The Pirates of the Caribbean

08 keith richards and johnny deppToen de eerste geruchten over een mogelijke film van de gelijknamige Disney-attractie in 2002 rondgingen, zagen velen dit slechts als een promotiestunt van een van haar attracties. Bovendien waren eerdere piratenfilms als Pirates of Cutthroat Island en films gebaseerd op Disney-attracties als The Country Bears in het verleden geen groot succes. Toch werd Pirates of the Caribbean: The Curse of the Black Pearl, met Johnny Depp als Jack Sparrow, op 9 juli 2003 uitgebracht en bracht wereldwijd 653 miljoen dollar op. Dit succes leidde tot de productie van drie sequels met dezelfde bezetting. Pirates of the Caribbean: Dead Man’s Chest werd in juli 2006 uitgebracht en brak al snel diverse records. Pirates of the Caribbean: At World’s End, de derde film, werd gelijktijdig met Dead Man’s Chest geproduceerd en werd eind mei 2007 uitgebracht. Keith Richards speelt hierin een kleine rol als Kapitein Teague, de vader van Jack Sparrow (foto). In september 2008 tekende Johnny Depp voor een vierde deel in de Pirates of the Caribbean-reeks, genaamd Pirates of the Caribbean: On Stranger Tides. Deze film werd uitgebracht op 20 mei 2011.

