De Afro-Amerikaanse jazzpianist en zanger Nat King Cole werd op het podium van een theater in Birmingham, Alabama, gewelddadig aangevallen door leden van de “White Citizens’ Council”. De racistische groepering protesteerde tegen het concert van Nat King Cole en zijn muziek, die zij als “barbaarse muziek” beschouwden. Het overwegend blanke publiek schoot de jazzmuzikant niet te hulp. (Alcide)
Als men echter één ding niet kan beweren van Nat King Cole dan is het juist dat hij “barbaarse muziek” zou brengen. Integendeel, in de jaren 1956-1957 heeft hij als eerste zwarte Amerikaan een eigen wekelijkse televisieshow bij NBC, juist omdat hij de eerste zwarte zanger was, die met zijn ballades werd geaccepteerd door een blank publiek. Het probleem met Cole was juist dat hij eigenlijk blanke muziek bracht. Toch was dit een noodzakelijke voorwaarde om uit de ghetto’s te breken. Desondanks wordt de show opgedoekt omdat met name de sponsors afhaakten.
Nat King Cole had het ook reeds eerder aan de stok gehad met racisten. Wanneer hij in 1948 als eerste zwarte Amerikaan een huis koopt in de blanke buurt Hancock Park in Los Angeles b.v., weten de buren hem te vertellen dat ze geen “ongewensten” in de buurt willen. Cole antwoordt: “Ik ook niet. En als ik een ongewenst iemand zie komen, ben ik de eerste die klaagt.” Maar grappen zijn aan racisten uiteraard niet besteed: ze vermoorden zijn hond en in zijn grasveld branden ze het woord “negro”. Het proces dat Nat King Cole tegen hen voert, is historisch belangrijk. En ook het feit dat hij het wint natuurlijk.
Ronny De Schepper