Negentig jaar geleden overleed Irving Thalberg onverwacht aan een longontsteking. Enkele jaren eerder was hij nog de machtigste man in Hollywood (vandaar trouwens dat hij model stond voor “The last tycoon” van Scott Fitzgerald), maar op dat moment lag hij al enkele jaren overhoop met Louis B.Mayer, zodat ook de carrière van zijn weduwe Norma Shearer gehypotheceerd werd.
Veel acteurs en crewleden beweren trouwens dat Shearer haar bekendheid had te danken aan Thalberg, die haar altijd als eerste rollen aanbood voordat anderen deze kans kregen. Ze zijn getrouwd in 1927 en kregen samen twee kinderen.
Thalberg werd geboren als zoon van joodse ouders, die Duitse immigranten waren. Als kind kreeg hij net als ik acuut kinderreuma, met als resultaat dat hij een zwak hart had. Na zijn schooldiploma, kreeg hij een baan in een van de kantoren van de filmstudio Universal Pictures. Daar werkte hij in dienst van filmpionier Carl Laemmle. Binnen enkele jaren werkte hij zich op naar de top, en al op 21-jarige leeftijd was hij de belangrijkste producent van de studio. In 1924 verliet Thalberg Universal om te werken voor de studio van Louis B. Mayer. Thalberg groeide uit tot een van de machtigste mannen van Metro-Goldwyn-Mayer, geheel tot ongenoegen van Mayer. Toen hij in 1932 een hartaanval kreeg, verving Mayer hem door zijn schoonzoon David O.Selznick. Thalberg keerde in 1933 terug naar de filmindustrie maar wist niet meer het aanzien te verwerven dat hij voorheen had. En dat werd nog erger toen hij Mayer had afgeraden de rechten te kopen voor “Gone with the wind”, zodat David O.Selznick die in 1936 zijn eigen productiemaatschappij had opgericht, Selznick International Pictures. “In opdracht van MGM kocht Irving Thalberg in 1936 de rechten op Helen Jeromes toneelbewerking van Pride and Prejudice. Jane Austens originele roman was toen al in het publieke domein, dus Jeromes werk was de enige versie van het verhaal waarop auteursrecht rustte. Thalbergs vriend,
Harpo Marx, suggereerde de aankoop nadat hij Jeromes toneelstuk had gezien. De studio betaalde Jerome vijftigduizend dollar voor de rechten op het stuk,” aldus the Internet Movie Database, maar datzelfde jaar werd ook “Miss Elizabeth Bennet” gepubliceerd, de adaptatie door Alan Alexander Milne. Akkoord, misschien net te laat, maar anderzijds worden toneelstukken vaak gepubliceerd nadat ze reeds werden opgevoerd, dus ik denk dat Milne toch in aanmerking kon komen als auteur. In 1936 zou de voorbereiding voor de verfilming van “Pride and Prejudice” van start gaan, onder leiding van Irving Thalberg, met zijn vrouw Norma Shearer als Elizabeth Bennett en Clark Gable als Darcy. De voorbereiding werd echter stopgezet na het overlijden van Thalberg. In zekere zin stierf Thalberg net op tijd, want hij was zo anticommunistisch dat hij – als jood! – sympathieën begon te vertonen voor het nazisme.
Ronny De Schepper
Selectieve bibliografie
Peter Bogdanovich, Who the devil made it, New York, Knopf, 1997.
I.G.Edmonds & Reiko Mimura, Paramount Pictures and the people who made them.
“Feux croisés. Le cinéma américain vu par ses auteurs (1946-1997)”, Institut Lumière/Actes Sud, 1997.
Leslie Halliwell, Mountain of dreams, the golden years of Paramount Pictures.
Roy Pickard, The Hollywood Studios.