Het zal morgen ook alweer vijf jaar geleden zijn dat René Van Laere, de zanger van The Picknicks, is gestorven.

Over de merkwaardig gespelde groep The Picknicks (volgens de Oxford Dictionary moet het “pic-nic” zijn) stond in Het Nieuwsblad van 15 februari 2010 een vreemd verhaal naar aanleiding van de dood van zanger René Van Laere op 87-jarige leeftijd. Zij zouden in 1957 namelijk een nummer hebben opgenomen “I’m alone”, wat ze in 1962 nog eens overdeden in… de fameuze Sun Studio, waar ook Elvis Presley enkele jaren eerder was gedebuteerd. Van deze opname zouden niet minder dan 1,9 miljoen exemplaren zijn verkocht. Daarmee samenhangend zouden ze een tournee door de Verenigde Staten hebben gedaan, waarbij ze o.a. in het voorprogramma van The Platters en Fats Domino zouden hebben gespeeld.
In Vlaanderen zou het plaatje pas twee jaar later “doorgebroken” zijn, al zou het hier nooit in de hitparade hebben gestaan, “omdat ze het bij de BRT een smartlap vonden en dat vonden ze niet goed,” aldus René Eli de Dycker (67, neef van Van Laere en nog enig levend groepslid). Volgens http://www.goudenhits.webs.com zou de groep in 1960 nochtans “Ontdek de Ster” hebben gewonnen, dus zo erg kan de tegenstand van de vermaledijde BRT toch niet geweest zijn?
(Volgens Karel De Wilde van de Heemkundige Kring Wissekerke uit Kruibeke, geciteerd op de site van het Muziekmuseum, werden ze pas derde: “Ze stootten door naar de finale en traden op voor heel kijkend Vlaanderen met twee eigen nummers: ‘Guitar Boogie Rock’ en de ‘Pick-Nick Rock’. Ze kregen de kans de finalenummers op plaat te zetten bij het gekende label Fontana. In de grote Philips-studio in Brussel werd de swingende begeleiding opgenomen door professionele studiomuzikanten, onder wie Freddy Sunder op sologitaar.”)
Aan de zogezegde miljoenenverkoop hebben The Picknicks overigens niets overgehouden omdat ze hun rechten hadden afgestaan. “Daar hebben de mensen van de platenmaatschappij een mooie villa van kunnen zetten,” aldus de Dycker.
Op het Belgisch Muziekarchief staat als vroegste opname echter 1965 geboekstaafd (Goudenhits spreekt van 1964) en van René Eli de Dycker is er daarbij geen sprake. Als componisten staat er bovendien het trio Cleys, Lauwers, Van Eetveld, waarover we alweer meer vernemen bij het Muziekmuseum: “Bert Cleys liet The Pick-Nicks een slownummer van hem opnemen. De tekst was van zijn echtgenote Hélène Lauwers en Staf Van Eetveldt was als arrangeur bij de song betrokken. Het nummer ‘I’m alone forever’ werd in eerste instantie op 500 exemplaren geperst bij Ring Records.”
Terwijl het volgens de Dycker een compositie was (zowel muziek als tekst) van René Van Laere. Dit kan natuurlijk te maken hebben met het afstaan van de rechten, maar toch vind ik het merkwaardig dat ik pas nu iets verneem over een hit die “wereldwijd” zoveel heeft verkocht! Misschien heeft de site Belgium Rock wel gelijk: daar spreekt men van een verkoop van… 30.000 exemplaren.
Op het Muziekmuseum staat er ook een legende bij de klassieke foto die men overal terugvindt, ook hier op mijn blog én in Het Nieuwsblad. En die legende luidt dan: “De band in 1964, met v.l.n.r. Adriaan De Backer, Paul Van Laere, Leon Pooters, Sylvain en John Van Laere.” Hier is dus geen sprake van René Van Laere, die volgens Het Nieuwsblad nochtans de man links op de foto zou moeten zijn (Adriaan De Backer dus).
Merkwaardig is ook de volgende zinsnede: “Een aparte vermelding verdient Antwerpenaar Elie De Dijcker, die als jonge snaak in de vroege jaren zestig aan de slag ging als roadie van de groep. Door de jaren heen bleef hij de band trouw, multifunctioneel en overal inzetbaar.”
“Wij haalden zelfs de eerste plaats in de hitparade,” zegt de Dycker ook nog als hij het heeft over die Amerikaanse tournee. Maar over welke hitparade heeft hij het dan? Alleszins niet over die van Billboard, die zowat als de “officiële” hitparade van de VS kan worden beschouwd. In het begin van de jaren zestig scoort België wél een nummer één hit in de Verenigde Staten met “Dominique” van Soeur Sourire (gebaseerd op een thema uit de eerste beweging van het klarinetconcerto van Mozart). Zij voert dan ook de lijst aan die Tom De Leur bij het omstreden artikel van Jozef Leysen uit Het Nieuwsblad zet:
TOP TIEN VAN BELGISCHE PLATEN IN BILLBOARD
1.Soeur Sourire: Dominique (1963)
2.Technotronic: Pump up the jam (1989)
8.Rocco Granata: Marina (1959)
8.The Chakachas: Jungle fever (1972)
10.DHT feat.Edmée: Listen to your heart (2005)
11.Lasgo: Sometimes (2003)
39.Plastic Bertrand: Ca plane pour moi (1978)
41.Soulsister: The way to your heart (1997)
53.2 Unlimited: Get ready for this (1991)
78.Ian Van Dahl: Castles in the sky (2000)

