Het is vandaag tachtig jaar geleden dat in het Nederlandse Doorn Wilhelm II is overleden, de laatste Duitse keizer.

De eerste vraag die zich opdringt is natuurlijk: wat deed hij in Nederland? Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog is Wilhelm lang neergezet, vooral door de geallieerde propaganda en pers, als de grootste aanstichter van de oorlog en daarmee als hoofdverantwoordelijke voor de verwoestingen, slachtpartijen, wreedheden en oorlogsmisdaden die toen gepleegd en aangericht zijn. Nadien wordt er door diverse historici genuanceerder over gedacht, maar de meningen blijven verdeeld: Wilhelm als agressieve aanstichter van de oorlog en Wilhelm als vooral onwillig slachtoffer van de omstandigheden, met weinig invloed op de gebeurtenissen. Zo wilde hij aanvankelijk niets weten van een aanval op België en Frankrijk, maar ging onder de voortdurende druk van de legerstaf uiteindelijk, met tegenzin, akkoord. Al snel was de keizer op een zijspoor gerangeerd door zijn generale staf, hoewel hijzelf meende nog te regeren en functioneerde hij slechts als publiek uithangbord van de ware machthebbers: Ludendorff en Von Hindenburg, die in feite een militaire junta vormden. Deze bestuurden het land en bepaalden het beleid en waren daarmee eigenlijk ook de verantwoordelijken voor alles wat er op de slagvelden gebeurde.

Nederland verleende Wilhelm asiel op voorwaarde dat hij zich voortaan van verdere politieke activiteiten zou onthouden zodat de geallieerden Nederland niet ervan konden beschuldigen haar neutraliteit te schenden. Wilhelm had geen andere keus en stemde hiermee in. Op 11 november 1918, de dag van de wapenstilstand die een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog, arriveerde hij in Kasteel Amerongen, waar hij op 28 november van dat jaar zijn troonsafstand ondertekende. 

Wilhelm bleef anderhalf jaar in Amerongen, tot het moment dat hij het door hem in 1919 aangekochte kasteeltje Huis Doorn kon gaan bewonen. De Nederlandse regering weigerde hem uit te leveren aan de geallieerden, ondanks herhaalde verzoeken daartoe, en hield vast aan haar neutraliteitspolitiek. De geallieerden waren te oorlogsmoe om een conflict hierover op de spits te drijven en uiteindelijk drongen ze niet verder aan op uitlevering. Overigens wilde koningin Wilhelmina niets met de ex-keizer te maken hebben en heeft hem (voor zover bekend) nooit bezocht in zijn ballingsoord. Haar echtgenoot prins Hendrik en dochter Juliana en haar echtgenoot prins Bernhard bezochten hem wel enige malen. Dit waren geen officiële ontvangsten door Wilhelm, maar ‘familiebezoeken’: de Oranjes en Hohenzollerns zijn inderdaad aan elkaar verwant. Wilhelm bleef in Doorn tot aan zijn dood. (Wikipedia)

Maar de hamvraag is natuurlijk: waarom besteed ik als republikein en pacifist zoveel aandacht aan deze omhoog gevallen sabelslijper? Wel, dat heeft alles te maken met een onnozel liedje uit 1967 dat bij de Blommenkinders een geweldig groot succes kende: “I was Kaiser Bill’s Batman” van Whistling Jack Smith.

I was kaiser Bill’s batman is een melodietje geschreven door Roger Greenaway en Roger Cook. Een jaar later zouden ze als het duo David and Jonathan één single opnemen (“Lovers of the world unite”), maar uiteindelijk besloten ze om enkel maar verder te gaan als een schrijversduo. Dit bleek een succesvolle keuze te worden. Ze hadden voordien al succes gehad met het lied You’ve got your troubles dat werd uitgevoerd door de Britse popgroep The Fortunes die er een van hun grootste hits mee behaalde. Ook leverden ze de volgende hit van The Fortunes, This golden ring. Nadat ook Gary Lewis & the Playboys een hit behaalde met een nummer van hun hand, Green grass, hadden Greenaway en Cook zich definitief gevestigd als schrijversduo. Vele hits volgden en ook schreven ze ander werk, zoals een bekende reclamejingle voor Coca-Cola.

Dankbare afnemer van de muziek van Greenaway en Cook was de Nederlandse band The Cats aan het eind van de jaren zestig toen die nog vrijwel geen zelfgeschreven werk voortbracht. Nummers die ook op single verschenen, zijn What a crazy life (1966), What’s the world coming to (1967), Sure he’s a cat (1967) en Turn around and start again (1968). The Cats waren geen uitzondering, maar slechts één band van de velen die werk van het duo uitbracht of coverde. Aan het eind 1975 ging het schrijversduo op vriendschappelijke wijze uit elkaar en vertrok Cook naar de Verenigde Staten, waar hij als eerste Brit ooit in de Nashville Songwriters Hall of Fame terechtkwam.