Reeds twintig jaar geleden wilde John McTiernan (“Die hard”, “The hunt for Red October”, “Last Action Hero”) een remake van “Captain Blood” draaien, de legendarische film van Michael Curtiz uit 1935, waarmee Errol Flynn een legende werd. Bij hem zou Alec Baldwin de hoofdrol vertolken. Ondanks het feit dat McTiernan zowat “gespecialiseerd” is in remakes (“The Thomas Crown Affair”, “Rollerball”) ging dit project echter niet door.
In het origineel wordt de Ierse dokter Peter Blood (Errol Flynn) onterecht tot slavernij veroordeeld wegens verraad. Hij trekt de aandacht van de mooie Arabella Bishop (Olivia de Havilland), die hem voor amper 10 pond koopt. Tijdens een aanval van het Spaanse leger weet hij met enkele medegevangenen te ontsnappen. Hij verovert een Spaans schip en stort zich in de piraterij. De klassieker sleepte destijds vijf Oscarnominaties in de wacht, waaronder die voor Beste Film.
Met de Renaissance was een nieuw soort huurling ten tonele verschenen: de piraat. In ruil voor een commissiebrief of een wraakbrief, mocht de piraat schepen beroven en doen zinken van een land dat zijn werkgever van dat ogenblik had aangeduid. De realiteit stond dus ver af van de knappe, romantische moedige kapitein die zoveel roem vergaarde in de films van Hollywood, zoals “The princess and the pirate” (David Butler, 1944), “The crimson pirate” (Robert Siodmak, 1952) en “Blackbeard the pirate” (Raoul Walsh, 1952). Deze laatste film kreeg een aangepaste (en, toegegeven, erg grappige) kinderversie bij de Walt Disneystudio’s. In “The crimson pirate” vertolkte Burt Lancaster trouwens de hoofdrol samen met zijn collega Nick Cravat, met wie hij oorspronkelijk was begonnen in het circus als het acrobatenduo “Lang and Cravat”.
Om op het Festival van Cannes 1986 “Pirates” te promoten ligt een replica van een 17de‑eeuws Spaans galeischip in de oude haven gemeerd. De boot zal langer meegaan dan de film, die 30 miljoen dollar heeft gekost en er maar één zal opbrengen…
“Pirates” is noch een film waarin de persoonlijkheid van Polanski tot uiting komt, noch de echte ouderwetse zeeroversfilm die de regisseur voor ogen stond.
De ouverture bezit eventjes de wreedzinnigheid van de beste Oost-Europese animatiefilmpjes uit de jaren zestig. Daarna gaat het echter bergafwaarts : een slappe hommage aan de Hollywoodse „swashbuckler”-festijnen van weleer, een afgeslankte versie van Spielbergs « Indiana Jones »-producten, doorspekt met Monty Pythoneske zwarte humor en ontspannende schaters. Kortom, veel middelen, drukte, technische know¬how, visuele grappen en citaten, maar een bijzonder slecht verteld verhaaltje dat bijlange niet zo meeslepend is als de eerste de beste Errol Flynn-exploten uit Hollywoods gouden jaren.
Eind 17de eeuw. Rond de kusten van Amerika en de Caraïben maken vrijbuiters jacht op de zwarte Spaanse galjoenen, die afgeladen volgestapeld zijn met de gouden schatten van de Azteken. We maken kennis met de legendarische Captain Red. Doorgroefd gelaat, piekerige baard, houten been, stentorstem, alle ingrediënten zijn aanwezig. Het publiek is meteen gewaarschuwd : hier worden geen karakters, maar karikaturen neergezet. Gelukkig weet de cineast de karikatuur zelf te relativeren door een gekruide dosis « wrede » zwarte humor kwistig rond te strooien.
Walter Matthau is dé zeerover. Zoals we hem kennen uit de stripwereld. En een stripverhaal wordt het. De cliffhangers worden lang niet alle rationeel bevredigend opgelost. Maar waarom zou het ook ? Het publiek krijgt opnieuw de rol van onbevangen kind-toeschouwer. Wat niet wil zeggen dat het een film voor kinderen is. Er wordt wel degelijk geappeleerd aan het onbevangene in de « volwassene ».
Cris Campion zet de jonge, schuchtere gezel van Captain Red overtuigend neer. Hem hebben we nodig om het nodige tegengewicht te geven voor de uitspattingen van zijn cynische (leer)meester. En voor de portie romantiek. Vanzelfsprekend wordt hij verliefd op de beeldschone Dolores, een Spaanse aristocrate. Die meevaart op het Spaanse galjoen dat overvallen wordt door de zeerovers.
« Vervolg op het scherm ». Dat helder baadt in cognac-kleuren, aangevuld met flets bordeaux. Een fotografie die weliswaar niet voor hoogstandjes zorgt, maar die foutloos steeds weer de juiste kleur op de sfeer plakt, de geschikte beeldhoek uitkiest voor de vaak snelle actie.
Wie de ernst van « Cul-de-sac » of de absolute top van « Chinatown » verwacht, is wel even teleurgesteld. Maar hoe verder de film zich ontwikkelt, hoe meer je je amuseert. En deze keer wel op een totaal ontspannen manier. Polanski bewijst daarmee dat hij ook in het pure entertainment een puik vakman is. Ook al zullen heel wat mensen erop wijzen dat dit niet meer « dezelfde Polanski » is. Moet dat ?
In 1996 was ook Geena Davis te zien in een film van echtgenoot (sinds begin 1994) Renny Harlin (“Die Hard II”, “Cliffhanger”), namelijk “Cutthroat island”, een piratenfilm met Michael Douglas, die echter evenzeer de mist inging. Het genre leek wel voorgoed dood en begraven tot Jack Sparrow het dus weer tot leven wekte.

Een gedachte over “The Pirates of the Caribbean

  1. Geachte heer De Schepper,
    Beste Ronny,
    Via Google en de zoekterm ‘Germaniak’ kwam ik op jouw supersite uit.
    Ik ben namelijk fervent verzamelaar van alles wat over, door en van Herman Brusselmans verschijnt en ooit verschenen is. Zo ben ik nog op zoek naar exemplaren van literaire tijdschriften, filmmagazines, studentenbladen, … waar HB ooit aan meegewerkt heeft. Misschien kan u mij wel op één of andere manier helpen.
    Alvast bedankt voor de moeite !

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.