Oud-Rode Vaan en Knack-redacteur Lode Willems is gisteravond overleden. Ik maakte me al een tijdje zorgen om hem, want wij hadden normaal gesproken nog vaak contact per mail, maar het was nu al een tijdje geleden dat ik nog iets van hem had gehoord. Om precies te zijn: nadat ik via via had vernomen dat zijn levenslange levensgezellin ’t Eefje (Gerda Everaert) was overleden. Helemaal onverwacht komt zijn dood dus niet, maar toch ben ik erdoor aangeslagen alsof iemand mij een uppercut heeft verkocht. Ik heb Lode een aantal keren ontmoet, maar de allereerste keer zal ik nooit vergeten…

Ik ben er niet fier op, maar de dag dat ik Lode Willems moest interviewen, was ik nog zat van de avond daarvóór. Zat en vooral ziek. Een uur te laat arriveer ik in het IPC, waar in die tijd ook Knack zijn kantoren had. Lode lacht als hij van mijn “ziekte” hoort, een ziekte die hem maar al te goed bekend is. Je moet ajuinsoep eten, zegt hij, en ik doe braaf wat er van mij gevraagd wordt.
In mijn haast had ik niet gecheckt of de cassetterecorder het nog wel deed en dat had ik beter wél gedaan, want dat blijkt niet zo te zijn. Ondanks de ajuinsoep ben ik nog altijd niet echt op mijn positieven en Lode tracht dan zelf maar het beestje aan de praat te krijgen. Tevergeefs. Zijn goede humeur is hierdoor echter niet kapot te krijgen. “Stel je vragen,” zegt hij, “dan weet ik wat je zoal wil vernemen en dan schrijf ikzelf dat interview wel uit.
Als dàt geen crème van een kerel is! Hierna dus, na een inleiding die ik enige tijd later dan toch kon verzinnen, het interview in zijn eigen woorden.
De maanzieke, de minnaar en de dichter zijn heel en al verbeelding,” peroreerde de nooit moe geciteerde William Shakespeare in “A midsummernight’s dream”. Lode Willems is het alle drie, zodat we kunnen zeggen (om nogmaals Old Will erbij te halen) dat hij gemaakt is uit “such stuff that dreams are made of“. Een beminnelijke man kortom, een beetje dandy, maar met twinkeloogjes die de hippie uit de jaren zestig nog laten vermoeden. In de “Wie is wie” van Rik Decan lezen we dat hij van 1969 tot 1972 redacteur was op de Rode Vaan maar ook dat hij lid is van het Vlaams Astrologisch Genootschap, The American Federation of Astrologers (*), de Vereniging voor Seksuele Hervorming en de Naturistenvereniging Athena. De vraag die zich dan natuurlijk opdringt is hoe deze rare vogel ooit op de redactie van een communistisch blad is neergestreken…
CUBAANSE SIGAREN
Lode Willems: Ik had kort tevoren bij de uitgeverij “De Standaard” gewerkt voor één van de weekbladen aldaar. Maar bij een sociaal conflict vloog ik buiten. Dat was vlak voor de vakantie in het memorabele jaar 1969 en mijn eerste reactie was dan ook: mijn vakantie verlengen. Nadien vernam ik van een van mijn vrienden, namelijk van Bert Verminnen (de overleden broer van Johan, RDS) dat ze op de Rode Vaan twee redacteurs zochten. Jamaar, zei ik, ik ben wel links maar geen KP-lid. Ik was immers sedert 1966 nogal actief geweest in de Provo-beweging, tot deze beweging versmoorde in een walm van hasjiesj en marihuana. Ik was dan immers teruggekeerd tot de orde en had me opnieuw aan de alcohol en de tabak begeven. Maar Bert antwoordde: dat geeft niet, als je maar links bent, de communisten zijn nu, zoals de katholieken, ook oecumenisch geworden.
