tLiedboek en subsidies) heeft maar bestaan tot het moment kwam dat de abonnementen moesten vernieuwd worden. Wat nauwelijks iemand deed. Wie wil nu geld geven voor een hoop Brouwers onzin?

    Like

    1. Dag André,
      Nee, ik was niét aanwezig op die laatste en blijkbaar zeer belangrijke vergadering van TL. Ik was bijgevolg tot op heden ook niet op de hoogte van wat daar allemaal heeft plaatsgevonden. Dus hartelijk dank voor deze verhelderende bijdrage.

      Like

  2. Ronny
    Mag ik nog iets toevoegen.
    1) Johan Thielemans, de sleutelfiguur van tLiedboek, heeft op die bewuste vergadering voor een mogelijke voortzetting van tLiedboek gestemd, en niet voor overgang naar De Muziekkrant zoals zij beweren.
    2) Wat op het internet door Muziekarchief geschreven wordt over het einde van tLiedboek en de overgang naar De Muziekkrant is pure zwans, te zot om los te lopen. Zeker dat gezeik over de schulden van tLiedboek. Na de Brusselse periode was er een schuld van 120.000 oude BEF. Het strekt Appelmans tot eer dat hij via verkoop van o.a. promotieplaten de schuld volledig heeft afgelost en omgezet heeft tot winst (ong. 30.000 oude BEF) heeft omgezet. Als Muziekarchief schrijft dat De Muziekkrant de schulden van tLiedboek heeft overgenomen, dan is dat een flagrante leugen. Ik heb Muziekarchief daar via 2 mails op gewezen, echter zonder antwoord noch rechtzetting. Als mijn informatie juist is zou de mysterieuze naamloze auteur van die hoop onzin Pol Van Mossevelde zijn.
    3) De afwikkeling van de zaak tLiedboek-De Muziekkrant is een persoonlijk initiatief geweest van Appelmans en Brouwers, waarbij de complete tLiedboekredactie buiten spel werd gezet.

    Conclusie: Ronny, U heeft overschot van gelijk, tLiedboek is nooit opgegaan in Muziekkrant.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.