Jef Anthierens (1925-1999)

110442709-jef-anthierens-de-bidsprinkhanen-kijkgatpaperback-43Het is vandaag al vijftien jaar geleden dat Jef Anthierens, de oudste telg uit de Anthierens-journalistendynastie, is overleden.

Jef Anthierens studeerde Germaanse filologie aan de Katholieke Universiteit Leuven en werkte na zijn studies als bediende in een papierbedrijf. Even waagde hij zijn kansen in de filmwereld, maar stapte tenslotte over naar de journalistiek.
Begin jaren vijftig werd Anthierens hoofdredacteur voor Humoradio, de Vlaamse versie van het populaire weekblad Moustique. Het blad bevatte toen een gedetailleerd overzicht van de radioprogramma’s, feuilletons, moppen en cartoons getekend door Morris, de tekenaar van Lucky Luke.
Toen Anthierens voor het blad begon, had Paul Dupuis de macht over de drukkerij, terwijl zijn broer Charles de redactie verzorgde en de Nederlandse vertaling door zijn zwager, de ingetrouwde Nederlander René Matthews. Anthierens werkte er nog maar net toen het bedrijf van Marcinelle naar de Centrumgalerij in Brussel verhuisde, waar de sfeer veel bruisender was. De Nederlander Jan Kuypers zorgde toen voor de Nederlandse vertaling van hun weekbladen.
Anthierens werd spoedig een van de meest actieve journalisten voor het blad. Hij reisde de wereld rond, wat voor Vlaamse journalisten in die jaren nog uitzonderlijk was, en maakte naam met een reeks over vliegende schotels. Deze reeks zorgde dat hij gevraagd werd voor talloze lezingen en ook professor John Van Waterschoots aandacht trok. Van Waterschoot vond deze artikels zo interessant dat hij ufoloog werd.
Vanwege zijn succes werd Anthierens tot hoofdredacteur van Humoradio benoemd. In deze functie introduceerde hij rubrieken die vandaag nog steeds in Humo staan: de brievenrubriek Open Venster en de televisiekritiek Dwarskijker, die toen nog door Willy Courteaux werd verzorgd. Ook het grote interview van de week, Humo sprak met… werd door Anthierens bedacht en maakte meteen een grote start via de interviews met minister Renaat Van Elslande en auteur Hugo Claus. Anthierens zorgde ervoor dat Humo uitgroeide tot een volwaardig blad dat niet zuiver een flauw doorslagje van Moustique was. Ook kortte hij in 1958 de naam van het blad in tot Humo. Jef Anthierens zelf schreef toen onder een schuilnaam voor het blad Links, dat de linkerzijde van de BSP vertegenwoordigde. Hij was b.v. bevriend met Patrice Lumumba. Jef Anthierens neemt ook zijn broers Karel en Johan in dienst, deze laatste oorspronkelijk als lay-outer!
Hij legde zelfs de basis van de rock’n’roll-reputatie van Humo door artikels rond dit muziekgenre toe te staan en achteraan in het blad hitteksten af te drukken. Onder het pseudoniem Bert Brem schreef hij een biografie over Elvis Presley. Voor die tijd gevoelige thema’s als homoseksualiteit werden bespreekbaar gemaakt en de wijze waarop het standaard Nederlands werd gehanteerd werd spoedig ook door andere bladen overgenomen.
In die tijd kreeg Anthierens twee keer een cameorolletje in de stripreeks Nero door Marc Sleen. In De Groene Patreel (1961) is hij gecast als Jozef, de eerste minister van Bosfora, die de koning probeert te vermoorden. Als Nero weer thuis is en niemand gelooft dat hij naar Bosfora is gereisd klampt hij op straat een man die op Jozef lijkt. Deze man ontkent echter premier van Bosfora te zijn geweest en zegt boos tegen Nero dat hij “alleen maar in een weekblad schrijft” (strook 158-160). In Het Lodderhoofd (1961-1962) zien we hem aan een tafel terwijl iemand hem vertelt dat Nero 5 miljoen heeft gekregen (strook 20).