29 gedachtes over “René Van Laere (1931-2010)

  1. Alo alo,
    Ik heb zeker twee verschillende versies van dit nummer in mijn bezit. De alomgekende versie op singel (45 toeren) heb ik ooit tweemaal gekocht. Verliefde mensen doen soms rare dingen….
    Veel later kocht ik een Ronnex compilatie cd met nummers uit als ik mij herinner de fifties, omdat daar dat nummer opstond. Toen ik het draaide bleek dat helemaal anders te klinken. Een teleurstelling, of toch niet.
    Misschien draagt dit alleen maar bij aan de verwarring. Waar zit eigenlijk Arnold Rijpens? Misschien de persoon om wat licht te laten schijnen in de duisternis.
    PS. Wie weet er meer over Ronnex en Albert Vanhoogten die steeds signeerde als producer A. Vano op de Ronnex singeltjes. Ooit produceerde hij een carnavalsingel voor een vriend van mij, waarop ikzelf backingvocals verzorgde. Ik vermeld dit omdat het vandaag carnaval is…

    Liked by 1 persoon

    1. “Song Parade was in 1955 gesticht door Mechelaar Jan Torfs, die het vak had geleerd bij het Nederlandse Tuney Tunes, “gebackt” door geldschieter Albert Van Hoogten, de manager van het Ronnex-label (2). Al na een jaar botste Torfs met zijn broodheer en startte hij Juke Box, wat mijn lijfblad zou worden (de gegevens over Song Parade komen van Jan Mestdagh), en waarin hij de Angelsaksische rockmuziek écht zou promoten tot ver in de jaren zeventig, terwijl Song Parade in 1962 zou ophouden te bestaan.
      Het was wel eigenaardig dat de houding vanwege Song Parade tegenover blanke rockers als Jerry Lee Lewis moeilijk bleef, maar zwarten als Little Richard en grote voorganger Louis Jordan konden zich in een uitgesproken sympathie verheugen, net als trouwens mr.Buona Sera Louis Prima – vanwege hun jazzy achtergrond? (De platen van Little Richard werden overigens door Ronnex uitgebracht, maar dat is natuurlijk de discussie over de kip en het ei: werden ze nu door Ronnex uitgebracht omdat Van Hoogten er wél van hield, of hield Van Hoogten ervan omdat hij dan langs de kassa mocht passeren? Een interessant gegeven in deze kwestie is dat de B-kant van Little Richard-platen op Ronnex door een andere artiest werd geleverd. Zo staat op de B-kant van “Tutti Frutti” heel toepasselijk “Chop Chop” van The Chimes.)”
      Fragment uit mijn “Witlof from Belgium”-artikel

      Like

    2. “(2) Zijn broer René Van Hoogten week uit naar New York en bouwde daar Moonglow uit, het platenlabel dat o.m. The Righteous Brothers ontdekte.”
      En dit is de voetnoot waarnaar in mijn andere reactie wordt verwezen.
      Over de VS gesproken, ik betwist niet dat er meerdere versies van “I’m alone (forever)” zijn uitgekomen (ze staan allemaal mooi gerangschikt op het Muziekarchief), maar de eerste dateert van 64/65 en niét van 57 toen de groep pas was opgericht. En van die versie opgenomen in de Sun Studio rond 62 geloof ik al helemààl niets…