Ik dus als werkzoekende naar de Rode Vaan, waar ik het uitlegde aan toenmalig hoofdredacteur Gerard Calsyn. En ik kon onmiddellijk beginnen. Mijn eerste maand bij de Rode Vaan was dus tevens mijn laatste maand waarvoor ik van “De Standaard” vooropzeg had gekregen. Ik heb die hele maand dan ook sigaren gerookt. Cubaanse.
Een van de dingen, die me toen op het idee brachten bij Rode Vaan te solliciteren, was een artikel van Jan Debrouwere in De Rode Vaan over de inval van het Sovjetleger in Praag : « Het communisme dat wij willen ». En bij de RV oordeelden ze dat er wel een rooie met anarchistische afwijkingen bij kon. Het werden drie van de tofste jaren uit mijn loopbaan. Waarna nog zo’n 24 heerlijke jaren bij Knack volgden – ook ik heb de wereld niet kunnen redden, maar het was wel prettig werken. In beide gevallen ging het immers om pionierswerk. Knack werd op de markt gebracht in een tijd dat elke uitgever, die zijn sommetjes kon maken, « wist » dat Vlaanderen te klein was voor een magazine als dit. En de Rode Vaan was een communistisch blad. Het communisme vloeit, naar mijn mening, voort uit het kapitalisme en is als dusdanig het kleinkind van de Industriële Revolutie. Was de 19de eeuw, de eeuw van het kapitalisme en de 20ste eeuw een maat voor niets, de 21ste eeuw wordt de eeuw van het communisme. Ik ga dit pogen aan te tonen met een webpagina waar ik nog aan werk – geef me even de tijd. Voorts had ik al sentimentele banden met De Rode Vaan, die ik onder de nazi-dictatuur als achtjarig knaapje heb gelezen. Dat was toen nog een sluikblaadje – verboden lectuur en van kindsbeen af werd ik aangetrokken door verboden lectuur. Na de Bevrijding in 1944 kon ik De Rode Vaan dagelijks lezen omdat mijn ouders er op geabonneerd waren. Het was een krant waar ik echt naar opkeek en ik kon toen in de verste verte nog niet vermoeden dat ik ooit eens als redacteur zou schrijven in die krant, want toen ik tien was had ik nog andere toekomstplannen : ik zou piloot worden.
LANGE WAPPER
– Gerard Calsyn, evenals Etienne Mets die jij ook moet hebben gekend, kunnen we niet meer gaan interviewen in dit kader. Misschien kan jij even een beeld schetsen van de Rode Vaan onder zijn “bewind”?
Lode Willems
: De Rode Vaan was een aangename werkkring. Prettige, breeddenkende, knappe mensen. Voor Gerard had ik werkelijk veel bewondering. Zijn plotse dood heeft me dan ook geschokt. Hij was altijd even goedgezind, een echte idealist, maar geen dweper zoals er nu veel rondlopen – al bedoel ik daarmee niet noodzakelijk binnen de KP. Gerard was een idealist die terzelfdertijd met zijn twee benen op de grond bleef staan. Dat is wat we allemaal zouden moeten bereiken: niet bang zijn om te dromen en te durven denken aan nieuwe dingen, maar terzelfdertijd nuchter blijven. Een soort Lange Wapper worden: kop in de wolken en voeten op de grond.
Etienne Mets, die kwam ’s morgens binnen als een tsjilpende vogel, deed 27 dingen tegelijk en was ’s avonds nog even fris. Die had een enorme energie. En allebei straalden ze levensvreugde uit.
– Ondanks die “aangename werkkring” was je verblijf op de Rode Vaan van korte duur. Waarom ben je eigenlijk weggegaan?
Lode Willems
