Ik kende Theo Kars reeds van een andere omnibus, namelijk “Eros gesluierd” (Amsterdam, Loeb, 1982, 361 blz.), die evenwel geen verhalen van zijn eigen hand bundelde, maar de kaft van “Op zoek naar het geluk” (zie hierboven) wijst in dezelfde erotische richting. Ik heb het reeds eerder geschreven: al die erotische boeken uit mijn bibliotheek dateren uit een periode toen ik nog jong en “onrustig” was, nu zijn ze eigenlijk niet meer aan mij besteed. Toch wil ik dit boek, dat drie romans bevat, een kans geven, ook al omdat het een vrij kleine druk is en als ik dat nù niet meer kan lezen, zal ik het later zéker niet meer kunnen lezen…

Theo Kars (Rotterdam22 maart 1940 – Amsterdam10 november 2015) groeide op in Doorn in een gereformeerd gezin maar zette zich later af tegen zijn ouders en elke vorm van godsdienst. Hij getuigde van een nonconformistische en hedonistische levenshouding. Hij was een notoir casanova en bracht enige tijd van zijn leven door met twee vrouwen tegelijkertijd. Hij vertaalde bovendien Casanova’s memoires.

Samen met schrijver Boudewijn van Houten lichtte hij de PTT op voor een aanzienlijk geldbedrag. Hij werd daarvoor veroordeeld tot 27 maanden celstraf, waarvan hij er 24 uitzat. Zijn wedervaren daaromtrent verhaalt hij in zijn boeken De Vervalsers en De Huichelaars. In 1964 richtte hij met het gestolen geld van de PTT het literair tijdschrift Tegenstroom op.

De drie romans die samen “Op zoek naar het geluk” uitmaken, verschenen allemaal rond 1970. Het zijn in volgorde: “De verleider” uit 1969, “Alice” uit 1970 (later heruitgegeven als “De koorts van het verstand” en “De geisha” uit 1972. De omnibus begint echter met “Alice” en ik moet zeggen: dat viel veel beter mee dan ik had gedacht. Alhoewel het inderdaad de hele tijd over vrijen gaat, vind ik het toch eerder een “coming of age”-roman. Waarom het boek een andere titel moest krijgen, begrijp ik niet. Enfin, ik geef toe dat “Alice” als titel een beetje flauw is, maar wat betekent in godsnaam “De koorts van het verstand”?

Het tweede boek (maar dus eigenlijk het eerste) is “De verleider”, uiteraard gebaseerd op Kars’ fascinatie voor Casanova (ik heb zelf nog een boek van zijn hand over de laatste jaren van deze man). In eerste instantie vond ik zijn argumentatie echter totaal naast de kwestie (“eigen genot eerst”), maar nadien komt hij dan toch tot de kern van de zaak (“genot ervaren door genot te geven”). Nadien volgen een obligate hoeveelheid “case studies” (een doofstomme, een egoïstische vrouw, een erg mager meisje…). Niet erg interessant. Het is duidelijk dat het allemaal autobiografisch is en ook al zijn zijn “lessen” (had ik dit boek maar op mijn dertiende of zo gelezen!) terecht, toch werkt “zijn grote gelijk” uiteindelijk tégen hem.

Het derde boek, “De geisha”, zou zo maar een hoofdstuk uit “De verleider” kunnen zijn, maar ik was natuurlijk geïntrigeerd door de titel… Nou, dat heb ik me dan wel beklaagd. Enkel om een verklaring te vinden voor de titel heb ik me door het vervelende verhaal geworsteld en die verklaring is er nooit gekomen. De term “geisha” wordt één maal gebruikt en dan nog totaal ten onrechte. Nee, vervelend boek. En wat wordt er veel gerookt, zeg! Ik weet nu wel dat dit mede door de tijdsomstandigheden is, maar ook dat irriteert me mateloos. Snel vergeten is de boodschap!

In 1996 bracht Kars het boek De Strijd tegen de Tijd uit, waarin hij bericht over zijn ervaringen om ouderdomsverschijnselen tegen te gaan. Tijdens en na de ziekte van zijn toenmalige vriendin (schizofrenie) bestudeerde hij uitvoerig het onderwerp voedingssupplementen en levensverlengende therapieën en begon hij naar die inzichten te leven. In het boek bespreekt hij de vitamine– en mineraalsuppletie, cel- en procaïnetherapieën en plastische en tandheelkundige chirurgie die hij onderging en die hij combineerde met een levenslustige en genotsvolle instelling, waarbij hij bijvoorbeeld roken en koffiedrinken niet afzwoer. In dit boek bekent hij ook de auteur te zijn van de Prisma vitaminen- en mineralengids, die onder het pseudoniem Hannah Kohn bij uitgeverij Het Spectrum verscheen.

Het cultboek Praktisch Verstand (2003) is uitgegroeid tot het standaardwerk voor non-conformisten – zoals hij er zelf ook één was. Het gaat over de kunst om een gelukkig leven te leiden en is de neerslag van zijn hedonistische en non-conformistische ideeën. De titel van het werk is ontleend aan Epicurus, die praktisch verstand als het hoogste goed om gelukkig te worden beschouwde. Het boek werd ook in het Duits vertaald: Philosophie für Nonkonformisten: kleine Anleitung zur LebenskunstPraktisch Verstand beleefde in korte tijd vier drukken, maar uitgeverij Querido staakte na de vierde druk de verspreiding van het succesvolle boek. Pas in 2013 verscheen in kleine oplage een vijfde druk, aangevuld met een aantal van zijn nieuwe ideeën.

In 2010 verscheen het eerste deel van de memoires van Theo Kars, getiteld: Memoires van een slecht mens. In 2013 verscheen het tweede deel. Het derde en laatste deel zou pas na zijn overlijden verschijnen, aangezien hij in dat deel een aantal onopgehelderde financiële misdaden opbiecht. Dit derde deel is echter onvoltooid gebleven. Zijn persoonlijke website vermeldt dat Theo “heeft besloten zijn geheimen mee te nemen in zijn graf”. Theo Kars heeft het moment van zijn dood zelf gekozen, nadat bij hem een ongeneeslijke ziekte was geconstateerd. (Wikipedia)

Boekenbal 1972. V.l.n.r.: Theo Kars, diens echtgenote Karin, Adriaan Morriën en Metten Koornstra. Foto: Rob Mieremet (ANEFO) – GaHetNa (Nationaal Archief NL) 925-4044

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.