      Like

      1. Ik ben in 1965 bij de Picknicks beginnen spelen als orgelist, wat toen in die tijd zeldzaam was een orgel man… Dit kwam voornamelijk doordat ik de liedjes van Johnny and the Hurricanes wou spelen (Red River Rock enz.), in het begin van dat jaar hebben wij “I’m Alone” zelf in elkaar gestoken in een cafeetje te Kruibeke waar ook onze drummer Adriaan van afkomstig was. René was wel de bezieler van het melodietje wat hem “’s nachts in zijn geheugen was blijven hangen”, wij hebben dan naar de muzikale omlijsting van het melodietje gezocht en op een tweetal uurtjes was “I’m Alone” geboren, ik heb het zelf nog op muziek papier neergeschreven daar ik de enige was die muzikale studies had gedaan (6 jaar) .Maar wij zijn nooit naar Amerika geweest en dat van president Obama mag je ook vergeten. Er zijn wel ontzettend veel plaatjes van verkocht en wij hebben het nog een aantal maal opgenomen met andere achtergrondmuziek enz… Heb de plaatjes hier thuis nog allemaal liggen. Wij hebben er niet veel aan verdiend, enkel de platenverkoop tijdens de optredens die gingen dan zoals zoete broodjes van de toog en daar kochten wij dan muziekapparatuur van enz. Ik ben bij hen blijven spelen tot 1978 en ben toen naar Limburg verhuisd. Toen zijn er nog een viertal groepsleden blijven voort spelen (met bandjes) tot de Pol overleed aan longkanker. Hij was de broer van René en zo is het met de jaren verder uitgedund.

        Liked by 1 persoon

      2. Bedankt, mijnheer Janssens, ik denk dat dit een zeer levendige beschrijving is van de manier waarop het nummer tot stand is gekomen. Ik heb één vraagje: wat bedoel je met “vergeet die zaak van Obama”?

        Like

      3. Ja, het gaat de ronde, zoals vele “roddels”, dat “I’m Alone” bij President Obama mede tot zijn top 10 zou behoren (zelfs de 2de plaats), wie bedenkt dit toch allemaal.
        En inderdaad het waren 4 broers (Van Laere, hun moeder en vader waren ook muzikaal, de vader speelde zelfs op een zingende zaag (ongelooflijk), dan een drummer en ik .

        Mvg
        Albert Janssens Orgeldraaier van de Picknicks van 1965 tot 1978 .

        Liked by 1 persoon

  2. hello allemaal !

    Nu bij deze , ik dacht dat het singeltje van I’M ALONE zijn bekendheid maakte in de jaren ietske voor of juist na de jaren 70 , het had toen twee verschillende covers één blauw met gewoon in wit en rode tekst , de song en de groep opgeschreven ,onder RECORDS PUSSYCAT – tel 053/218337 productie melancholic dreams (guy de loo -prod . a vano ) die ik zelf in bezit heb en er was er toen nog eentje een witte achtergrond met foto van de picknicks op , spijtig genoeg staat daar op de singel geen datum mee op , wat vroeger wel regelmatig er wel op te lezen stond .
    Als ik hier dan lees , dat het een singeltje is van voor de jaren stillekkes , dan sta ik er ook wel stillekkes bij !
    Ik ben een vijftiger , en de gebroers van laere waren geen vreemde bij ons thuis ,want toen ze mee deden aan ontdek de ster , toen speelde mijn nonkel gitaar bij de picknicks .
    ik heb onlangs op het net foto’s gezien van toen ontdek de ster waar er een krantenartikel met foto en ondertekst , waar bij stond de vier broers , dat volgens mij toch al niet juist was !???????????????
    Ach dan denk ik soms ???????????????????????????
    In ieder geval ik heb toen veel mee gezongen met hun laatste liedje I’M ALONE , en het wier zot gedraaid thuis zo goed als in de kroeg, voor die andere songs van hun, plakte het groen achter mijn oorekkes nog serieus !

