Het is vandaag al 55 jaar geleden dat de Amerikaanse altsaxofonist Earl Bostic aan een hartaanval is gestorven op het podium in Rochester (New York), terwijl hij aan het optreden was. Op 2 november werd hij begraven op Inglewood Park (Zuid-Californië) en één van de mannen die de kist droegen was Louis Prima. Samen hebben ze o.a. nog “Brooklyn Boogie” geschreven.

96 flamingo earl bostic

In mijn geschiedenis van de jazz schrijf ik dat hij op 29 december 1951 met “Flamingo” de eerste zwarte was om de nummer één-positie in de top honderd te bereiken. Dat zal ik wel hier of daar ergens gelezen hebben, maar nu ik bij deze gelegenheid daar wat meer over wilde vernemen, zie ik dat het “slechts” de rhythm’n’blues-hitparade was en dus niet de algemene Billboard-top 100.
In zekere zin is de vaststelling dat hij de eerste zwarte was op deze hitparade toch even opzienbarend, want ik kan me niet voorstellen welke blanken hem dan wel mogen vooraf zijn gegaan? R&B is toch een typisch zwart genre? Of zou het gewoon betekenen dat het de allereerste R&B-hitparade was?
Toch zal ik nog eens de kenmerken herhalen van de jump bands in de Kansas City jazz, waartoe Earl Bostic behoort, want dàt zal toch wel juist zijn, blijf ik geloven.
Vooral in het zuiden was er na de tweede wereldoorlog plaats voor een meer optimistische, dansbare, geritmeerde blues, de rhythm and blues. The Kansas Sound is voornamelijk bekend omwille van de riffs van de blazers van Count Basie of de meer commerciële vertaling hiervan door het orkest van Earl Bostic. Met “Flamingo” was deze overigens de eerste zwarte om de nummer één-positie in de top honderd te bereiken.
Daarnaast is de rhythm’n’blues vooral beïnvloed door de Texaanse jumpbands. “Jump” betekent “springen” en de benaming slaat natuurlijk vooral op het “jumpende” ritme. De bekendste vertegenwoordiger hiervan is zonder enige twijfel Louis Jordan, maar ook de vroegere drummer Wynonie Harris (ooit nog zanger bij Jordan, maar ook bij Lucky Millinder en Lionel Hampton) is een goed voorbeeld, evenals zanger-pianist-vibrafonist-drummer Johnny Otis, die met zijn rondreizende “Johnny Otis Show” de bijnaam “the godfather of rhythm’n’blues” kreeg aangemeten. In deze show speelden of zongen mensen als Eddie “Cleanhead” Vinson, Roy Brown, Ivory Joe Hunter, Big Joe Turner, Esther Phillips, Roy Milton, zoon Shuggie Otis en zelfs een paar blanken zoals violist Sugarcane Harris. Johnny Otis’ “hand jive” werd een populaire dansvorm.
En hoe dicht we hier wel staan bij rock’n’roll bewijst “Good rocking tonight” van Wynonie Harris.
Thuis hadden wij ook een plaat van Earl Bostic: het was wel al een 45-toeren singletje en dus geen 78-toerenplaat. Het betrof “September song”, meen ik me te herinneren. “Harlem nocturne”, een andere zwoele hit van Earl Bostic, hadden we ook (en ik was er gek van, omdat het zo’n typisch erotisch stripnummer is – ja, ik was er al vroeg bij, dat moet ik toegeven), maar in een andere versie. Ik herinner me niet meer van wie, maar de 78-toerenplaat droeg het label van MGM (inclusief de brullende leeuw), iets wat ook een grote indruk maakte op mij.

Ronny De Schepper

Een gedachte over “Earl Bostic (1912-1965)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.