Op 3 mei 1540 vernederde keizer Karel V de notabelen van Gent, zijn geboortestad omdat de Arteveldestad zich schuldig had gemaakt aan majesteitsschennis tijdens de Gentse revolte in 1540. Hij liet de leiders van de opstand arresteren. Daarvan liet hij 25 mensen ombrengen. Anderen liet hij bij wijze van exemplaire bestraffing, een zogenaamde eerlijke betering, door de stad gaan met een strop om de hals. Om de Gentenaars onder de knoet te houden liet hij het Spanjaardenkasteel bouwen en dwong hen de Concessio Carolina op (foto YouTube).

De Nederlanden waren een belangrijk wingewest geworden voor Karels geldverslindende machtspolitiek. Het centrale gezag bleef groeien en moest bijna onvermijdelijk in botsing komen met het politieke en juridische zelfbestuur van grote steden zoals Gent. In 1540 was het zover. De Gentenaars weigerden de “bede” om nieuwe belastingen (om zijn oorlog tegen François I te financieren). Karel V kwam zijn opstandige geboortestad persoonlijk straffen. Merkwaardig: François I, de man voor wie het geld nodig was, wilde hiervoor uitzonderlijk maar graag doorgang verlenen over Frans grondgebied omdat ook de Fransen nog met het oproerige Gent te maken hebben gehad. De lieders van de Collatie (de Grote Raad, een volksvergadering) werden geëxecuteerd omdat zij publiekelijk het Kalfsvel hadden verscheurd en opgegeten. De nieuwe grondwet, de Concessio Carolina, betekende het definitieve einde van de middeleeuwse zelfstandigheid van Gent. In het Prinsenhof verschenen Gentse oproerkraaiers voor hun keizer met de strop om de hals. Deze vernedering verklaart wellicht waarom Karel V na bijna vijf eeuwen voor zijn geboortestad een controversiële figuur is gebleven.
Nochtans was Karel niet de “uitvinder” van het stroppendragen. Filips de Goede had hem dit na de Slag van Gavere (1453) reeds voorgedaan. En ook Maximiliaan van Oostenrijk had het opstandige Gent reeds tweemaal moeten belegeren.
Het gekke is dat Karels vieze humeur misschien ook nog op een andere manier te verklaren is. Een jaar eerder schonken de Tempelridders van Malta hem een beeldje van een valk van onschatbare waarde, aangezien ze helemaal was ingelegd met juwelen. Ze deden dit om hem te danken voor hun erkenning van onafhankelijkheid. Op weg van Malta naar Spanje werd het schip echter door piraten overvallen en verdween het kostbare beeldje. Het dook pas op in 1941 in de film “The Maltese Falcon” en het bleek dan nog een namaak in lood te zijn.

Keizer Karel liet ook de indrukwekkende benedictijnerabdij van Sint-Baafs, die zeer strategisch was gelegen aan de samenvloeiing van Leie en Schelde, plaats maken voor een Spaanse citadel, net zoals hij dat in Utrecht deed met Vredeburg. In de 19de eeuw werd het Spanjaardenkasteel echter ontmanteld en verrees de oude abdij uit haar as. Ondertussen had Karel de monniken van Sint-Baafs wel laten “deporteren” naar de Sint-Janskerk, die vanaf dan dan ook de Sint-Baafskathedraal werd.
Hoe dan ook, met zijn ingreep maakte Karel wel een einde aan Gent als wereldstad. Door de beperkende maatregelen werd ze willens nillens teruggebracht op het niveau van een provinciestad. Anderen voeren echter aan dat hij Gent (o.a. met de Sassevaart, wat later de basis zou vormen van het kanaal Gent-Terneuzen) de moderne tijden heeft binnengeloodst, want die privileges van de gilden waren uiteraard nog een erfenis uit de middeleeuwen. Daarop voeren anderen (zoals prof.Georges Declercq van de VUB) dan weer aan dat het nog tot het einde van de negentiende eeuw zou duren vooraleer er weer instellingen werden gecreëerd die even democratische waren als de Collatie en dat Karel enkel economische welvaart bracht en dan nog louter voor een bepaalde kaste. Hij installeerde als het ware een “duale maatschappij” avant la lettre. Er waren zelfs zoveel bedelaars in Gent dat de “opstandelingen” hem nog hadden aangeboden om deze naar de oorlog tegen Frankrijk te sturen i.p.v. de belasting die Karel daarvoor wilde heffen.
Ook tientallen aanhangers van het protestantisme (vaak boekhandelaars) belandden op de brandstapel, vooral na het Bloedplakkaat van 1550 (al waren dat in Gent vaker anabaptisten dan lutheranen). Als ze “tot inkeer kwamen” kregen ze een “mildere” dood. Bij de mannen was dat dan onthoofding, de vrouwen werden levend begraven. Zeker bij deze laatste straf kan men zich afvragen of dit “milder” was (*). Vandaar dat men vaak de beul omkocht om de slachtoffers eerst te doden. Dat deed die dan door in de kuil op het hart te springen. (Dat gebeurde overigens ook door wurging op de brandstapel onder het mom dat hij ging nakijken of de veroordeelden wel goed gekneveld waren. Voorwaarde was wel dat zij eerst echter eens goed gilden, want daarvoor waren de vele belangstellenden toch gekomen. De beulen mochten officieel als bijverdienste trouwens beenderen van de veroordeelden verkopen.)
In 1555 trekt Keizer Karel zich terug uit de actieve Europese politiek. Hij voelt zich mislukt in zijn ambitie als keizer van het Heilige Roomse Rijk om Europa duurzaam te verenigen én te verdedigen tegen de protestanten en de islam. Het klooster La Sisla in het Spaanse San Jerónimo de Yuste, niet ver van Toledo, zal het decor vormen voor zijn laatste levensjaren. Hij heeft er alle tijd om terug te blikken op zijn leven. Het kleine Hiëronymieten-klooster wordt zijn plek van bezinning, reflectie en vrome devotie. Maar ook van ziekte, pijn en dood.

Referentie
Ronny De Schepper, “Rechtzetting” herdenkt slachtoffers van Keizer Karel, Het Laatste Nieuws 8 oktober 1999

(*) Een schitterende variante hierop werd opgevoerd in het nochtans populaire (en dus zogezegd “low brow”) feuilleton “Lost” (aflevering gezien op 15/10/2007 op VT4): waarin een koppel, bezeten door de zoektocht naar een stel diamanten, elkaar zo de duivel aan doet dat ze op de duur allebei worden gebeten door een spin die tijdelijke verlamming veroorzaakt. Als ze dus door de andere eilandbewoners worden gevonden, lijken ze “dood” en worden voorbereidselen getroffen om te worden begraven. Precies bij de laatste spadesteek, opent de vrouw (de drijvende kracht achter de wandaden) de ogen, maar ze is nog zo verlamd dat ze geen woord kan uitbrengen: ze wordt dus levend begraven. Een schitterende vondst, Edgar Allan Poe waardig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.