Vandaag is het tachtig jaar geleden dat “Fantasia”, een experimentele animatiefilm van de Disney-studio’s in première ging. Gevisualiseerde animatie wordt op maat van klassieke muziek gepresenteerd. Voor ieder onderdeel is er een inleidende tekst. Vervolgens ziet men de animatiefilm met daarbij de bijpassende muziek, gespeeld door het Philadelphia Orchestra onder leiding van Leopold Stokowski. Een “vervolg” op de film is verschenen in december 1999 onder de naam “Fantasia 2000”, geïnitieerd door Roy E.Disney.

ALLES VERANDERT MAAR BLIJFT HETZELFDE
Bij de milleniumwende wilden ook de Disneystudio’s immers niet achterblijven met een stunt en zij pakten dus uit met “Fantasia 2000”, een grondige herwerking van de beroemde tekenfilm uit 1940. Vormelijk is alles veranderd, maar inhoudelijk blijft de boodschap van de Disneystudio’s hetzelfde.
Laten we eerst en vooral een misverstand wegwerken. Ondanks het feit dat de IMAX-filmzaal in de Brusselse Kinepolis voor het overgrote deel met kinderen was gevuld, is “Fantasia 2000” zeker geen kinderfilm. Herkenbare personages als Mickey Mouse of Donald Duck kunnen wel die indruk wekken en het dient gezegd dat het verhaal van de ark van Noé, waarin Donald Duck de hoofdrol voor zich neemt, het dichtste bij het “normale” Disneywerk komt, maar de tovenaar die Mickey Mouse de les leest, doet kinderen zestig jaar na de creatie van de figuur nog steeds angstig op moeders schoot kruipen. Zelfs bij de abstracte openingsscène op de vijfde symfonie van Beethoven steeg er hier en daar al gehuil op, vooral omdat jonge kinderen aan die abstracte vormen geen touw kunnen vastknopen en alleen de dreigende sfeer (herinner u: de vijfde symfonie wordt ook wel eens de “noodlotssymfonie” genoemd) ervaren.
Deze opmerking is vooral noodzakelijk om mijn voornaamste bezwaar te verduidelijken. De bindteksten die door bekende Amerikanen op het scherm zelf worden uitgesproken, worden immers in het Nederlands omgezet, wat tot potsierlijke resultaten leidt. Zoals wanneer de lippen van Quincy Jones bewegen, terwijl men de vertrouwde stem van Luk De Koninck hoort.
Aangezien het echter geen kinderfilm is, is deze ingreep deze keer totaal overbodig. Wat er verteld wordt, interesseert de kinderen trouwens toch geen barst, ze verstaan de (flauwe, typisch Amerikaanse) grappen zelfs niet eens.
VOORTDURENDE AFWISSELING
Volgens de inleiding van Steve Martin was het reeds de bedoeling in 1940 dat “Fantasia” een “doorlopende tekenfilm” zou zijn. Wat betekent dat men steeds nieuwe fragmenten zou creëren, die dan bij het origineel zouden worden gevoegd, waaruit er dan een paar andere sequenties zouden verdwijnen. Later zouden deze dan weer kunnen worden opgevist, met weer andere fragmenten, zodat men steeds een “nieuwe” film zou kunnen zien.
Door de commerciële flop die de film bij het uitbrengen in 1940 was, werd dit plan in de ijskast gestopt. “Tot nu,” zegt Steve Martin, maar dat is natuurlijk onzin als men ziet dat enkel “De leerling tovenaar” met Mickey Mouse in de hoofdrol als hulde aan Walt Disney werd behouden. Of men in de toekomst dat procédé van continu verwisselen wél gaat toepassen, valt nog af te wachten. Precies het steeds veranderen van de animatietechnieken zou daar wel eens een struikelblok kunnen voor zijn. Zo blijft zelfs na een grondige opkuisbeurt, het verschil tussen Mickey en de nieuwe films die gemaakt zijn met de modernste computertechnieken zeer opvallend.
DRIE SOORTEN
Steve Martin vertelt ook nog dat er, net zoals in 1940, inhoudelijk drie verschillende soorten van aanpak kunnen worden onderscheiden. Er is de zogenaamde “programmamuziek”, die zelf al een verhaaltje vertelt, zodat de tekenaars de muziek enkel maar hoeven te “illustreren”. Dat is bijvoorbeeld het geval bij het reeds genoemde “De leerling tovenaar”.
Dan zijn er illustraties bij muzikale fragmenten, die ergens wel een raakvlak hebben, maar waarbij de herkenbare, getekende figuren toch een eigen leven gaan leiden. Uit 1940 herinneren we ons allemaal nog de dansende nijlpaarden uit de “Urendans” van Ponchielli en nu is er de “Pomp and Circumstance” van Elgar (bij ons beter bekend als “Land of hope and glory” van de Proms) die de Ark van Noé nog meer allure geeft dan ze in getekende vorm reeds heeft.
Ten derde is er dan de zogenaamde “absolute” muziek, die in puur abstracte tekeningen wordt vertaald. Hiervan heb ik reeds het voorbeeld van Beethovens vijfde symfonie gegeven.
Alhoewel we dus inderdaad drie categorieën kunnen onderscheiden is het duidelijk dat de twee uitersten eerder uitzonderingen zijn en het gros zich in het centrum bevindt. Naast de vliegende walvissen op muziek van Ottorino Respighi, is er ook nog het tinnen soldaatje van Hans Christian Andersen, waarvoor Dimitri Sjostakovitsj wel een “soundtrack” lijkt te hebben gecomponeerd (in werkelijkheid is het een fragment uit zijn tweede pianoconcert), en een totaal maf filmpje over een flamingo met een jojo, niet toevallig op “Le carnaval des animaux” van Camille Saint-Saëns.