: Toen ik van oordeel werd dat alles wat fout ging in landen waar een communistische partij regeerde, niet aan het toeval te wijten was, maar aan constructiefouten in de basisideologie zelf, in het marxisme-leninisme. Ik blijf geloven in een maatschappijhervorming in socialistische richting en ik denk dat in de toekomst de wereld communistisch zal zijn, maar niet op die manier. Misschien zal het wel eerst in het westen gebeuren. De technologische evolutie leidt immers onafwendbaar naar een vrijwel totale automatisering van de productie. Wat blijft er dan nog over van het begrip “werknemer” of “werkloze”? Het zal er op uitdraaien dat elke wereldburger aandeelhouder is van de automatisch producerende bedrijven. En dat is communisme. Tegelijk is het ook een soort superkapitalisme: de uitbreiding van het kapitalisme, de democratisering ervan, dus met iedere wereldburger een aandeel in handen en een stem in de raad van beheer. Ge moogt ermee lachen, maar ik blijf ervan overtuigd: het superkapitalisme is communisme.
Het enige wat dit kan tegenhouden is dat mensen nooit hun macht over anderen willen loslaten. Want mensen aan het werk stellen, of ze onderhouden met aalmoezen zoals een werkloosheidsvergoeding, dat is macht uitoefenen over anderen, dat is ze in een ondergeschikte positie houden.
Maar ik wijk af: ik ging dus weg, niet omdat ik mijn geloof had verloren, maar omdat ik het eigenlijk niet kon vinden. Ik ben wel weggegaan in vriendschap en harmonie. De Rode Vaan is één van de weinige werkkringen waar ik niet ben buitengewipt of zelf niet hard de deur heb dichtgesmakt.
‘T EEFJE
Toch heeft Lode de kans gezien om zich in die korte periode de geschiedenis in te schrijven met zijn cursiefjes. Een voorbeeld hiervan is “Late roeping” in De Rode Vaan van 25 februari 1971. Naar aanleiding van een optreden van Johan Verminnen, Jan de Wilde en Tucker Zimmermann in een parochiezaaltje fantaseert Lode (onder de naam E.H.Loewieverdje S.J.) erop los: “Had ik het allemaal kunnen voorzien, dan was ik misschien ook priester geworden…” en hij gaat dan als volgt verder:
Weliswaar ben ik met mijn huidige situatie ook niet ontevreden, maar ik zou er de taak van huisaalmoezenier van N.V.Volksuitgaven (de uitgever van De Rode Vaan, RDS) nog wel bij kunnen nemen. Ik zie me hier al binnenkomen. Eerst ga ik Fons (Goossens) en Guido (Nuyts) zegenen in het receptiekamertje. ‘Dag kameraad eerwaarde,’ zeggen ze. ‘Dag mijn schaapjes,’ glimlach ik zoet, ‘geen dringende biechtgevallen vandaar? Geen urgentiehuwelijken in te zegenen? Zit het allemaal snor ja? Nou dan ga ik maar.’
En met mijn rood breviertje onder de arm kuier ik langzaam de Kazernestraat
(waar de redactie was gevestigd, RDS) door en steek de Zuidlaan over, om te informeren of die aan de overkant daar zich nog niet bekeerd hebben.” (**)
In dit stukje, maar ook in vele andere dook ook een zeker “’t Eefje” op. En dat is geen fictief personage…
Lode Willems: Zeker niet, want zij overtreft de stoutste dromen! Eefje is sedert 1968 mijn wettelijke echtgenote (op de foto ziet men Gerda Everaert zoals ’t Eefje echt heet tussen Lode Willems en haar collega-tolk Ludo Kneepkens; rechts Milan Ryzl). Zij het dat in haar schuilnaam ook iets van het “eeuwig vrouwelijke” zit: Eefje is natuurlijk het verkleinwoord van Eva, maar ieder Eefje is ook ergens een teefje, vandaar…

