Eerlijk gezegd, ik kende hem niet, de Franse president Paul Deschanel (1855-1922), maar toen On this day me wist te melden dat hij vandaag precies honderd jaar geleden uit een rijdende trein was gevallen, was mijn aandacht natuurlijk gewekt. En wat blijkt? Op de Nederlandstalige Wikipedia krijgt hij veel meer aandacht dan men zou verwachten. Misschien omdat hij in ons land werd geboren?

Paul Deschanel zag als zoon van ballingen het levenslicht in Schaarbeek. Hij is daarmee het eerste – en met Valéry Giscard d’Estaing het enige – Franse staatshoofd in meer dan duizend jaar dat niet in Frankrijk geboren is. Zijn vader Émile Deschanel was een intellectueel met republikeinse ideeën, die als zoveel Franse republikeinen na de staatsgreep van 2 december 1851 door de latere keizer Napoleon III in ballingschap was gegaan. Zijn vriend en mede-banneling Victor Hugo werd de spirituele peetvader van zijn zoon Paul.

In 1859 verleende Napoleon III amnestie aan zijn politieke tegenstanders, waarna het gezin Deschanel naar Parijs terugkeerde. Vader Émile werd kort nadien professor aan het Collège de France. Hij gaf zijn zoon een zeer strenge opvoeding. Paul Deschanel deed in Parijs briljante studies in letteren en rechten. Nog tijdens zijn studies schreef hij een komedie en publiceerde hij een opmerkelijk artikel over Rabelais.

Toen de republikeinen bij de parlementsverkiezingen van 1876 een meerderheid haalden (zijn vader werd toen tot kamerlid gekozen) werd Paul Deschanel privé-secretaris van minister van Binnenlandse Zaken Emile de Marcère en in 1877 van diens opvolger (en tevens premier) Jules Simon. In 1885 slaagde hij erin als afgevaardigde van Eure-et-Loir in de Kamer van afgevaardigden verkozen te worden. Hij zou tot aan zijn verkiezing als president steeds voor die zetel worden herkozen. Ideologisch behoorde hij tot de “progressisten” of progressieve republikeinen, voorstanders van een democratische republiek, gematigde antiklerikaal en op economisch gebied uitgesproken liberaal.

Deschanel kwam in de aandacht door in 1894 een duel te voeren met zijn radicale collega Georges Clemenceau, die hij in de Kamer beschuldigd had van betrokkenheid in het Panamaschandaal. Clemenceau, een geoefend schermer, verwondde hem toen aan het gezicht. Voor de verkiezingen van 1920 was premier Clemenceau (toen zeer populair als held van de Eerste Wereldoorlog) de uitgesproken favoriet. Maar zijn tegenstanders intrigeerden tegen hem en schoven zijn oude vijand Deschanel naar voren. Deze had zich daarvoor al verzekerd van de steun van de katholieke rechterzijde en zo werd Deschanel verkozen met de hoogste score ooit onder de Derde Republiek.

In de eerste maanden van zijn presidentschap gedroeg hij zich af en toe al een beetje vreemd, maar de vreemdste gebeurtenis gebeurde op de avond van 24 mei 1920 (*). Toen stapte de 65-jarige president met zijn gevolg in een nachttrein om de dag daarop in Montbrison een oorlogsmonument te onthullen. Even voor middernacht viel Deschanel door het venster van zijn slaapwagen uit de trein in de buurt van de stad Montargis in de Loiret. Hij was door de hitte wakker geworden, had het venster geopend en was uit het venster gaan leunen om frisse lucht te krijgen, zo werd later officieel meegedeeld. Volgens sommige artsen moet Deschanel slaapdronken zijn geweest, wellicht onder invloed van de slaapmiddelen die hij altijd nam. Omdat de trein tijdens het incident vrij traag reed, werd hij slechts lichtgewond en kon hij snel weer opstaan. Een baanwachter die zijn nachtronde deed, kwam langs het spoor een bebloede man in pyjama tegen en bracht hem naar zijn wachterswoning.

De dag daarna zat Deschanel de ministerraad voor alsof er niets gebeurd was. Intussen kreeg het incident veel aandacht. De pers, die tot dan toe discreet was geweest over zijn gedragingen, begon allerlei details over hem te vertellen. Er circuleerden over hem grapjes, maar ook geruchten en verhalen die waarschijnlijk verzonnen waren. Zo zou hij naakt in het Elysée hebben gelopen, hij zou in een vijver in de paleistuin zijn gedoken en hij zou gefantaseerde handtekeningen – zoals “Napoleon” en “Vercingetorix” onder documenten hebben gezet. Het deed hoe dan ook zijn reputatie geen goed. Tegen de wil van zijn entourage in trad Deschanel uiteindelijk af, omdat, zo verklaarde hij, zijn gezondheidstoestand het niet meer toeliet om zijn ambt uit te oefenen. Deschanel is amper zeven maanden president geweest, de kortste ambtstermijn na die van Jean Casimir-Périer

Deschanel was niet van plan een punt achter zijn carrière te zetten. Na zich na zijn aftreden een paar maanden in een instelling te hebben laten verzorgen, verscheen hij opnieuw op de vergaderingen van de Académie des Sciences morales et politiques. Begin 1921 werd hij verkozen tot senator voor Indre-et-Loire. Een jaar later werd hij voorzitter van de Senaatscommissie voor Buitenlandse Zaken, als opvolger van Poincaré, die premier was geworden. Hij overleed echter enkele maanden later aan pleuritis, 67 jaar oud. 

(*) Dus een dag later dan On this day het feit registreerde, maar dat is zeker niet de eerste keer dat deze website zich vergist!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.