    GROETEKES WIS

    Like

    1. Beste Wis, het waren inderdaad 4 (vier) broers nml John van Laere = bassist – Sylvain Van Laere = solo gitarist en zanger dan Pol Van Laere = zanger en lead gitarist en René Van Laere = de zanger van “I’m Alone” – speelde ook wat gitaar. Dan de drummer van Kruibeke en ik als orgelist, en dit van de periode dat ik meespeelde, dit is van 1965 tot 1978, toen ben ik naar Limburg verhuisd. Het waren alle vier muzikale mensen die de muziek in zich hadden zitten.

      Liked by 1 persoon

      1. beste albert

        Er waren vier broers daar ben ik het mee ééns , maar toen ze bij ondek de ster de derde plaats wonnen , met het liedje GUITAR BOOGIE ROCK, daar stond bij die foto de vier rockende broers, waarmee dat ze dan wel serieus verkeerd zijn, want de vierde was mijne nonkel genaamd august van damme (gust).
        Toen in de tijd ook wonende in de polder op het kiel .
        En dat ze van een muzikale familie waren , dat was inderdaad juist , en zoals ik ook schreef het waren het geen vreemden voor mijn ouders, want daar kende iedereen gewoonweg iedereen .
        Maar ik vind wel , als er dan toch van geschreven word dat het dan ook juist moet zijn , nie meer en zeker nie minder , want wat ik hier en op andere sites al heb gelezen , dan denk ik toch wel , waar halen ze al die verhalen verdekke toch uit !

        Wis

        Like

      2. Alhoewel je je tot Albert richt, Wis, wil ik hier toch ook wel even tussen komen, want je schrijft “wat ik hier (en op andere sites) lees, waar halen ze het uit?” en daarop moet ik toch reageren. Ik schrijf namelijk juist dat een aantal verhalen die de ronde doen onmogelijk juist kunnen zijn. Wil jij nu beweren dat ik mij vergis? Dan zal je toch met bewijsmateriaal voor de dag moeten komen!

        Like

  3. voor mij zijn en blijven de picnics de trots van vlaanderen, zeker eli en renee zij zijn onder hun beide blijven optreden tot 2008, op verscheidene plaatsen,in karaoke firenze op koninckplein, en bij ingrid op linker oever, voor mij zijn zij de trots van vlaanderen,afbreken is makkelijker dan opbouwen he

    Like

  4. Beste,
    Ik ben het volledig met u eens. Een kritische beschouwing bij een kunstmatig opgeblazen krantenartikel doet hoegenaamd géén afbreuk aan de muzikale kwaliteiten van The Pick-Nicks, wel integendeel. Het “levensverhaal” van The Pick-Nicks zoals het zich IN WERKELIJKHEID heeft afgespeeld, is al indrukwekkend genoeg. Meer dan vijftig jaar sfeervolle liveoptredens en een hele reeks vinylsingles, er zijn weinig groepen in Vlaanderen die een dergelijk palmares kunnen voorleggen.

    Ik had de eer eind vorig jaar de mensen van The Pick-Nicks uitvoerig te interviewen voor een artikel in het tijdschrift van de heemkring Wissekerke uit Kruibeke. Ik ben zowat de allerlaatste geweest om zanger René Van Laere (thans wijlen helaas) nog bij leven te interviewen. Ik was niet weinig onder de indruk van hun ware verhaal, inclusief de anekdotes, maar ontdaan van alle mediafabeltjes die achteraf door anderen werden toegevoegd.

    Wat de hit “I’m alone forever” betreft, de eerste release van die single dateert uit 1965 (Ring Records). Een sluwe muziekuitgever heeft bij de eerste release de auteursrechten van het nummer uit de handen van The Pick-Nicks weten te ontfutselen. Op de keerzijde van het hoesje van de latere Ronnex-editie uit 1970, staat als jaartal bij het copyright “1960” vermeld, een bewuste fout? De totale oplage van “I’m alone” situeert zich volgens kenners inderdaad rond de 25.000 à 30.000 exemplaren. Dat is op zich al een prachtig resultaat voor een nummer dat enkel hier in Vlaanderen werd uitgebracht. Een groot deel van de eerste release belandde bij de verdelers die de jukeboxen overal te lande van singles gingen voorzien. Dat verklaart ten dele het feit dat het nummer nooit de top van de hitparade bereikte, maar wel alom bekend en geapprecieerd werd door een breed publiek als een super slownummer om op te dansen.

