Mijn twijfel is nog steeds niet helemaal verdwenen. Zou hij aandelen bezitten in de zoutwinning van het Aralmeer in Kazachstan of het Turkanameer in Kenia, en de zoutmijnen te Bochnia in Polen? Ik ben er in ieder geval van overtuigd dat had hij in de zestiger jaren zijn rubriek dagelijks op televisie kunnen brengen, we toen niet met die gigantische boterberg hadden gezeten, het overschot dat de politiek noopte tot de idiote idee van lancering van de ‘kerstboter’. Maar gezien hij geboren is in 1978, heeft hij dat niet mogen beleven, hoe euforisch zou hij geweest zijn! Toegegeven, inmiddels hanteert hij ter compensatie vlotjes de flessen olie, in alle soorten – zonder evenwel te verzuimen nog steeds een ferme kluit van zijn geliefd zuivelproduct in pot of pan te kwakken. Dat belet mij niet, en met mij vele anderen, een fan te zijn van het programma dat ons nu al tien jaar voorspiegelt dat koken een koud kunstje is (al heb je wel vuren en een oven nodig). ‘Dagelijkse kost’ (foto YouTube)

Al zijn die gerechten nu werkelijk niet steeds zo ordinair dagelijks – hij springt graag uit de band, onze vriend Jeroen Meus. Zijn liefde voor zuiderse invloeden, voor de oriëntaalse keuken, zij sijpelt vaak door. Boerenworst met bloemkool, geen nood, hij voegt er wel kurkuma, komijn, kardemom, kaneel, koriander, trassi, pepers, en look natuurlijk, veel look aan toe. Oh, ik vergat bijna de curry! Met spanning kijk ik uit naar de dag dat hij bij de citroentaart twee teentjes knoflook plet. Alle gekheid, die recepten van Jeroen zijn best bruikbaar, meestal niet te moeilijk, hij legt het duidelijk uit, strooit tussendoor met handige tips en weetjes. Ze worden dus veel gebruikt in de Vlaamse (en blijkbaar ook Nederlandse) keukens. Getuige ook de verkoop van de reeks kookboeken die aan de uitzendingen verbonden zijn – een hoogvlieger op de Boekenbeurs indien zij nog bestaat, te koop in de betere en alle andere boekhandels, in de hemel, op aarde en op alle plaatsen. 

Zelf ben ik geen kok, zelfs geen hobbykok. Een ei bakken, dat wil nog lukken. Spaghetti koken. Verder ben ik een dankbaar eter van wat men mij voorschotelt. In geval van nood slaag ik er in water aan de kook te brengen voor een potje Aïki noedels. De microgolf kan ik ook bedienen, dus zo’n prefab maaltijd op de min of meer correcte temperatuur verorberen, dat lukt me ook nog wel eens op een geluksdag. Maar in theorie heb ik mijn weetje! Veel heb ik reeds geleerd van de heer Meus. In mijn hoofd schuilt inmiddels een volleerde kok die kan koken, bakken en braden. In mijn hoofd schuilen twee diploma’s, eentje van Ter Duinen uit Koksijde, de school van Meus, het andere behaald in Brugge bij Spermalie. Maar een aardappel schillen? Een wortel raspen? Indien ik dat zou wagen had ik nu vast nog slechts twee duimen in de aanbieding. Een mooie meid, een heek in de pan slingeren? Tortellini zelf maken? Waar moet ik doppio-zerobloem vinden in mijn voorraadkast?

Hoe dan ook ik mag hem graag bezig zien. En horen. Wat hij vertelt over het voedsel en het koken – hoe hij geniet van ingrediënten en resultaat. En zijn woordgrapjes – toegegeven, ze zijn niet altijd van hoog intellectueel niveau maar zo tussen pot en pan… Bovendien schuwt hij enige smalltalk niet. Over zijn verleden, jeugd (culinair en ander, met al eens een verwijzing naar wat hij voorgeschoteld kreeg, of naar zijn opleiding – er klinkt soms zelfs weemoed door in de vrolijke twintig minuten Kost). Over zijn gezin praat hij ook graag. Vooral zijn zoontje Georges die ook wel eens – net als de honden – lijfelijk aanwezig mag zijn, is een dankbaar onderwerp. Papa Meus verhaalt graag wat zoonlief deed, vertelde, uit welk boek hij hem gisteren voorlas.

Soms is er, terwijl de soep pruttelt of de patatjes gaar worden daar in het pand aan de Schrijnmakersstraat te Leuven, tijd om de post te openen, een cadeautje van een enthousiaste kijker te bestuderen, een leverancier te ontvangen. Het geeft schwung aan het programma, het is meer dan een kookrubriek – het wordt een magazine. Met ook letterlijk een venster op de wereld: wuivende mensen op straat die op een groet terug mogen rekenen. Soms gaat de camera de straat op, registreert de man in die straat die al eens, zoals de student van de overkant, meegeniet van de culinaire probeersels van Jeroen.

Alom tegenwoordig is de muziek, vaak nadrukkelijk en bewust. De presentator speelt er graag op in, neuriet, legt verbanden, vertelt, en vraagt info aan…? Inderdaad aan de steeds meer aanwezige maar ook bewust afwezige Katrien. Reeds sedert jaren zijn regisseur. En langzaam ook de onzichtbare, intieme gesprekspartner. Beetje mysterieus – weigert in beeld te komen. Tot zij zich tot liet verschalken. Op 29 mei 2019 toen zij een boeket in ontvangst nam, jarig. Veel kregen we trouwens niet te zien van deze Kathrijn Cops die ook tekende voor o.m. ‘De rechtbank’, ‘De ideale wereld’, ‘Man bijt hond’. Ze halen herinneringen op, zij en Jeroen. Hoezo? Bevriend sedert hun acht jaar, ze woonden in dezelfde straat, gingen naar dezelfde lagere school. Dat schept een band. Dat creëert nu leuke, grappige dialogen; zij mag al eens iets suggereren, goedkeurend mompelen, likkebaarden, en waarschijnlijk aanschuiven want wie verorbert al dat lekkers?

En wie doet de afwas want al suggereert Meusje dat hij daarvoor instaat, ik heb mijn twijfels. Voor mij hoeft hij de schotels niet te wassen, het volstaat dat hij hen vult. Ik blijf fan. Van ‘Dagelijkse kost’ en van bezige bij Jeroen Meus. Met zijn palmares, ‘De snelle hap’, ‘Met Meus en vork’, de reeks ‘Plat préféré’ waar hij ter plekke de favoriete gerechten van beroemdheden ging koken, van Hitchcock over Jimi Hendrix tot Marlène Dietrich, Marlon Brando en vele andere… een wereldreis. Dan was er ook nog ‘De Patat’, over de geschiedenis van de aardappel. En ‘Goed Volk’, daar ging hij op bezoek bij een aantal bijzondere gemeenschappen, op zoek naar hun culinaire eigenheid, kookte er ook… Terwijl hij zich inmiddels zelfs opwerpt als kundig en vrolijk quizmaster in het zondagse ‘Twee tot de zesde macht’. Alleen een hotdogrestaurant blijkt niet meer aan hem besteed. Een naam als ‘Würst’, dat was er om vragen natuurlijk! Tien jaren ‘Dagelijkse kost’, in die gezellig ogende keuken of in de vakantiemaanden soms op verplaatsing – onze kust, een jeugdkamp, maar het mag ook frivoler in hotel Poseidon Playa te Benidorm of pittoresk in het kleine Catalaanse stadje Palafrugell. Hij weet van wanten, onze Jeroen. 

Johan de Belie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.