Ter gelegenheid van de 64ste verjaardag van Ruddy Sommereyns (rechts), publiceerde ik vijf jaar geleden deze foto, samen met zijn leeftijdsgenoot Jean De Ryck (links). Een paar dagen later vernam ik dat Jean in de nacht van 4 op 5 juli is overleden. Hij werd begraven in de Christus Koningkerk van Temse (Hollebeek). Het in memoriam (zie verder) werd gehouden door zijn neef, burgemeester Luc De Ryck (foto 2).

79 Luc en Jean De Ryck

Ik ken Jean al van in de lagere school toen we samen in de klas zaten bij de Broeders van Liefde in de Akkerstraat (foto 3).

02 Broeder Tiberius


Enkele jaren later, toen de familie Govaerts naar café De Bierhoeve verhuisde, kwam de familie De Ryck in hun huis op de tuinwijk wonen, ongeveer halfweg tussen mijn eigen huis en dat van mijn tante Jeanne, recht tegenover François Vanhavere en naast Harry Geens. Kortom, net zoals bij de Govaerts vóór hen, bleef ik daar kind aan huis zijn, zij het dat ik eerlijkheidshalve moet toegeven dat ik meer met zijn jongere broer Albert contact had en met hun zus Rita (*).
Later, toen we allebei naar de universiteit gingen (Jean naar Leuven, ik naar Gent), verkoelde onze relatie omdat Jean criminologie ging studeren en ik ging er toen van uit dat dit automatisch moest uitdraaien op een loopbaan “in dienst van ’t Kapitaal en tegen de arbeiders”. Ik behoorde toen immers nog tot het kamp van diegenen die denken dat de nulmeridiaan door hun gat loopt, zoals Kris De Bruyne (die het kan weten, want hij behoort er ook toe) dat destijds uitdrukte. Jean probeerde met alle middelen me van het tegendeel te overtuigen o.m. door zijn deelname aan een info-namiddag over abortus (toen nog verboden in België), samen met student geneeskunde Marc Boel. Ze moesten het dan wel opnemen tegen een dame van een anti-abortuscomité, want anders mocht deze info-namiddag niet plaatsvinden in de zogezegd neutrale, maar toch eigenlijk katholieke jeugdclub ’t Broebelke (foto 4).

82 Jean De Ryck over abortus


Hoe dan ook, sedert we allebei afgestudeerd waren, heb ik Jean nooit meer ontmoet, ook niet na het afgrijselijke ongeluk enkele jaren daarna, dat hem voor altijd aan zijn bed en/of rolstoel zou kluisteren. Ik kan in alle eerlijkheid wel zeggen dat ik vaak aan hem heb gedacht en aan zijn vrouw Margot (ook een buurmeisje uit onze wijk) voor wie dit ook een vreselijke ervaring moet zijn geweest. Maar ja, daar waren zij vet mee natuurlijk…

Ronny De Schepper

(*) Omdat er wel eens misverstanden ontstaan over vriendschappen tussen jongens en meisjes, wil ik wel even duidelijk stellen dat Rita en ik nooit een “koppel” zijn geweest. Wel zijn we enige tijd samen uitgegaan, met name om te gaan dansen in ’t Broebelke. En zo kon het gebeuren dat op een bepaald moment na een Bamba Rita tegen mij zei: “Bij de volgende slow moet je niet met mij dansen, want in de kuskesdans is er ene voortdurend mij komen halen en ik zie hem wel zitten.” En inderdaad, bij de eerstvolgende slow kwam hij haar vragen om te dansen. Zijn naam was Martin De Keyser. Niet zo heel lang daarna zijn ze getrouwd en als ik me niet vergis, zijn ze nog altijd samen.

Toespraak door Luc De Ryck

Vandaag neemt de gemeenschap van Temse afscheid van een bijzonder man.

Jean De Ryck werd geboren in Bornem op 5 februari 1951 als 4de van de 6 kinderen van Cyriel De Ryck en Francine Steenssens. Zijn vader was werkzaam op de aankoopdienst van de Boelwerf.

Toen het gezin in 1954 Bornem ruilde voor Temse, begon zijn wonderlijke jeugd.
Aan hun woning was een grote, avontuurlijke tuin verbonden, vol speeltuigen, een paradijs voor Jean en vele kinderen uit de buurt.
In de pioniersjaren van de Vlaamse media beschikte het gezin als één der eersten in Temse over het wonder van de jaren ‘50: een tv.

Jean beet zich als prille tiener vast in 2 hobby’s.
Hij werd een verwoed striplezer, maar hij werd vooral gepassioneerd door de popmuziek van de jaren ’60, na de omwenteling die was ingezet door The Beatles. De muziek van die jaren zou zijn hele leven begeesteren. Hij had het voor de meer ruwe pop: The Stones, The Who, The Yardbirds, The Small Faces…, maar zijn favoriete groep bij uitstek was The Kinks.

