Het is vandaag precies honderd jaar geleden dat de Franse componist Camille Saint-Saëns is gestorven.

Camille Saint-Saëns was een eclectische geest bij uitstek. Als wonderkind speelde hij piano op driejarige leeftijd en componeerde hij walsjes toen hij amper vijf was. Op tienjarige leeftijd gaf hij een Mozart-recital in de fameuze Salle Pleyel. Hij ging naar het Parijse conservatorium toen hij pas dertien was en werd als 14-jarige verliefd op de zangeres Pauline Viardot, een liefde die een leven lang zal meegaan. Zij was het die hem Hector Berlioz leerde kennen, die van grote betekenis voor hem zou zijn. Zelf zou hij via de “Société Nationale de Musique” (opgericht in 1871) die kennis doorgeven aan mensen als Bizet en Fauré. Alleen Jules Massenet kon hij niet uitstaan, wellicht omdat die wel succes kende in het operagenre, wat Saint-Saëns tijdens zijn leven (en ook daarna: “Samson et Dalila” is de enige van zijn twaalf opera’s die nog wordt opgevoerd) heeft gekend.
ZIEGFELD
Alhoewel Saint-Saëns een reis door de VS heeft gemaakt (cfr. zijn cantate “Hail California”), is het niet duidelijk of mijnheer Ziegfeld juist op het idee van die “Follies” is gekomen, naar aanleiding van de bacchanalen uit “Samson et Dalila”. Maar het had best gekund, vind ik. Toch bracht de Vlaamse Opera uitgerekend dit werk in een concertante versie! Concertant wil zeggen dat men de opera brengt als een concert, dus zonder decor en zonder echt te acteren. Daardoor moesten we niet alleen de dansen van de Bacchanalen missen, maar ook de sensuele verleidingsscène.
Samson et Dalila stond overigens ook op het programma van de feestvierende (20 jaar) Opéra Royal de Wallonie en werd integraal door de RTBF uitgezonden op 2 oktober 1986. De monsterproductie die in het Luikse Sportpaleis heeft gelopen werd overigens een zeer kleurrijke weergave en dat is, zoals we reeds eerder schreven, niet steeds zo vanzelfsprekend als het wel lijkt.
Natuurlijk heeft regisseur Albert-André Lheureux daarin ook een groot aandeel, want wat niet kleurrijk is kan het op televisie ook moeilijk worden. Overigens weze terloops vermeld dat het ballet van veel hoger niveau was dan de intermezzi die het Ballet van Vlaanderen in onze contreien pleegt te brengen (en dat ondanks een plechtige gelofte op de persconferentie bij het begin van het nieuwe seizoen, men wéét dus wel waar het schoentje wringt !).
De zang en de vertolking, vooral dan van de hoofdpersonages André Jobin en Victoria Vergara (maar ook van hogepriester Alain Fondary b.v.), kon ons in hoge mate bekoren. Bij het mooiste liefdesduet uit de muziekgeschiedenis zaten we zelfs op het puntje van onze (huiselijke)zetel. En zeggen dat in dit liefdesduet de vrouw haar liefde slechts veinst ! Wat had het dan wel geweest kunnen zijn als ze het ook echt méénde ?
Zou het overigens toeval zijn dat de mooiste liefdesaria door een vrouw gezongen meteen ook het supreme voorbeeld van huichelarij is? In “Mon coeur s’ouvre à ta voix” fluistert Dalila zoete woordjes in het oor van Samson, gewoon om te weten te komen, waar het geheim van zijn formidabele kracht nu eigenlijk zit. Als Maria Callas dit voor mij had gezongen, zou ik ook meteen bereid geweest zijn eender wie te verloochenen. Alleen jammer dat ze deze rol alleen maar tijdens concerten heeft vertolkt, zodat de klagende stem op de achtergrond is vervangen door een klarinet. Zij het dat deze keuze toch van inzicht getuigt, want normaal is dat Samson, die met een knoert van een erectie zachtjes klaarkomt. Want let wel op: Samson is géén hond. En alleszins in deze beide gevallen werd Dalila niet vertolkt door Geert Verhulst.
ORATORIUM