Ook de jazzy “Rhapsody in blue” valt in deze categorie, al onderscheidt zij zich van de rest door het feit dat Eric Goldberg hiermee een hulde wou brengen aan de tekenstijl van karikaturist Al Hirschfeld. En tenslotte hoort “De Vuurvogel” van Stravinsky hier ook bij, net als in 1940 toen zijn “Sacre du Printemps” al een beetje “Jurassic park” en “Walking with dinosaurs” aankondigde.
VRUCHTBAARHEIDSCULTUS
Mogen de animatietechnieken dan volop in evolutie zijn, het vorm geven als zodanig blijkt dus uiteindelijk niet zo heel veel te verschillen met zestig jaar geleden. En dat wordt duidelijker als we het over het puur inhoudelijke hebben. De boodschap met andere woorden, die de Disneystudio’s toch altijd maar weer willen meegeven.
Dat alle films rond “eros en thanatos” draaien, neem ik hen zeker niet kwalijk. Draait niet alle kunst in de grond enkel hierom? Dat de nadruk daarbij bijna uitsluitend op de “eros” ligt, kan mij nog minder deren. Maar het is opvallend hoe eenzijdig de Disneystudio’s die “eros” interpreteren. Net zoals we in pornofilms een ééndimensionale interpretatie van dit veelzijdige begrip aantreffen (een op- en neergaande beweging, zouden we kunnen stellen), is dit hier evenzeer het geval, zij het natuurlijk dat het om een totaal andere interpretatie gaat. Voor de erfgenamen van Disney staat in deze overbevolkte wereld immers alles nog in het teken van de vruchtbaarheid. Dat kan soms mooi worden verbeeld, zoals in “De vuurvogel” wat, niet toevallig, het slot van de vertoning vormt. Hier krijgt de cyclus van het leven gestalte in een wat merkwaardige verhouding tussen een eland en een mythisch wezen dat, gezien de prille borstvorming, iets van een meisje heeft.
Maar meestal wordt die opvatting vernauwd tot wat het politieke programma van de CD&V zou kunnen zijn: het gezin als de hoeksteen van de maatschappij. Altijd opnieuw duikt die driehoek op: de wat afstandelijke (want “vergoddelijkte”) vader, de zorgzame, nabije moeder en het naar liefde hunkerende kind. In de prachtige walvis-sequentie is dit heel prominent aanwezig, maar ook terloops in het “Rhapsody in blue”-fragment.
Eigenlijk valt er maar één belangrijke wijziging waar te nemen. Het religieuze aspect dat in 1940 nog prominent aanwezig was (denk aan de “Ave Maria”-sequentie!), is nu zo goed als verdwenen. Zelfs een bijbels verhaal als dat van Noé (Noach, zoals we in navolging van het protestantse Noorden nu meer en meer moeten zeggen) wordt eigenlijk totaal van zijn religieuze context ontdaan. Al geldt ook hier meer dan ooit de vruchtbaarheidscultus. Let vooral op de uitgebreide konijnenfamilie die niet heeft kunnen wachten tot de ark goed en wel land had bereikt…
DE MUZIEK
Muzikaal gezien is het arrangement van de zeer populaire mars van Edward Elgar, die voor de konijnen en andere dieren het ritme aangeeft, wel een ramp. In 1940 werd dirigent en arrangeur Leopold Stokowsky door “ernstige” musici reeds vóór “Fantasia” gemeden als de pest, o.a. omwille van zijn fameuze adaptatie van de beroemde “Toccata en Fuga” die verkeerdelijk aan Bach wordt toegeschreven!
Alles aan hem was vals,” zegt men, “zijn leeftijd, zijn accent, zijn seksualiteit. Zelfs zijn dirigeren soms, want hij was zeker een showman. Maar hij was bij wijlen ook een sjaman en hij heeft alleszins de langste actieve carrière uitgebouwd.” Op z’n 94ste tekende hij nog een nieuw contract voor zes jaar, maar kort daarna stierf hij. Dat zijn seksualiteit “vals” was, kan misschien best zijn, maar op die manier is hij er toch maar in geslaagd jarenlang de “cavalier” van Greta Garbo te zijn. Ook van haar wordt beweerd dat ze eigenlijk lesbisch was, het kan dus best zijn dat er helemaal geen “actie” plaatsvond tussen die twee (volgens Garbo’s biograaf Gronowicz was Stokowski impotent), maar het is toch benijdenswaardig gezelschap!
Deze keer zijn de vertolkingen door James Levine en het Chicago Symphony Orchestra veel beter, zonder veel ingrepen in de originele partituur, tenzij dan juist in dit geval. Elders merkten we enkel een paar leuke details op, zoals een volumewijziging bij “L’apprenti sorcier”, naargelang van het feit of een deur open of dicht is, of het slagwerk dat in “Rhapsody in blue” naar voren wordt gehaald op het moment dat een ex-bouwvakker zijn droom als drummer in vervulling ziet gaan.
Eerst was de film enkel te bekijken in IMAX-zalen, maar op een paar zeldzame uitzonderingen na (de vliegende walvissen van veteraan Hendel Butoy, zonder enige twijfel de allermooiste sequentie) voegt het niet echt iets toe aan de film. (Gek genoeg is het leukste effect in de zaal niet visueel maar auditief, namelijk de stem van Donald die overal zijn liefje Daisy zoekt.) Hij kan in principe dus net zo goed in een gewone bioscoop worden bekeken. Misschien zelfs op video en DVD.

Ronny De Schepper

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.