Het is vandaag 55 jaar geleden dat de Antwerpse striptekenaar en cartoonist George Van Raemdonck is overleden. Op de foto uit De Volksgazet van 31/8/1958 t.g.v. zijn zeventigste verjaardag staat hij in het midden met links Eugeen De Ridder en rechts Jef Van Hoof (met dank aan Werner Lyssens).

George Van Raemdonck was niet de eerste Nederlandse, maar wel de eerste Vlaamse striptekenaar. In Vlaanderen genoot hij echter veel minder bekendheid dan in Nederland (*).
Zijn vader, apotheker van beroep, was tevens een bekwaam tekenaar. Omdat George Van Raemdonck beschikte over muzikaal talent, zond zijn vader hem naar het conservatorium om viool te studeren. Tegelijkertijd legde hij zich toe op schilderen, en in 1903, vijftien jaar oud, schreef hij zich in bij de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen, waar hij les kreeg van Franz Courtens en waar hij in 1913 de De Keyers-prijs ontving. In die tijd tekende hij al illustraties bij verschillende volksromans en voor het geïllustreerd weekblad Lange Wapper.
Vanwege de Eerste Wereldoorlog vluchtte Van Raemdonck op 9 oktober 1914 met vrouw en kind naar Nederland, waar hij al snel politieke prenten ging tekenen voor De Amsterdammer (nu: De Groene Amsterdammer). Zijn eerste ‘kartoen’ De dikke Bertha, gebaseerd op het reuzekanon van het Duitse leger, verscheen reeds in De Amsterdammer op 6 december 1914.
De schrijver A.M. de Jong was onder de indruk van zijn werk en vroeg hem eind 1917 om het kinderboek Vacantiedagen te illustreren. Al snel ontstond een vriendschap tussen de twee. In 1920 stapte Van Raemdonck over naar De Notenkraker, waarvoor hij veel politieke tekeningen maakte tot het einde van het blad in juli 1936.
In 1922 trok A.M. de Jong hem aan voor het maken van tekeningen voor de tekststrip Bulletje en Boonestaak. Deze strip verschijnt vanaf 2 mei 1922 vijftien jaar lang, tot en met 17 november 1937 in Het Volk en Voorwaarts. De strip wordt tegenwoordig als een klassieker beschouwd, mede wegens de gedurfde tekeningen. Geregeld liet Van Raemdonck A.M. de Jong in zijn tekeningen optreden en A.M. de Jong op zijn beurt trachtte Van Raemdonck nogal eens in zijn tekst te verwerken. Als voorbeeld kan ook gelden het boek Vrolike Vertelsels onder het pseudoniem van Frank van Waes door A.M. de Jong geschreven met buiten de omslagtekening nog 62 tekeningen tussen de tekst.
De tekststrip Appelsnoet en Goudbaard, weer een samenwerking van Van Raemdonck en De Jong, verscheen tussen 1925 en 1927 in het tijdschrift Blue Band (van de fabrikant van de Blue Band-margarine).
Minder bekend is de dierenstrip De Stoute streken van Boefie en Foefie, de rattenbengels, een plezierige strip over ratjes die hij tekende in 1931 en die verscheen in de regionale krant Utrechts Nieuwsblad en in Voorwaarts.
In 1928 verhuisde Van Raemdonck terug naar België en pakte daar zijn schilderswerk weer op, maar bleef nauw samenwerken met De Jong. De samenwerking kwam abrupt tot een einde toen De Jong tijdens de Tweede Wereldoorlog om het leven kwam door een aanslag door Nederlandse SS-ers.
Van Raemdonck heeft ook de illustraties van het door A.D. Hildebrand geschreven kinderboek Belfloor en Bonnevue gemaakt, dat in 1938 verscheen met 44 tekeningen. Hierop kwam in 1941 een vervolg, Nieuwe avonturen van Belfloor en Bonnevue, een boek met 46 prenten. Beide boeken werden uitgegeven door de Arbeiderspers te Amsterdam.
Na de oorlog ontstond in België een hechte samenwerking tussen George Van Raemdonck en de schrijver L. Roelandt (pseudoniem van Jef Van Droogenbroeck), wat resulteerde in de tekststrip Tijl Uilenspiegel, die vanaf 1964 in het dagblad Vooruit verscheen. Andere strips die hij samen met Roelandt maakte waren Smidje Smee en Robinson Crusoë.
In 1947 vestigde hij zich in Boechout waar hij de laatste jaren van zijn leven woonde en werkte aan de Dokter Theo Tutsstraat 39. Op het hoekje van zijn straat lag Café Sportbors, waar George een graag geziene gast was. Hij tekende in de loop der jaren vele karikaturen en portretten van Boechoutenaren op ‘bierviltjes’. Hiervan werd recent een boek uitgegeven: Boechoutse Koppen, een ode aan de werkman, de boer, de gewone mens.
George Van Raemdonck overleed in Boechout op 26 januari 1966 op 77-jarige leeftijd en werd te rusten gelegd op de gemeentelijke begraafplaats aan de Hovesesteenweg.
Het gemeentelijk park recht over zijn huis in de Dokter Theo Tutsstraat is thans George Van Raemdonckpark genaamd en in dit park staat een monumentje Bulletje en Boonestaak. Dit is opgevat als een schetsboek met vele kleuren waaruit een tekenblad komt met de afbeelding van de twee stripfiguren zoals ze gezien worden door de Boechoutse kunstenaar François Blommaart. Aan de gevel van zijn woonhuis hangt nu een bronzen plaquette met de beeltenis van de kunstenaar, gemaakt door Eric Verlinden, eveneens een Boechouts kunstenaar. (Wikipedia)

Ronny De Schepper

(*) Helaas ben ik daarvan een goede illustratie. Alhoewel ik op mijn blog toch wel voldoende aandacht besteed aan de geschiedenis van het stripverhaal en dan nog vooral hier in Vlaanderen, was de man mij helemaal ontgaan, tot Werner Lyssens mij daarop wees.

Een gedachte over “George Van Raemdonck (1888-1966)

  1. In het volgende nummer van Stripgids (maart, vermoed ik) houd ik het werk van Van Raemdonck tegen het licht. KMSK Antwerpen heeft (o.a.) een prachtig zelfportret van hem!

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.