155 jaar geleden, precies op de 110de verjaardag van de geboorte van Wolfgang Amadeus Mozart (wat dus betekent dat hij vandaag 265 jaar geleden werd geboren) ging in Frankfurt “Zaïde” in première, een onvoltooide opera van het genie.

Ha! “Onvoltooid”, denkt u, dus hij werd door de dood overvallen. Helemaal niet. Integendeel zelfs, Mozart was amper 23 jaar toen hij begon aan “Das Serail” zoals hijzelf de opera doopte. Emperor Joseph II, in 1778, was in the process of setting up an opera company for the purpose of performing German opera. One condition required of the composer to join this company was that he should write a comic opera. At Salzburg in 1779 Mozart began work on a new opera. It contained spoken dialogue, which also classifies it as a Singspiel (literally, “singing play”). Only the arias and ensembles from the first two acts were composed. Missing are an overture and third act.

It was popular at the time for operas to depict the rescue of enslaved Westerners from Muslim courts, since Muslim pirates were preying on Mediterranean shipping, particularly to obtain slaves for various purposes. This story portrays Zaide’s effort to save her beloved, Gomatz.

Mozart was composing for a German libretto by Johann Andreas Schachtner, set in Turkey. He soon abandoned Zaide, to work on his next, similar rescue Singspiel (Die Entführung aus dem Serail) and never returned to the project. The work was lost until after his death, when Constanze Mozart, his widow, found it in his scattered manuscripts in 1799. The fragments would not be published until 1838. Zaide has since been said to be the foundations of a masterpiece, and received critical acclaim. The tender soprano air, “Ruhe sanft, mein holdes Leben” is the only number that might be called moderately familiar.

The title Zaide was supplied by the Mozart researcher Johann Anton André, who first published the score, including his own completion of it, in the 1838. André’s father Johann André had set the same text to music, before Mozart commenced his singspiel.

In 1995, le Théâtre Royal de la Monnaie in Brussels presented Zaide in a production helmed by modern choreographer Lucinda Childs in her directing debut. De bewerking werd niet door iedereen gesmaakt. Een jaar later waagde de Vlaamse Kameropera Transparant ook zijn kans. Zij hadden een traditie van sterk theatraal gericht gezelschap te zijn en zijn dit in deze bewerking ook trouw gebleven. Daarom hielden zij het enkel bij Mozart (dus zonder ouverture en derde acte), terwijl regisseur Ian Burton enkele gesproken bindteksten (in het Duits) heeft bijgeschreven, ook soms ondersteund door muziek (zogenaamde melologo’s). Burton is in operamiddens vooral bekend door zijn samenwerking met Robert Carsen, de man achter de Puccini-cyclus in de Vlaamse Opera. Het orkest La Squadra werd geleid door Etienne Siebens. Anne Cambier zong de titelrol, die als blanke slavin zucht en kwijnt in de harem van sultan Soliman (John Bowen). De sultan wil net als in Mozarts bekendere Singspiel “Die Entführung aus dem Serail” zijn slavin niet met geweld onderwerpen, maar haar met liefde winnen. Zijn pogingen zijn echter vruchteloos want Zaide is verliefd op een andere slaaf, Gomatz (Yves Saelens). Ze proberen te ontsnappen maar worden gevat. De sultan zal echter net als Zarastro in “Die Zauberflöte” grootmoedig zijn en de twee toestaan te vertrekken. In de versie van Transparant is het wel allemaal veel bitterder en als het licht uitgaat, weerklinkt er nog een schot. Dit is totaal in strijd met de tekst, eender wie op wie mag schieten of wie zelfmoord zou plegen. Het einde verliep daardoor trouwens in de hoogste verwarring, want de vijf zangers kwamen daarna uitbundig groeten, maar zongen ook nog een vrolijk wijsje zodat het applaus verstomde, want de mensen dachten terecht dat het nog niet gedaan was. Even later bleek dat dan toch het geval te zijn, maar nu werd er uiteraard niet meer geapplaudiseerd. Volgens recensente Erna Metdepenningen was dit laatste nummer bij Mozart eigenlijk het eerste, maar dan niet als quintet, maar als slavenkoor, slaafjes en slavinnetjes die er nog het beste van trachten te maken. Het was hoe dan ook duidelijk een achteruitgang voor het gezelschap. De vindingrijke regies blijven achterwege en de (gedwongen?) coproductie met Ierland is het equivalent van een Europudding: het Duits van de Ieren was vreselijk slecht en ze zingen en acteren ook slechter dan de Vlamingen, so why bother?

In honor of the 250th anniversary of Mozart’s birth, a production of Zaide directed by Peter Sellars debuted at the Wiener Festwochen in 2006; it was later presented at the Mostly Mozart Festival in New York and the Barbican Centre in London. Sellars took the remaining fragments of Zaide and added excerpts from the composer’s incidental music to the play Thamos, King of Egypt, which, like Zaide, was written when Mozart was 23. Taking off from the opera’s theme of slavery, Sellars set it in a contemporary sweatshop and cast it with African-American and Asian singers. The production featured the Concerto Köln under the direction of Louis Langrée, sets by George Tsypin, lighting by James F.Ingalls and costumes by Gabriel Berry. A revival, with the Camerata Salzburg in the pit, was presented at the Aix-en-Provence Festival in 2008. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.