    Eén ding moet me wel nog van het hart: het Nieuwsblad, die grote krant met professionele (?) journalisten heeft met haar artikel een flater van jewelste afgeschoten. Een beetje informatiecontrole ware toch wel op zijn plaats. Het artikel in kwestie is allerminst een eerbetoon, het lijkt veeleer op een wansmakelijke karikatuur.

    The Pick-Nicks waren een groep eenvoudige, toffe mannen van bij ons, rechttoe rechtaan, volksvriendelijk en door het volk geliefd. Ze maakten prachtige muziek (hun repertoire is trouwens véél meer dan “I’m alone” alléén) en ze brachten telkenmale steengoede liveoptredens. Hun muziek is een stuk muzikaal erfgoed van een hele generatie. Laten we dat erfgoed onaangetast bewaren en koesteren.

    De laatste noot, hij is geblazen
    Het concert is jammerlijk voorbij
    Maar het blijft mij steeds verbazen
    Want de mooiste solo speelde jij.

    (Uit het doodsprentje van René Van Laere)

    Met vriendelijke groeten,
    Karel De Wilde uit Zele.

    Liked by 1 persoon

    1. Bedankt, mijnheer De Wilde, voor deze waardevolle bijdrage.
      Ik heb overigens pas gisteren gemerkt dat ook de Gazet van Antwerpen op dezelfde dag als Het Nieuwsblad (15 februari dus) het verhaal van “de wereldhit in twintig landen die maar liefst 1.900.000 keer over de toonbank ging” brengt. De schrijver (STTI) baseert zich op “enkele nabestaanden”. Maar hij (of zij?) zwijgt gelukkig stilletjes over de zogenaamde opname in de Sun Studio.

      Like

  5. Geachte heren,

    Met bijzondere aandacht heb ik jullie conversatie gelezen.
    Zij schenken me meer dan gewone voldoening, gezien ik opzoekingen doe ten aanzien van mijn tweede ‘vaderke’, m.n. ex-Pick’Nick-lid Léon Pooters.
    Bij deze wens ik jullie dan ook, (Léon vertegenwoordigend), hartelijk te bedanken voor dit schrijven en vooral aan de waardevolle gegevens die jullie onze nageslachten nalaten.

    Ik wens jullie het allerbeste toe.

    Hoogachtend,
    Hugo Baeckeland.
    hubaeck2004@yahoo.com

    P.S. reacties, zowel negatief als positief zijn steeds welkom.
    Waarvoor dank bij voorbaat.

    Liked by 1 persoon

  6. ik heb the picnics heel goed gekent wij hebben naar sommige optredens gaan zien, en wij hebben binnen kort een kareoke avond en de zaal NOVA 27juni en daar zou ik dat liedje willen zingen maar ik heb de tekst niet wel het singeltje en cd ook heb ik het van yuo tube gehaald als ik de tekst michien mocht krijgen dan kan ik mij voorberijden op die namiddag dan kan kan ik mij al wat inwerken indien u mij daar een plezier mee kan doen dat zou ik heel tof vinden.
    Ik ben 61 jaar en de ouwe tijd is no altijd mooier dan nu,maar dat kunnen wij niet veranderen
    Bedankt op voorhand indien het niet moest kunnen in ons hart zal hij blijven bestaan
    Dank u De Groof Ludo

    Liked by 1 persoon

  7. Hierboven is sprake van “ex-Pick’Nick-lid Léon Pooters”, welnu in de Gazet van Antwerpen van 2/7/2010 lees ik dat deze mens op 78-jarige leeftijd is overleden. In dat artikel staat dat hij “op het einde van de jaren 50” bij The Picknicks zou zijn aangesloten, maar wat me nog meer verbaast is dat hij daarvóór nog bij The Jokers zou hebben gespeeld. Kan iemand dit bevestigen a.u.b.?
    P.S. Nog in die tekst vermeldt zijn echtgenote Hilde Stuer: “We hadden kunnen uitwijken naar de Verenigde Staten waar hij veel geld had kunnen verdienen, maar Leon wou zijn collega-muzikanten niet in de steek laten.” Die VS-connectie blijft dus ook steeds opnieuw de kop opsteken. Misschien is ook hierover het laatste woord nog niet gezegd?

