Vandaag is het 45 jaar geleden dat Generalissimo Francisco Franco y Bahamonde is overleden. Wat gaan we nu krijgen? Alweer een bewijs dat ik opgeschoven ben naar extreem-rechts, zoals een “vriend” (met zulke vrienden heb je geen vijanden meer nodig) me onlangs zei? Uiteraard niet. Eerder integendeel, de dood van Franco en het daarop volgende langzame herstel van de democratie was de aanleiding om op het einde van de jaren zeventig met mijn eerste vrouw op vakantie te gaan aan de noordoostkust van Spanje. Het was zo’n typische strandvakantie-met-twee-kleine-kinderen zodat ik er mij amper nog iets van herinner. Nog een geluk dat ik er destijds in mijn televisierubriekje (!) voor De Voorpost een stuk heb aan gewijd…

“Naar Spanje dus, meer zelfs: Herwig Staes (een collega bij DVP, RDS) achterna naar Barcelona. Met de wagen. Zodat ik onderweg kon vaststellen dat Europa voetbalgek aan het worden is. In Narbonne (dat blijkbaar het kampioenschap van Frankrijk had gewonnen) sierden de roodbruin-zwarte kleuren en een foto van het kampioenenelftal elk uitstalraam. Een kleurenblinde had zich zowaar in Beveren gewaand (blijkbaar op dat moment kampioen van België, RDS).
Ook in Montpellier vierde men (voetbal)feest, al was het me daar niet erg duidelijk waarom. Barcelona zelf was zoals elke grootstad minder geestdriftig (vergelijk RWDM maar eens met Beveren!), maar anderzijds heb ik me daar beperkt tot een bezoek aan het zeer mooie stadspark, dierentuin inkluis, en ik neem aan dat de gorilla’s en zeker de (Vlaamse) leeuwen de overwinning van Barcelona gewoon aan zich lieten voorbijgaan.
Overigens weet elke trouwe lezer van dit rubriekje dat ik eerder een wielerfan ben wat kijksport betreft – want ik voetbal wel zelf in een amateurteam (hiermee bedoelde ik de ploeg van De Rode Vaan, RDS) en op dat gebied werd ik niet erg verwend. In Saintes-Maries de la Mer had ik het geluk (?) een tijdrit te mogen meemaken voor liefhebbers en veteranen. Er waren zeventien (17!) deelnemers die elk om de minuut een ronde van om en bij de twintig kilometer afhaspelden. Dat was dus redelijk snel afgelopen en mijn vrouw wenste dan ook reeds op te stappen toen de laatste renner over de meet was gebold. Toch nog even wachten op de uitslag, meende ik… Nu ja, dat duurde zo’n anderhalf uur. De aankomstrechters waren immers drie grijze eminenties met zo’n typisch Franse pet en een stofjas aan.
Maar Spanje dus. Niet uit beroepsijver, maar gewoon uit nieuwsgierigheid had ik wel eens willen kennismaken met de Spaanse televisie. Maar blijkbaar is Spanje (gelukkig) nog niet zo televisiegek als wij. In een Belgisch restaurant heb ik dan ook mijn enige uitzending gezien: sketches met de plaatselijke Urbanus, terwijl op een tweede toestel de dikke en de dunne op Antenne 2 evolueerden.
Op een zaterdagnamiddag heb ik ook nog kunnen vaststellen dat alle bars (zo van die smalle dingetjes zoals Franse bistrots) proppensvol zaten omdat er op de televisie een film was met een Spaanse Shirley Temple en verder militairen, véél militairen.
Ik neem aan dat de belangstelling van de kijkers naar die pseudo-Temple uitging, want militairen kun je in Spanje anders genoeg in levende lijve zien. Elk boerendorp heeft zijn “zone militar”, waar je niet inkomt, daar ze bewaakt worden door met mitrailletten gewapende snotneuzen.
Overigens bewaken zij daar géén munitiedepot of zoiets, maar gewoon de woningen van de vrouwen en de kinderen van de militairen in kwestie. Erg geliefd moeten die dus zijn!
De militairen werden echter met ruime cijfers geklopt door de Guardia Civil. Op elke straathoek stonden er twee en als je eens een uitstapje maakte, kon je gegarandeerd op een “barrage” rekenen waar je – alweer met een mitraillet onder je neus – naar je paspoort werd gevraagd. Op zoek naar terroristen heet dat dan.
Maar dààrvan heb ik gelukkig niet veel gemerkt. Tenzij in Barcelona, dacht ik. Daar was bij elk appartementsgebouw een hoekje voorzien speciaal voor “bomberos”. Ook handig, meende ik, maar achteraf bleek dat bomberos gewoon pompiers betekent…
De pompiers zouden trouwens het vuur van de Spaanse mannen eens mogen blussen die blijkbaar niks anders te doen hebben dan over het strand te paraderen op zoek naar meisjes (vrouwen?) die het bovenstuk van hun bikini plengen op het altaar van de zonnegod. Frustraties overgebleven uit het Franco-tijdperk?
Een andere reminiscentie aan deze periode is ook dat de tweede taal in Spanje Duits is… Het krioelt er trouwens van de Duitsers. Jaja, ze zijn er weer helemaal bovenop. Dat wordt uitkijken dus, besloot ik profetisch.
Waar ik het merkwaardig genoeg dus niet over heb gehad was een bezoek aan Cadaques, waar op dat moment Salvador Dali woonde. We zijn er naar zijn museum geweest, maar veel meer nog herinner ik me onze zoektocht naar zijn huis, waarbij we zo’n smalle bergpaadjes moesten passeren dat onze auto (en het was nochtans slechts een klein Skodaatje) geschramd werd tegen de rotswand. We hebben het huis van Dali uiteindelijk niet gevonden, maar wel een mooie afgelegen baai, waar we helemaal alleen waren en dus aan “wild naturisme” konden doen.

Salvador Dali_0002


Op 14/6/2008 las ik in Plaza dat naturisme in principe nu overal en op elk strand toegelaten is. “Wie er als eerste uit de kleren gaat, krijgt al vlug navolging en creëert een tijdelijk naaktstrand,” aldus Erwin De Decker. Maar in de Gazet van Antwerpen van 2/5/2011 worden deze paradijselijke toestanden weer ingetrokken. Nudisme mag enkel nog op het officiële naaktstrand van Barcelona, vlak naast de drukke strandboulevard en dus vlakbij het stadscentrum. Dat bestond uiteraard ook nog niet in “mijn” tijd, want anders zou ik me dat toch herinneren, neem ik aan.
Datzelfde jaar (2011 dus) hield een Frans-Belgische film een grappig maar toch overtuigend pleidooi voor het naturisme in “A dix minutes des naturistes” van Stéphane Clavier. Met een speciale vermelding voor de toen zeventigjarige Macha Méril (die toen nog mevrouw Michel Legrand moest worden), die bijna de hele film lang naakt is te zien en dat zonder dat men het moe wordt.
Toegegeven, véél is me sowieso niet van deze reis bijgebleven. Eigenlijk heb ik veel meer over Barcelona geleerd, zo’n vijftien jaar later, toen ik drie vrouwelijke prachtexemplaren uit die stad hier in Gent ben gaan interviewen in het kader van het Erasmus-project.

Ronny De Schepper

49 Spaanse meisjes

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.