Het is vandaag al twintig jaar geleden dat Robert Mosuse is gestorven aan een hersentumor.

Samen met zijn broers Jean-Paul en Ronny Mosuse nam hij in 1988 deel aan Humo’s Rock Rally met hun groep ‘The B-Tunes’. Ze eindigden derde, na ‘Ze Noiz’ en ‘The Romans’. Bart Peeters zag de broers bezig en nam ze onder de arm. Samen met Robert en Ronny richtte hij The Radios op, waar hij instond voor percussie. Enkele van hun bekendste hits zijn She goes nana, I’m into folk en Gimme love.
Na The Radios toerde Mosuse mee met Paul Michiels en Hervé Martens, onder de naam The Big M’s (naar hun initialen). In 1997 bracht hij onder de naam Robbie Crown de plaat Sacred memories uit. Mosuse speelde in 1998 de hoofdrol in de concertversie van de musical ‘Jesus Christ Superstar’.
Rond zijn twintigste werd bij hem een hersentumor ontdekt. Als gevolg van zijn tumor leed hij aan epilepsie en uitputting. In de laatste maanden van zijn leven trok hij zich noodgedwongen terug omdat zijn ziekte alsmaar harder toesloeg.
Op 20 april 2000 overleed hij te Wilrijk als gevolg van zijn ziekte. De uitvaart werd volledig gepland door Mosuse zelf. De plechtigheid vond plaats in de kathedraal van Antwerpen. Tijdens de begrafenis sprak Bart Peeters over Mosuse: “Hij kon de sterren van de hemel zingen en sinds donderdagavond kent hij ze persoonlijk.” De kist werd weggedragen op de tonen van Teardrops, ingezongen door hemzelf.
In een interview met het weekblad ‘Humo’ enkele weken voor zijn dood, werd hem gevraagd of hij het niet vreselijk onrechtvaardig vond om op zo’n jonge leeftijd te moeten sterven. Mosuse antwoordde: “Neen. Ik denk niet in die termen. Ik heb de pech dat er een tumor in mijn hoofd zit, maar dat is voor mij toch geen bron van kwaadheid of verongelijktheid. Ik heb deze pech en iemand anders heeft andere pech, zo zie ik het. Het leven is een cadeau, maar het is een cadeau dat ook onaangename kanten heeft. De kunst is die onaangename kanten erbij te nemen zonder je erdoor te laten platdrukken.”
Tot zover Wikipedia, want zelf heb ik bitter weinig over Robert geschreven, moet ik toegeven. Ik was natuurlijk een grote fan van The Radios, maar daarover heb ik het vooral bij Bart Peeters en komt Robert zelfs niet ter sprake. De enige keer dat zijn naam is gevallen op mijn blog, is zowaar in het interview met Jan Verheyen, waarbij deze het heeft over het belang van de soundtrack bij een film: “Een groot aantal songs (van Boys, RDS) stond trouwens al vast nog voor we met het draaien begonnen. Ik wist dus al: op die scène komt die muziek. De soundtrack is dan ook heel duur in verhouding tot het totale budget van de film. Gewoonlijk is het zo hier in België dat men een film maakt en dat men dan op het einde nog wat geld over heeft, waarmee men dan vlug iemand opbelt die een beetje met een synthesizer overweg kan en klaar is kees. Wij hebben van in het begin een budget opzij gelegd voor een soundtrack zoals er hier nog nooit één is gemaakt. We zijn ook telkens gaan kijken wie elk nummer het beste zou kunnen vertolken. Neem nu 100 years van Joey Dyser. Die heeft zo’n ijle stem en we zochten dus iemand die een interessante vertolking van dat nummer kon brengen en er toch iets aan toevoegen. Dat is dan Sanne geworden. We hadden ook de rechten gekocht van I heard it through the grapevine van Marvin Gaye. Daarvan hebben we een acoustische versie laten maken door Ronny en Robert Mosuse van The Radios met Toots Thielemans op mondharmonika. Of Het kan niet zijn van Will Tura in een Engelse versie door Helmut Lotti. Voor ieder nummer hebben we dus echt naar een nieuwe invalshoek zitten zoeken. We wilden b.v. absoluut Without you van Harry Nilsson, maar dan gezongen door een vrouw. Nu, dat is technisch een heel moeilijk nummer, maar Beverly Jo Scott kon die klus wel klaren. Daarbij hebben we nog aan een aantal mensen die we persoonlijk bewonderden en waarvan de stijl in het verlengde lag van wat ik in de John Hughes-films hoorde, gevraagd om daarnaast ook nog originele muziek te componeren. Dat zijn dan The Radios, Tom Wolfe en Beverly Jo Scott geworden. Ze kregen het scenario toegestuurd met aanduiding van de scène waarvoor ze een nummer moesten schrijven. Op die manier is er een soundtrack ontstaan die ongelooflijk is, omdat hij de film enorm helpt, maar ook omdat hij op zich kan staan, zodanig dat – en dat is nu weer de producent en de distributeur die spreekt – je een soundtrack krijgt die de film gaat ondersteunen en vice versa. Dat is ook wat ik bedoel met ‘op zijn Amerikaans’. Dus een beetje verder denken dan alleen maar ‘ik wil een film maken en dan zien we wel’. Maar als je hier nog maar de release van je soundtrack en je trailer goed plant, dan is dat al heiligschennis, dan is dat al platte commercie. Maar als dat voor gevolg kan hebben dat er i.p.v. de gebruikelijke 30.000 toeschouwers er 300.000 mensen naar gaan kijken, dan vind ik dat een zeer verantwoorde strategie.”

Een gedachte over “Robert Mosuse (1970-2000)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.