    Like

    1. Leon Pooters was inderdaad de pionier van de rock-‘n-roll in Antwerpen en de Rupelstreek. Begonnen in 1957 op Sint-Anneke (Antwerpen-Linkeroever) als Lee West and The Westonians, was hij in 1959 inderdaad medeoprichter van The Jokers. Er zijn gezaghebbende bronnen die dit bevestigen, zie http://www.pmouse.nl/jokers/jokers.htm. Meer nog, eigenlijk was het Leon Pooters die de jonge Jokers leerde gitaar spelen en hun de knepen van gitaareffecten bijbracht. Toen de Jokers-trein goed en wel vertrokken was, heeft Leon Pooters de groep weer verlaten. Kwatongen beweren dat The Jokers hem toen “gedropt” hebben.

      Aansluitend, van 1959 tot 1961, was Leon Pooters zeer actief bij The Tramps. In hun bekendste nummers Maharadja, Murder en Macacafoo is zijn gitaarspel duidelijk herkenbaar. Maar ook hier hetzelfde fenomeen als bij The Pick-Nicks: een paar gladde muziekuitgevers zijn erin geslaagd de rechten van die nummers aan The Tramps te ontfutselen. Hoe is het anders te verklaren dat het nummer “Murder” met dezelfde muziek ook werd uitgebracht in… Brazilië, en dan ineens met een andere groepsnaam!

      Van 1961 tot 1964 speelde Leon Pooters inderdaad bij The Pick-Nicks. Het instrumentale nummer “Picnic Dreams” uit 1963 is duidelijk van zijn hand. Volgens insiders beleefde hij bij The Pick-Nicks zijn gelukkigste jaren.

      Leon Pooters hield echter geregeld van afwisseling. In 1964 stapte hij over naar The River Boys (samen met Pick-Nicks drummer Roger Windey die in 1968 terugging naar The Pick-Nicks). In de tweede helft van de jaren zestig was hij de bezielende kracht bij The Blackbirds en The White Birds, die een paar vinylplaatjes uitbrachten bij… Flora Music van muziekuitgever Bert Cleys (zie I’m alone forever van The Pick-Nicks 1965!).

      Wat zijn weduwe Hilde Stuer bedoelde, betreft geen “Amerikaanse connectie” maar wel het feit dat The Jokers na het “vertrek” van Leon Pooters wel internationale bekendheid kregen, tot in Amerika en Japan toe (platen van The Jokers met Japanse platenhoezen zijn tot op heden te vinden als verzamelobjecten in dat Aziatische land).

      Behalve dat ene artikel in GvA en eentje in De Streekkrant is er over het overlijden van rock-‘n-rollpionier Leon Pooters in de pers niets verschenen. Toen ik een muziek- en mediawebsite (ik ga niet zeggen welke) informeerde over zijn overlijden en hun zelfs een beetje documentatie bezorgde, kreeg ik het antwoord “Dat is voor ons te mager en niet het publiceren waard”. Moet er nog zand zijn? Ik ben blij dat we langs deze weg toch een beetje aandacht kunnen besteden aan die klasseartiest en -gitarist die (net zoals The Pick-Nicks) door onze moderne media geheel ten onrechte vergeten wordt.

      Met vriendelijke groeten,

      Karel De Wilde uit Zele

      Liked by 1 persoon

  8. Heb het geluk gehad om persoonlijk Leon Pooters te ontmoeten voor een interview dat ik opnam voor mijn periode bij radio stad, ik zocht hem thuis op en kon hem vele singles bezorgen die hij allemaal door de jaren heen weggegeven en kwijtgespeeld was. Leon was de eerste Rock and Roller die Antwerpen en Belgie kende, na Freddy Sunder uiteraard. Hij bezat een enorme muzikale begaafdheid en wist grote gitaarsolo’s te spelen, eerst als Lee West solo, wij dachten als jonge kids dat hij van Amerika kwam, hij speelde mee met The Jokers, The Picknicks, maar zijn beste werk leverde hij met The Tramps, luister maar naar de intro’s en de stem van Maradhja en Murder, hij was de Belgische Joe Meek, Maradhja is zelf nog in Amerika uitgebracht op verschillende platenlabels en dit is geen fabeltje. Zijn Lee West opnames zijn voor mij de echte pure Rock and Roll zoals zij alleen zijn gemaakt in Amerika, gelukkig hebben ik en mijn enige jaren geleden overleden vriend Werner Arijs een kompilatie cd kunnen laten maken waarop al zijn fijn werk opstond, en waar ik mij heb laten vertellen dat Leon Pooters zeer blij mee was, zodoende hier eer mee te bewijzen aan een groot muzikant.