“I was Kaiser Bill’s Batman” was originally titled “Too Much Birdseed”. It was recorded as a single for Deram Records by record producer Noel Walker, using studio musicians together with the Mike Sammes Singers. The whistling on the record was, according to most sources, by John O’Neill, a trumpeter and singer with the Mike Sammes Singers who was known for his whistling skill, though other sources credit Noel Walker. Mogelijkerwijs zijn beide verklaringen juist, want op het einde gaat de fluiter in dialoog met zichzelf.

The song is noted for its false ending: after the song ends its last chorus, a male voice shouts “Oi” (on the album version) and “Hey” (on the single version); the tune starts up again with the repeated chorus, and fades out. Men kan dit ook zien op onderstaand YouTube-filmpje afkomstig uit een bekend Duits popprogramma, waarbij de uitvoerder het publiek al waarschuwt dat dit niet het einde is. Ik herinner me uit die tijd een show op de BRT, waarbij zelfs de regie dacht dat dit wel zo was, zodat de band na de “Oi” werd stopgezet. Toen dan de volgende zanger moest beginnen, startte natuurlijk “Kaiser Bill” opnieuw, zodat de jodelende fluiter fluks uit de coulissen moest springen om dit euvel op te vangen!

Credited to Whistling Jack Smith, based on the name of the baritone singer of the 1920s, 1930s and 1940s, Whispering Jack Smith, it was featured on Top of the Pops. Actor Coby Wells was used to mime the whistling, and later toured as the public face of Whistling Jack Smith. (Wells’ real name was Billy Moeller; a brother of Tommy Moeller, lead vocalist, guitarist, and pianist with Unit 4 + 2). The recording reached #5 on the UK singles chart in March 1967, staying in the chart for 12 weeks, and peaked at #20 on the Billboard Hot 100 in the U.S. In de Vlaamse Ultratop bereikte ze de vijfde plaats, maar de Nederlandse top 40 versloeg dit echter met gemak: vijftien weken genoteerd met een tweede plaats als hoogste notering. Bill’s batman kon alleen afgestopt worden door This is my song van Petula Clark.

Pat Boone recorded a whistling version of the song in 1967. A vocal version of the song, as “Ich war der Putzer vom Kaiser”, was recorded in German by Die Travellers, in the late 1960s. The German lyrics were credited to Fred Oldörp, a member of the group. The lyrics concern the batman, or Putzer (“cleaner”) of the Kaiser, who evades combat because of his position. Men zou het dus kunnen vergelijken met het latere “Jan Klaassen de trompetter” van Rob De Nijs. It has been suggested that the words derive from a First World War marching song, but this is unconfirmed. (Wikipedia)

Het succes van “I was Kaiser Bill’s Batman” werd bij de Blommenkinders overigens overschaduwd door de B-kant, “The British grin and bear” (*), waarover ik verder helaas niets over weet te vertellen, tenzij dan dat Lutgart Simoens het ook ooit eens in haar programma heeft gedraaid, waarbij ze verklaarde dat ze dit beter vond dan de A-kant en vooral dat men hiervoor wel degelijk moet kunnen fluiten (Batman kan door zowat iedereen gefloten worden). Mijn vader die had dan weer vooral bewondering voor de klarinetten, maar ja, dat spreekt vanzelf!

Er werd ook een elpee uitgebracht, die echter roemloos ten onder ging, wat had u gedacht. Volgens Wikipedia kreeg die ook de titel “I was Kaiser Bill’s Batman” mee, maar in werkelijkheid blijkt dat “Around the world with Whistling Jack Smith” te zijn. Niet dat de liedjes (bijna allemaal gefloten uiteraard) inderdaad een afspiegeling zijn van wat er zoal overal ter wereld wordt afgefloten, al komen we zowel de boottrekkers van de Volga tegen als “Hava Naguila”, “Frère Jacques” of “Waltzing Mathilda” (één van de twee min of meer gezongen nummers). Maar wat erger is: “The British grin and bear” staat er niet op!

Ronny De Schepper (met dank aan Jan De Smet)

(*) Wat zou dit eigenlijk betekenen, vroeg ik me af. Gregory Ball kwam met het antwoord: “Dat is het zogezegde Britse stoïcisme: keep on smiling whatever happens to you…”

Een gedachte over “Wilhelm II van Duitsland (1859-1941)

  1. Beste Ronny,
    Anno 2019 deed Georg Friedrich Prinz von Preußen, achter-achterkleinzoon van deze laatste keizer, truckladingen aan Duits stof opwaaien door vrij absurde eisen tot compensatie bij de Duitse regering te deponeren. Nogal wat keizerlijk bezit was namelijk onteigend geworden en nu wil het Pruisenprinsje dat terugzien.
    Komiek Jan Böhmermann -eerder al promiment in de actualiteit door Erdogan dicht op de huid te zitten en Podolski zeer natuurgetrouw te imiteren- fileert de gehele Hohenzollern dynastie, waarvan Georg Friedrich exponent is en wel op meesterlijke wijze. Terug te zien op het tubekanaal, gaat dat zien.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.