De Britse middellange afstandsloper Steve Ovett viert vandaag zijn 65ste verjaardag.

Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig vocht hij legendarische verbeten duels uit met zijn landgenoot Sebastian Coe (links op de onderste foto). Coe was een Thatcheriaan en zou later carrière maken in de politiek en ook in de Olympische beweging. Ik weet niet of het daarmee te maken had dat Ovett, telkens als hij kon (dus als het geen wedstrijd was waarvoor hij voor Groot-Brittannië uitkwam), optrad in een shirt van de Sovjetunie (*).
Ovett richtte zich als junior in eerste instantie op de 800 m, waarop hij als zeventienjarige jongen in 1973 in Duisburg Europees jeugdkampioen werd in 1.47,53.
In 1976 kon Ovett op de Olympische Spelen in Montréal de hooggespannen verwachtingen echter niet helemaal waarmaken. Hij werd op de 800 m ‘slechts’ vijfde in 1.45,44. Hierbij moet worden aangetekend, dat deze finale werd overheerst door de twee fenomenale middenafstanders Alberto Juantorena en Ivo van Damme, waarbij de Cubaan aan het langste eind trok en in 1.43,50 een nieuw wereldrecord vestigde, gevolgd door “onze” Van Damme in 1.43,86.
Ovett besloot daarna om zich voortaan op de langere afstanden te richten, met name de 1500 m en de mijl. Hoe juist deze beslissing was, bleek een jaar later. Terwijl hij in 1977 op de 800 m niet verder kwam dan 1.48,3, liep hij op de 1500 m in 3.34,5 naar een nieuw Brits record en werd hij winnaar van de World Cup in Düsseldorf. Ook op de mijl liet hij met 3.54,69 een Brits record klokken, terwijl hij op de 3000 en 5000 m respectievelijk tot 7.41,3 en 13.25,0 kwam.
In 1978 kwam hij tot zijn grootste succes tot dan toe door bij de Europese kampioenschappen in Praag op de 1500 m de titel te veroveren in 3.35,60. Bovendien vestigde hij nieuwe Britse records op de mijl (3.52,8), de 2000 m (4.57,8) en de 2 mijl (8.13,5), wat tevens een beste wereldprestatie voor buiten was. En in Tokio won hij dat jaar de Golden Mile in 3.55,5.
Terwijl in 1979 Sebastian Coe als wereldrecordhouder – op 5 juli 1979 had hij het wereldrecord van Juantorena op de 800 m verbeterd tot 1.42,4 – op tournee ging, hield Ovett zich dat jaar op de achtergrond.
Vier dagen voor het begin van de Olympische Spelen van 1980 in Moskou liep Steve Ovett in Oslo in 3.32,1 echter een wereldrecord op de 1500 m. Toen de Spelen een aanvang namen, werd er dan ook met grote spanning uitgekeken naar het duel tussen Sebastian Coe en Steve Ovett, die elkaar dus sinds het EK in 1978 uit de weg waren gegaan. Er werd zelfs gezegd dat beide Britten vijandig tegenover elkaar zouden staan, maar zelf nuanceerden ze dat: ‘We zijn alleen geen vrienden’, zo stelde Seb Coe het.
Het ‘duel in korte broek’ begon op de 800 m, waarop na een eerste langzame ronde van 54,3 seconden Ovett als zesde doorkwam en Coe aan de staart van het veld bengelde. Totdat Ovett op 70 m voor de finish de spurt inzette en in 1.45,4 won in precies dezelfde tijd waarmee hij vier jaar eerder vijfde was geworden. Coe werd tweede, wat voor hem als regerend wereldrecordhouder een zware nederlaag betekende.
Zes dagen later lag het aanvangstempo van de 1500 m al even laag. De DDR-atleet Jürgen Straub ging aan kop, gevolgd door Coe en Ovett, totdat Coe op 200 meter voor het einde zijn eindspurt inzette en de Duitser in de laatste rechte lijn voorbijvloog om uiteindelijk te finishen in 3.38,40. Ovett had het ditmaal moeilijk, maar verzekerde zich achter Straub in elk geval van de bronzen medaille in 3.38,99.
En zo kon het memorabele feit worden opgetekend, dat beide Britse atleten olympisch kampioen waren geworden op de afstand waarop de ander het wereldrecord bezat. (Wikipedia)
Ovetts zoon Freddy is niet in de voetsporen van zijn vader getreden, maar rijdt op dit moment in Chambéry bij de opleidingsploeg van AG2R. Alhoewel zijn ouders al een hele tijd in Australië wonen (en hij de Australische nationaliteit heeft), voelt hij zich net als Rod Stewart nog altijd een echte Schot. Oorspronkelijk deed hij wel aan atletiek, hij kon zelfs een beurs voor de Universiteit van Oregon in de wacht slepen, maar toen hij een blessure opliep, die men niet echt kon duiden, moest hij op fietsen overschakelen om zijn conditie te onderhouden en van het een kwam het ander. Zijn prestaties zijn goed (hij wordt begeleid door Baden Cooke en Ben Day), vooral als klimmer, maar winnen zat er nog niet in. “To win is a skill you have to learn,” verklaarde hij aan de wielerwebsite Veloveritas. “It’s not like running, where if you’re the strongest, you have the best shot of winning. It’s just a different ballgame like that. Bit more of a chess-match.”

Met dank aan John De Schepper en Stephen Flockhart

(*) Zie foto bovenaan. Volgens zoon Freddy (tegenover Ed Hood, eigenaar van Veloveritas) moet men het niet zo ver gaan zoeken: “He swapped his national vest with a Russian for his one at a GB vs. Russia duel-meet back in the day. He wore it one race and ran well and from then on it became his lucky vest. Nothing more to it than that!” Persoonlijk heb ik daar twee zaken op te zeggen: (1) bijgeloof is inderdaad een veel voorkomend fenomeen in de sport; (2) maar wie zou er nu nog voor uit durven komen dat men sympathie had voor de Sovjetunie?

sebastian-coe-with-steve-ovett1

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.