    Liked by 1 persoon

  9. hoi
    wie weet welk lid van de picknicks er op een rode gitaar van het merk EKO 400 EKOMASTER RED GLITTER RARE NEAR MINT 1962 VINTAGE heeft gespeeld die ook in een rode gitaarkoffer zat
    groeten Patrick

    Liked by 1 persoon

  10. Rocco Granata vind ikzelf de enige Belg waarvan je kan zeggen dat die een echte evergreen heeft voortgebracht. Dat hij de top van Billboard niet bereikt heeft wat Soeur Sourire wel heeft verwezenlijkt, doet geen afbreuk aan mijn stelling want midden de jaren zestig waren de marketing machines al op volle kruissnelheid (voorbeeld is dat rommel zoals “They’re coming to take me away Ha-haa” van Napoleon XIV zelfs de 3de plaats in Billboard bereikte, gestart als weddenschap om te bewijzen dat marketing alles kon bewerkstelligen), wat nog niet zo was in de tijd dat Rocco hoge toppen scheerde zonder die geöliede georganiseerde marketingmachine, gesteund door dj’s die ook soms nog meedeelden in de koek (denk maar aan Payola). Hier in Belgie heeft Leo Rozenstraeten ook zo eens een grap uitgehaald en die is ook nog grandioos gelukt (“Sperziebonen”). Ge moet niet vragen hoe de niet-kritische muziekliefhebber er met twee voeten in trapt en laat me toe het te zeggen: belachelijk gemaakt.
    Rocco op zijn eentje met zijn International Quintet. Die man heeft voor mij nog nooit gekregen waar hij recht op had alhoewel hij wel al in het zonnetje is gezet maar toch niet op zijn volle waarde; misschien als hij overlijdt dat ze misschien zullen beseffen wat zijn echte status is. Mocht die in Amerika gebleven zijn, kon hij gerust naast een Anka gestaan hebben. Mocht deze laatste in Canada gebleven zijn, zou die ook nooit zo groot geworden zijn. Maar Don Costa gaf die vleugels van zodra hij in de States functioneerde.
    Tevens wil ik hier nog aanstippen dat Rocco nooit de top tien gehaald heeft. Zijn piekpositie in Billboard was 31 en bij Cashbox 12.

    Liked by 1 persoon

  11. Van Luc De Ryck ontving ik volgende reactie:
    ronny
    ik heb je bijdrage over the picknicks gelezen
    het succes van ‘i’m alone’ is een schoolvoorbeeld van een mythe
    ik heb nauwgezet de popmuziek gevolgd vanaf eind jaren ‘50 – ik schrijf er binnenkort over in mijn rubriek ‘rechtstreekse lijn met de burgemeester’ (de nieuwe omroeper) – en het nummer ‘i’m alone’ is onopgemerkt gebleven, toen het halfweg de jaren ‘60 op de markt kwam. Ik leerde het pas later kennen via de dansvloer. Het nummer komt niet voor in de Engelse of Amerikaanse hitparades (beide in mijn bezit in boekvorm), sterker nog: het komt ook niet voor in de Vlaamse hitparade van de jaren ‘60-‘70. In ‘het Belgisch hitboek 1959-1989’ wordt het nummer ‘i’m so alone’ (?) van the pick-nicks vermeld in… 1981: hoogste notering 25ste plaats, aantal weken in de hitparade: 4.
    ik heb dat destijds ook laten weten aan de auteur van het artikel in het tijdschrift van de heemkundige kring wissekerke en uit de repliek bleek dat er inderdaad geen tastbare bewijzen waren/zijn van welk commercieel succes dan ook
    het succes is dus op de eerste plaats beperkt tot de dansvloer
    afgezien daarvan: the pick-nicks waren een uistekende groep en ‘i’m alone’ is een mooi nummer
    mogelijk (hopelijk) zijn er inderdaad 30.000 ex. van verkocht in ons land
    maar het ‘(wereldwijde) commerciële succes’ is een mythe
    groetjes
    ldr