38 lode met zijn teefje, ludo kneepkens en milan ryzl


Dat huwelijk was overigens een prachtige bedoening. Daar hebben we de toenmalige BRT nog mee gehaald en Partner (namelijk in nr.8, ongedateerd, RDS), het legendarische “maandblad voor mannen” uit de jaren zestig, waar Che, Menzo en andere P-magazines nog altijd een punt kunnen aan zuigen. Wij zijn namelijk in Londen getrouwd in een Hindoe-tempel. Op die manier konden we voor een mindere prijs veel méér goden over ons huwelijk doen waken! Het was natuurlijk vooral een ludieke actie, maar het was toch ook een kleine trap naar ons arrogante westerse denken. Het oosten heeft immers ook nog wel wat te bieden. Maar we hadden het eigenlijk over ’t Eefje. Is dat zo dat daar nog altijd over gepraat wordt? ’t Verbaast me natuurlijk niet echt: ze is mooi, charmant en knap, een stralende figuur, al zeg ik het zelf.
– Er doen ook de wildste verhalen over haar de ronde. Zo onder meer over die receptie op de Sovjet-ambassade…
Lode Willems
: Sovjet-ambassade? Ik kan het me niet meer herinneren. Maar ze zal het ambassadepersoneel ongetwijfeld gecharmeerd hebben met haar schoonheid en vitaliteit. Zij wist tenminste iets af van Oost-West betrekkingen. Een doorkijkbloes? Ach ja, nu weet ik het weer, ’t was geen echte doorkijkbloes, maar een zwarte bloes waar je doorheen kon kijken. Wat op hetzelfde neerkomt, nu ik erover nadenk. Hoe dan ook, op de ambassade stonden ze in de rij om haar te leren hoe je een vodka in één teug leegdrinkt. ’t Is misschien daarmee dat ik het me aanvankelijk niet meer kon herinneren.
JE SAIS
– Terug naar ernstiger zaken, of misschien ook weer niet: van de Rode Vaan naar Knack, voorwaar de transfer van het jaar.
Lode Willems
: Bij Knack ben ik aanvankelijk als free-lancer begonnen. En van ’t een kwam ’t ander, zodat ik uiteindelijk op de redactie belandde. Dat was in 1972 en ik ben er nog altijd, dat is dus ook een zeer goede werkkring. Ik ben er tevreden en voel me er op mijn plaats. Ik hou van dit soort tijdschriften. Knack is een kapitalistisch blad, maar dat hindert me niet. Bovendien is het “liberal” in de Angelsaksische betekenis van het woord en dat zit me gegoten.
– En vanwaar die astrologische bevlieging?
Lode Willems
: Ik ben er toevallig in geraakt nadat ik in 1974 voor Knack een man ging interviewen die er een boek over had geschreven: Herman De Vos. Aanvankelijk ben ik begonnen astrologie te studeren voor de lol en uit nieuwsgierigheid, maar ik ontdekte dat het klopte. Ik “geloof” niet in astrologie, parapsychologie, telepathie en dergelijke. Ik hoef er ook niet in te geloven, want ik wéét. Zoals Jean Gabin dat zo mooi kan zeggen: “Je sais”. Onze arrogante twintigste eeuw verwerpt al deze dingen, niet vanuit haar kennis, maar vanuit haar vooroordelen. Het is een schande en een aanslag op de intellectuele vrijheid dat de astrologie door sommige westerse wetenschappelijke, humanistische én religieuze kringen wordt onderdrukt, net zoals dat in landen met de communisten aan de macht ook gebeurt. Nochtans, echte revolutie moet de geesten en de grenzen vrijmaken. Alles wat begrenst en beknot, is geen revolutie, maar een bange reactie. Iedereen heeft het recht op een eigen vrije mening en dus ook het recht om zich met astrologie of parapsychologie bezig te houden. Wie ons dit, in naam van om ’t even wat, zou pogen te beletten, hoort niet thuis in onze verlichte twintigste eeuw, maar wel in het tijdperk van de brandstapels en heksenvervolgingen.

Ronny DE SCHEPPER

(*) We konden het dan ook niet laten hem een horoscoop van De Rode Vaan te laten trekken, ook al staat de “geboortedatum” van het blad helemaal niet vast…
(**) Weer iets te overhaast geweest bij het overtypen: ik dacht namelijk dat hij met “die aan de overkant” de partijbonzen bedoelde, maar ik realiseer me nu dat hij dan niet de Zuidlaan maar de Lemonnierlaan moest oversteken…

Referenties
Ronny De Schepper, “Revolutie moet de geesten en de grenzen vrijmaken”, De Rode Vaan nr.26 van 1981

7 gedachtes over “Lode Willems (1934-2020)

  1. Hallo,

    ik ben ook wel geïnteresserd in die gegevens. Jaren geleden, toen Lode wel nog astrologisch actief was, heb ik zijn programma’s op zijn HP rekenmachientje onder handen genomen om ze in het beperkt geheugen van dat ding te laten passen. Het contact is altijd leuk geweest, maar is op een bepaald moment verloren gegaan.

    Alvast bedankt.

    Jan

    Geliked door 1 persoon

  2. Waar is de tijd van de militantes en de milinonkels die Lode wist te verwerken in een cursiefje waardoor Jef proestend de aandacht trok op de trein richting Gent… Waar is de tijd van het interview dat we samen afnamen van een DDR-geleerde waarvan ik de naam niet meer weet die kwam spreken over de elfjarige zonnecyclus. Waarom moet ik plots denken aan het huis in Sterrebeek en foto’s van Gerda en mijn eega met (enkel) een groene Angela Davis-pruik? Of aan de eerste dag dat Lode met zijn (piepkleine) BMW naar de Kazernestraat kwam. Wondermooie herinneringen aan een prachtkoppel en een gedroomde collega.

    Geliked door 1 persoon

  3. Lode Willems was mijn lieve Doop-Peter.
    Prachtige herinneringen heb ik aan hem en Tante Gerda.
    Ze zijn nu opnieuw samen ….hopelijk kunnen ze weer een nieuw leven opbouwen ginder Boven…
    Want mijn liefste Peter Lode is gisterenavond overleden….
    Waak over mij van ginder boven …

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.