Toegegeven, oorspronkelijk had Saint-Saëns een bijbels oratorium in zijn hoofd, maar zijn librettist Ferdinand Lemaire kon hem gelukkig overtuigen dat er in dit onderwerp heel wat meer zat dan alleen maar mooi gezang. Wellicht kwam Saint-Saëns mening voort uit het feit dat de hoogdagen van de “grand opéra” op dat moment reeds enkele jaren achter de rug lagen. Met “L’Africaine” van Meyerbeer was er in 1871 zowel een hoogtepunt als een punt tout court achter deze periode geplaatst. De aanhangers van Wagner gingen vanaf nu geregeld op de vuist met de liefhebbers van belcanto en tussen de twee waren er ook nog een soort van voorlopers van de huidige authentieke beweging die teruggingen op Gluck e.d. Bovendien waren er ook nog politieke strubbelingen, die vooral in veristische opera’s werden vertaald, zoals “Louise” van Charpentier (1900). Bij Saint-Saëns vinden we uiteindelijk een beetje van dat alles.
Dat eclectisme viert hoogtij in “Samson et Dalila” dat op de koop toe dus ook nog wat oratorium-invloed meekrijgt (Händel met zijn eigen “Samson”, Mendelssohn met “Elias”). Dat was ook min of meer gemakkelijk, omdat het religieuze overweegt bij de Hebreeërs en de zinnelijke operaklanken bij de Filistijnen (de balletten zijn wellicht geïnspireerd door de even sensuele balletten van de slavinnetjes in Verdi’s “Aida”). Toch waren Saint-Saëns’ tijdgenoten nog niet tevreden: als hij in een beperkte kring een voorontwerp liet horen, was er niemand die applaudisseerde, “pas même par politesse”, merkte hij bitter op. Zo duurde het tot zijn (en ieders) vriend Liszt het werk op 2 december 1877 in Weimar creëerde vooraleer de wereld er kennis kon van nemen. En de wereld, dat is dan in de eerste plaats Brussel, waar de opera reeds op 5 mei 1878 op het programma wordt genomen, veertien jaar vóór Parijs. Daarmee vergeleken is ook Gent er nog tamelijk vlug bij: op 5 november 1903 is de componist zelf aanwezig bij de Gentse creatie.
Alhoewel Saint-Saëns eigenlijk de “Samson” van Voltaire (1694-1778) in zijn hoofd had, heeft librettist Lemaire zich vrij strikt aan het bijbelse verhaal gehouden (in de bijbel heten ze wel Delila en Simson, bijna zoals Tom, die eveneens ten onder ging, maar niet aan een vrouw), alleen heeft hij de motivatie voor het verraad van Dalila gewijzigd. Net zoals Salome bij Richard Strauss (1905) zal zij Samson uit wraakzucht verraden, omdat hij als “godsgetrouwe” haar passie aanvankelijk negeert. Aldus geïnterpreteerd moet zij zowat de eerste “femme fatale” uit de historie zijn geweest, tenzij dit reeds een zekere… Eva was? Hoe dan ook, Samsons overgave komt te laat en daarom ook aanvaardt Samson zijn straf, aangezien hij zich van zijn schuld bewust is. Daarnaast handelt Dalila ook uit vaderlandsliefde, terwijl ze het in de bijbel enkel voor geld doet. Deze wijziging hoeft niet te verwonderen, want ondanks het feit dat Saint-Saëns lange tijd organist is geweest van de kerk van La Madeleine (cfr. zijn orgel-symfonie), was hij eigenlijk een atheïst en interesseerde de erotiek van het verhaal hem dan ook veel meer dan de religie. De oorspronkelijke Dalila die hij in zijn hoofd had, was trouwens zijn eigen Paulientje. Tegen dat de opera uiteindelijk werd gecreëerd, was haar glorietijd echter over.
Saint-Saëns’ fascinatie voor het exotische kwam ook van zijn vele reizen om gezondheidsredenen naar Algerije, waar hij o.a. het fameuze bacchanaal schreef, iets waar we gemakkelijk kunnen inkomen als je “The sheltering sky” b.v. hebt gezien.

VIOOLCONCERTO
Op 2 januari 1881 werd het derde en laatste vioolconcerto van Camille Saint-Saëns gecreëerd door de Belgische violist Martin Marsick (foto), al was het opgedragen aan een andere virtuoos in wording Pablo de Sarasate, die op dat moment pas 15 was. Marsick’s violin was made by Antonio Stradivari in 1705 and has since become known as the Ex-Marsick Stradivarius. It was the instrument of David Oistrakh from 1966 to 1974.

Ronny De Schepper

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.