    Liked by 1 persoon

    1. Dat I’m alone (forever) van The Pick-Nicks niet voorkomt op de hitlijsten van de BRT, is een feit, maar om daarom het bestaan van “welk commercieel succes dan ook” te ontkennen, is toch wel iets te cru uitgedrukt. Muziekuitgever Bert Cleys uit Beveren (Flora Music) heeft in alle geval mooi geld verdiend met dit nummer en met andere nummers van The Pick-Nicks! Ik heb al eerder op deze blog verduidelijkt dat de singles van The Pick-Nicks (Flora Music, Ring Records, Ronnex) vooral belandden bij de verdelers die de jukeboxen in Vlaanderen van plaatjes gingen voorzien. Bovendien werden heel wat singletjes ter plaatse verkocht bij live optredens. Burgemeester De Ryck zal best nog wel weten dat men na een live optreden van een band zoals The Pick-Nicks achteraan in de zaal aan een tafeltje de singles kon kopen en zelfs laten signeren want het waren de bandleden zelf die dat verkochten voor een extra centje.

      Van het nummer I’m alone forever van The Pick-Nicks zijn in totaal 25.000 à 30.000 exemplaren verkocht door de jaren heen. Dat betreft dan wel de 3 versies van het nummer samen, de originele uit 1965, de Ronnex-versie uit 1970 (met koor) en nog een latere versie (met violen). Ik heb enkel de originele versie. Dat cijfer 25.000 à 30.000 komt uit de archieven van wijlen Werner Arijs. De exacte oplage van een single is alleen bekend bij Sabam, maar die gegevens kan men zomaar niet vastkrijgen (ik toch niet).

      Terloops: het nummer I’m so alone uit 1981 van The Pick-Nicks bestaat. Ik heb het in mijn digitale collectie.

      Ik heb in de tekst van mijn artikel over The Pick-Nicks in tijdschrift Wissekerke duidelijk geschreven dat I’m alone forever 1965 nooit de Belgische hitparade bereikte, citaat: “…een vaststelling die in feite méér zegt over de representativiteit van die hitlijst en over de werkwijze van de nationale radiostations dan wel over de kwaliteit van dit nummer.” Ik blijf daarbij. In mijn tekst staat ook de vermelding “gouden plaat” tussen aanhalingstekens en dat is niet zonder reden. Ze hebben uit dankbaarheid een gouden plaat gekregen van hun achterban, maar dat was geen officiële gouden plaat. Wie de originele tekst van mijn bijdrage wil nalezen, kan die online vinden om de webblog van Muziekmuseum Vlaanderen:
      http://muziekmuseum.skynetblogs.be/archives/2010/02/index-8.html

      De mythevorming over The Pick-Nicks gaat in feite terug tot hun prille beginperiode. In 1959 lieten ze zich ooit voor een “boekske” fotograferen aan de kaai in Antwerpen, op de loopbrug van een zeeschip, allemaal met een “pardessus” aan en een reiskoffer in de hand. Daar is het fabeltje ontstaan dat The Pick-Nicks ooit in Amerika zouden geweest zijn. Pick-Nicks drummer Roger Windey heeft me dat fotootje getoond in zijn knipselarchief. De suggestie die dat fotootje opwekt, werd later door een roadie van de groep (ik ga zijn naam niet noemen want hij leeft nog) opgepikt om allerlei verhaaltjes de wereld in te sturen over 1,9 miljoen exemplaren en een opname in de Sun-studio’s en meer van die zever. Die verhaaltjes gingen een eigen leven leiden, zelfs tot in de kranten n.a.v. het overlijden van zanger René Van Laere nu 3 jaar geleden. Let wel: de leden van The Pick-Nicks zelf hebben die verhaaltjes nooit de wereld ingestuurd! Ze lachten er een beetje mee, sommigen vonden die fabeltjes zelfs een beetje irritant.

      Laat ik het als volgt samenvatten: The Pick-Nicks waren “wereldberoemd in Antwerpen en omgeving”. Hun grote succes ligt in hun live optredens in de danszalen en hun bekendheid via de jukeboxen hier te lande. Hadden ze een goeie manager gehad of zelf wat meer commerciële aanleg, dan zouden ze het beslist veel verder geschopt hebben.

      Liked by 1 persoon

  12. FONS VAN MIEGHEM

    Ik ben den drummer van de The Butaris geweest uit Kruibeke nergens vindt ik terug dat Leon Pooters een klein jaar bij The Butaris gespeelt heeft rond de jaren 1965

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s