Mede door zijn hobby’s was hij van jongs af aan een opvallende figuur. Dat was hij des te meer, omdat hij een schitterende leerling was. Ook door zijn uiterlijk viel hij op. Zelfs al vroor het kasseien uit de grond, hij liep altijd in korte broek.

1965 bracht een keerpunt in zijn leven. Amper 47 jaar oud, overleed zijn vader. Jean was net geen 14 en zat in het tweede jaar van de lagere humaniora. Hij kwam op een kruispunt der wegen, want toen mocht men al gaan werken als men 14 was – een verleiding waaraan velen niet konden weerstaan. Maar hij wist wat hij wilde: verder studeren, ook na de hogere humaniora en hij was bereid daarvoor offers te brengen. Om zijn studies te kunnen betalen, ging hij aan de slag als garçon. Als zijn generatiegenoten het hoogtepunt van de week beleefden met dans en drank, serveerde hij drank – tot een stuk in de nacht. Ontelbare uren heeft hij zodoende geïnvesteerd in zijn toekomst. Voor velen die het hebben meegemaakt, zal hij in de herinnering verder leven als de altijd druk in de weer zijnde garçon met de excentrieke verschijning: weelderige krullenbol, uitlopende snor en zwaarwichtige bakkebaarden.

De vlinders in zijn buik hadden intussen niet stilgezeten. Jean had welwillend zijn oog laten rusten op een buurmeisje, Margot. In 1971 traden zij in het huwelijk. Hij moest toen nog 3 jaar studeren.
Zij kregen 2 zonen: Pieter en Koen.

In 1974 studeerde hij af als licentiaat Criminologie – met grote onderscheiding!

Met het oog op een carrière bij de politie kon hij onmiddellijk aan de slag in het korps van Brussel-hoofdstad.
Minder dan een jaar later werd hij benoemd tot adjunct-commissaris in Sint-Agatha-Berchem. Hij was pas 26. Een succesrijke carrière wenkte!

Hij had er intussen een nieuwe hobby bij: hardlopen.
Jean en ik trainden veel samen. En telkens wij dat deden, sloeg ik hem onderweg op de rug met de woorden: ‘Jean, dít – doelend op het lopen – is geluk! Zo lang we dat kunnen, is alles in orde!’
De draagwijdte van die woorden bleek schrijnend juist bij zijn ongeval op 9 oktober 1988. Later heeft hij mij éénmaal aan die woorden herinnerd.

Jeans leven veranderde totaal. Hij besefte dat er geen weg terug was en stemde zijn levenswandel af op zijn beperking. In het verenigingsleven bleef hij actief als sleutelfiguur bij de Culturele Vereniging Spirit.

Hoewel hij zich in zijn lot had gesteld, bleven de dromen van het verleden en van de beloftevolle toekomst sluimeren. Toen een vriend van zijn leeftijd vrijwillig uit het leven stapte, reageerde hij opgewonden met de woorden: ‘Hij kon genieten van het leven, maar wilde niet – ik wilde genieten van het leven, maar kon niet’.

In de schatkamer van zijn leven waren zijn echtgenote, kinderen en kleinkinderen de kroonjuwelen.
Bijzondere aandacht besteedde hij aan zijn oudste kleinzoon, Tristan, die hij begeleidde in zijn humaniorastudies. Jean was als het ware z’n privé-leraar. Gelukkig heeft hij nog beleefd dat Tristans schooljaar werd bekroond met een A-attest.

Toen Jean een goede maand geleden vernam dat zijn toestand geen perspectief meer bood, verzoende hij zich met het onvermijdelijke.
Hij sprak daar ook openlijk over.

Maar dat alles zo snel zou gaan, had niemand verwacht.

Wij nemen vandaag inderdaad afscheid van een bijzonder man.

De vruchten die hij gezaaid heeft, heeft hij niet mogen oogsten.

Maar de sterke persoonlijkheid die hij van in zijn jeugdjaren was, heeft de lasten van zijn leven waardig gedragen.

We zullen ons Jean herinneren als een intelligente, strijdvaardige, veelzijdig getalenteerde kerel, met wie het boeiend was om te gaan.

Het leven heeft zijn stempel op hem gedrukt, maar hij heeft evenzeer een stempel gedrukt op al wie hem van nabij heeft gekend.

Rust zacht, beste kozijn, we hebben grote waardering en bewondering voor u.

Diezelfde waardering en bewondering koesteren wij voor zijn gezin – en in het bijzonder voor zijn echtgenote, Margot. Meer dan 26 jaar heeft zij aan zijn zijde gestaan, met een toewijding en overgave, die hem zonder twijfel een enorme steun en troost zijn geweest en die zijn lot heel wat draaglijker hebben gemaakt.

Jean is niet meer, maar hij zal altijd bij ons zijn, want

geliefden die dood zijn,
zijn nooit meer waar ze waren,
maar altijd waar wij zijn!

In naam van de familie en vrienden van Jean betuigen wij onze oprechte christelijke deelneming aan Margot, kinderen en kleinkinderen.

(Met dank aan Ruddy Sommereyns voor het doodsprentje)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.