Michael Douglas wordt zeventig…

Michael Douglas viert vandaag zijn zeventigste verjaardag, terwijl zijn vrouw Catherine Zeta-Jones vandaag exact 45 wordt. Douglas heeft zichzelf ooit nog laten behandelen voor een seksverslaving. Dat zal dan nu zo stilaan wel niet meer nodig zijn, veronderstel ik…

Mijn eerste kennismaking met de zoon van Kirk Douglas dateert van uit de tijd dat hij de avonturenfilm “Romancing the stone” produceerde en er tevens de hoofdrol in vertolkte (amper een jaar later zou de scenariste Diane Thomas op 39-jarige leeftijd overlijden). Als producer had hij dan al de volgende films op zijn naam staan: One flew over the cuckoo’s nest en China syndrome (in deze laatste film speelde hij ook al mee). Onder andere The Jewel of the Nile, Flatliners en Made in America zouden nog volgen.
En als acteur was hij daarna nog te zien in Fatal Attraction, Wall street, Black rain, The war of the Roses, Shining through, Basic instinct en Falling down. In laatstgenoemde film van Joel Schumacher, maakt een politieman (Robert Duvall) die liefst administratieve klussen klaart, jacht op een man D-Fens, alias Michael Douglas, een doorsnee burger eigenlijk die doorslaat omwille van de egoïstische, gewelddadige, opdringerige maatschappij waarin we leven. Het jammere is alleen dat op het einde blijkt dat hij toch niet zo “doorsnee” is als op het eerste gezicht wordt verondersteld. Hij is b.v. ooit al eens doorgeslagen en mag o.a. daarom niet meer in de nabijheid van zijn vrouw (Barbara Hershey) en zijn dochtertje komen.
Daarna was Douglas te zien in “Disclosure”. Het thema van dit boek is een carrièrevrouw (Demi Moore, die werd verkozen boven Geena Davis) die een mannelijk personeelslid seksueel mishandelt. “Disclosure” is een film van Michael Crichton, pardon van Barry Levinson, maar het is haast onmogelijk om de verdiensten van de schrijver (na “Jurassic park” en “Rising sun”) niet hoger in te schatten dan die van de regisseur, ook al is dat dan de man van “Rain man” en “Good morning Vietnam”. Deze keer loopt hij echter een beetje verloren in de “virtual reality”, die een belangrijk gegeven is in de subplot. Ondanks de artificiële gekunsteldheid is deze dan nog te verkiezen boven het “normale” decor van Neil Spisak, waarin deze “computerthriller” zich afspeelt. Binnen deze kilheid loopt Michael Douglas een beetje verloren (wat ook min of meer de bedoeling is), terwijl zijn tegenstandster Demi Moore (het gaat eigenlijk over seksuele handtastelijkheden op het werk, maar dan met een omgekeerd rollenpatroon) en vooral een uitstekende Donald Sutherland zich hier kiplekker voelen.
Michael Douglas was daarna te zien in “The American President” van Rob Reiner, naast Annette Bening, Martin Sheen en Michael J.Fox. Een feelgood-movie die volgens Barry Norman bijna van Frank Capra-kwaliteit is.
In 1996 was Michael Douglas dan te zien in een film van Renny Harlin: “Cutthroat island”, een piratenfilm, en een jaar later in “The game” van David Fincher. Eigenlijk een vergezocht plot waaraan ik normaal geen aandacht zou besteden, ware het niet dat het einde toch ontzettend flauw is. Maar… in de film zelf wordt een heel ander einde gesuggereerd. Het “vergezochte plot” slaat op een “realityspel” voor rijkelui die alles al hebben, dus wat kun je ze nog als verjaardagsgeschenk geven dan een “ander” leven? Een deel van het plot is dan ook dat de “gevierde” (Michael Douglas dus) op een bepaald moment denkt dat hij al zijn geld kwijt is. Om dit te checken belt hij op een bepaald moment vanuit zijn auto naar de Allgemeine Bank in Zürich. Zoals dit inderdaad het geval is, kan hij zijn saldo inkijken (“horen” dus eigenlijk) nadat hij een code heeft opgegeven. Het vrouwelijke hoofdpersonage, dat mee in het complot zit (gespeeld door Deborah Kara Unger) en die op dat moment naast hem in de wagen zit, zie je heel duidelijk de oren spitsen. Onderliggende boodschap van regisseur Fincher en scenaristen John D.Brancato en Michael Ferris: ze leert de code van buiten. Goed, we switchen opnieuw naar dat flauwe einde. Dan blijkt dat Unger de festiviteiten vroegtijdig verlaat “voor een nieuwe opdracht in Australië”. Douglas gaat haar natuurlijk achterna, want hij is uiteraard verliefd op haar geworden. Maar met de flauwe afspraak om samen eens “een koffietje te drinken” rijdt Unger weg en eindigt de film. Nu lijkt mij (én mijn vrouw, moet ik er eerlijkheidshalve aan toevoegen) dat dit niet het oorspronkelijke einde is. Veel aantrekkelijker zou geweest zijn dat we met een slotbeeld door krijgen dat ze er uiteindelijk toch nog met zijn geld vandoor gaat. Is het nu echt te vergezocht om te denken dat de Hollywood-bonzen dit oorspronkelijke einde hebben geschrapt, omdat de kijker een happy end zou verkiezen?
Een jaar later was Michael Douglas te zien in “A perfect murder” van Andrew Davis. This was a very liberal remake of Alfred Hitchcock thriller Dial M for Murder (1954) based on a play by Frederick Knott, the first of two Alfred Hitchcock remakes that Viggo Mortensen is in, the second one being Psycho. They were also both released in the same year. Besides, many of the artworks featured in this film are Mortensen’s own. Het grappige is dat David Suchet de detective is die de zaak moet oplossen. Gelukkig niet als Poirot, maar wel als Mo (evenwel niet die uit “Thuis”). It’s also one of three movies where Michael Douglas’ character works in Wall Street. The other two being Wall Street (1987) and Money Never Sleeps (2010) where he plays Gordon Gekko, a ruthless stockbroker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s