Dupuis was zo tevreden over zijn werk dat Anthierens tot algemeen hoofdredacteur werd benoemd, waardoor hij ook baas werd van de Franstalige publicaties. Eind jaren ’60 besloot hij echter hoofdredacteur te worden van de weekbladen Panorama, De Post, Spectator, Sportmagazine en hij gaf in 1976 het boek “De bidsprinkhanen” uit bij de uitgeverij van Walter Soethoudt. Anthierens verloor echter veel van zijn werkvreugde en dreef op politiek vlak steeds meer af naar extreemrechts. Zo begon hij voor het blad ’t Pallieterke te werken en de pro-apartheidsvereniging Protea. In die hoedanigheid was hij ook te gast in de « Ronde Tafel » van Jan van Rompaey (Omroep Brabant), waarover ik hem op de hak nam in de minibrokjes van De Rode Vaan nr.44 van 1981:
“Nadat hij reeds een uur lang de tijd had gekregen demagogische praat rond te strooien over gastarbeiders e.d. mocht Jef Anthierens zondagnamiddag in de « Ronde Tafel » van Jan van Rompaey (Omroep Brabant) ook nog zijn mening geven over de betoging die op dat moment ging beginnen. En hier stapte de oudste van de Anthierens-stam af van zijn halve waarheden om maar meteen hele leugens te verkopen. Zo was de betoging uitsluitend tegen de NAVO gericht, aldus Anthierens en niet tegen de SS-20. Niemand van de andere genodigden sprak hem hierbij tegen. We kennen de heer Anthierens natuurlijk al lang. Van « ’t Pallieterke » o.m. Maar door van Rompaey was hij uitgenodigd als hoofdredacteur van « Spectator », een blad uitgegeven door het ACW. Het ACW dat zich op dat moment, nota bene, opmaakte om op te stappen in een betoging waarin Anthierens « het niet waagde zich te vertonen ». Dat de heer Anthierens elke dag een communist tussen zijn boterham legt, is zijn zaak, of de christelijke arbeidersbeweging dit ook zal blijven slikken is echter een ander paar mouwen!”
Jef Anthierens leidde in de jaren tachtig ook het tijdschrift Eos, maar vond tenslotte enkel nog plezier in de publicatie van diverse handboeken, zoals een Nederlands synoniemenwoordenboek. Hij heeft ook tien jaar voor de Vlaamse televisie gewerkt. Zo zat hij in het selectiecomité dat me aanvaardde als kandidaat voor de filmquiz Retroscoop. Bij mijn hobby’s had ik ook “politiek” opgegeven en bij het interview pikte Anthierens daar onmiddellijk op in. Ik begon direct met te zeggen: “Ik weet wel wie je bent, hoor mijnheer Anthierens…” en dan de oprispingen die ik zes jaar later dus ook in De Rode Vaan nog eens zou ventileren. Nu, het dient gezegd dat Anthierens daar goed mee omging. Hij vond me blijkbaar grappig of hij vond dat ik wel haar op mijn tanden had (de twee interpretaties zijn mogelijk) en bood me zowaar zelfs een job aan bij… “Libelle”. Het moet ongeveer de enige jobaanbieding in de journalistiek zijn, waarop ik niét ben ingegaan. Ik ben wel degelijk ooit ook bij “Spectator” gaan solliciteren (met mijn artikel over cajun), maar daar was toen nog een andere hoofdredacteur (ik ben zijn naam vergeten). Deze stond overigens positief tegenover mij, maar hij belde (in mijn aanwezigheid) met zijn popmedewerker Wilfried De Vijver, die mij kende van bij Tliedboek. Wat die aan de telefoon allemaal heeft verteld, weet ik niet, maar uiteindelijk werd ik niet aangenomen…
Jef Anthierens overleed op 74-jarige leeftijd in het Brusselse AZ-ziekenhuis aan een hersenbloeding, die hij twee weken eerder in Spanje had gekregen. (Met dank aan Wikipedia)

P.S. Jef Anthierens is zo weer typisch iemand die door het internet totaal vergeten is, toch wat foto’s aangaat. Vandaar dat ik het moet stellen met een tweedehandsaanbieding van zijn boek “Bidsprinkhanen”. Wie mij dus een foto kan bezorgen, zal ik zeer dankbaar zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.