Een anagram is een prettig letterspelletje, waarbij je met de letters van een woord een ander (bestaand) woord vormt. Wanneer je dat met een naam doet, is het de bedoeling daaraan ook nog enige zin te geven — niet makkelijk ! Wie veel tijd heeft kan het misschien eens proberen met de naam Herman Portocarero. Hier hebben we het over het boek « Het anagram van de wereld » van die auteur met de welluidende naam. Portocarero is geboren op 6 januari 1952, en heeft Sint-Katelijne-Waver als woonplaats geruild voor Kingston, Jamaica.

COMPACT UNIVERSUM
De ik-persoon van deze roman – en die lijkt vrij autobiografisch te zijn hoe bizar het verhaal zich ook mag ontwikkelen – oordeelt één naam en paspoort te eng, het bezorgt hem een gevoel van claustrofobie. « Hoe had ik mij ooit met de verveling van één identiteit kunnen verzoenen », verzucht hij (pag. 9). Hij bevindt zich ergens in een stad, ergens in een hotel; het plaatsje dat tijdens het toeristische hoogseizoen een kosmopolitisch gezelschap herbergt, ligt er nu eerder desolaat bij. In een waakdroom ziet de hoofdpersoon hoe twee hotelbedienden meubels versjouwen in de lounge alsof zij op zoek zijn naar iets. Die nacht wordt even buiten het hotel de barkeeper vermoord. De elementen voor de detective-story zijn aangebracht, de ik-persoon duikt, in de angst dat hij verdachte nummer één wordt, onder in het plaatselijke bordeel van Mme Semiramis, daarmee inderdaad de verdenking op zich ladend.
Voor de buitenwereld blijft hij de mysterieuze, onvindbare persoon; het is de auteur die alle gegevens becommentarieert, begeleidt en zijn rol speelt. Het bordeel, een huis met vier verdiepingen dat talrijke salons herbergt met fantasierijke en suggestieve namen voor dito seks-exploraties, is « een compact universum op zichzelf : als de immense bibliotheek van een misantroop, de wereld herschreven naar goeddunken » (pag. 12).
Portocarero kan zijn anagram van de wereld, zijn omzetting naar een boeiende micro-samenleving beginnen. Hij kan zijn eerder geschreven studie « vrouwelijkheid en subversie » hier geïllustreerd zien in « de rijke verbeelding van de vrouwelijke sensualiteit, het spel van indolentie en provocatie, het destructieve karakter van fantasmen » (pag. 13). Het moet nu zoetjesaan duidelijk worden dat elk woord, elke plotwending in dit verhaal omkeerbaar is en multi-interpreteerbaar. Zoals het bordeel o.m. betekent dat iedereen zich prostitueert, dat het leven in wezen niks meer is dan « wachten en leegte ».
Elk van de salons, de Nomadenhut, de Bruidsuite, de Caravanserail, de Moorse Harem, de Duivelskamer, ze verwijzen elk verder en niet alleen naar de seksuele voorkeur. Het zijn kastes, volksgroepen, klassen, zoals ook het « meidenkamertje » op de bovenste verdieping « voor de aristocratische cliënten die zich grondig wensten te encanailleren ». Via dit meidenkamertje dat naast zijn mansarde gelegen is, maakt Portocarero kennis met de Franse professor Foult (de oorspronkelijk eerste verdachte van de moord) die zich daar amuseert met de bloem van het huis, Aicha. Hij kan, naast de esbattementen, ook de gesprekken volgen waaruit blijkt dat Foult zich vastgebeten heeft in de moordzaak en haar wenst op te lossen.
Inmiddels is in het hotel een wereldcongres van start gegaan, geheim en bijzonder vaag in zijn bedoelingen; zoals de meeste wereldcongressen wel zullen zijn, is de suggestie. Het boek vangt meteen de politieke ontevredenheid van zijn auteur op, maar, nogmaals, het blijft voor vele interpretaties vatbaar en het past in vele genres : filosofie, politiek, detective, bizarre farce. En ook liefdesverhaal want tussen Portocarero en Aicha gaat iets bloeien. Het maakt dit werk niet makkelijk, maar laat u zich niet afschrikken, het blijft fascinerend en schitterend geschreven. Het is in zijn schildering van personages en situaties uitzonderlijk vlot.
TROEBELE SPIEGELBEELDEN
Ter vermaak van de congresleden zal in het bordeel door de meisjes een psychodrama opgevoerd worden. Professor Foult staat in voor de tekst. Hij zal er een stuk van maken dat voor hem de oplossing moet leveren van het misdrijf, dat de congresleden in het hemd zet, dat de microwereld van het bordeel opentrekt, dat alle beperkte exploten uitvergroot om ze in de koptekst van een wereldgebeuren hun plaats te geven. Via een commentaar op het seksuele gegeven van Foult, verduidelijkt Portocarero zijn eigen roman : « De kern van harde gegevens voor het psychodrama was zo beperkt, dat er voor contingenties geen plaats was : elk detail moest in dit concentraat betekenis hebben en waarschijnlijk verschillende betekenissen afhankelijk van het niveau waarop men het stuk begreep : als zuiver absurd en symbolisch, als een anagram van de wereld, als een verdoken beschrijving van de verhoudingen in de stad, als een analyse van Mme Semiramis’ interieur… » (pag. 28).
De auteur reikt de sleutel aan, maar laat ook dat weer u niet misleiden; je moet dan het sleutelgat nog vinden, de deur openen, de puzzel oplossen. « Het anagram van de wereld » is immers ook een spel waarin Herman Portocarero steeds de spelleider blijft die steeds andere regels creëert, steeds nieuwe spelers presenteert en de lezer als belangrijkste pion manipuleert.
De makkelijkste passage in het boek is misschien de receptie die het toneelstuk voorafgaat; dit kan als realiteit fungeren en is dan een uniek stukje kritiek op de zinledigheid van dergelijke manifestaties, van de deelnemers en van de gesprekken die willekeurig beïnvloedbaar zijn. Bij uitbreiding gaat het natuurlijk over de conversatie in het algemeen, over communicatie, over de domheid van de mens in massa. En hoe velen slechts een fictie zijn, elke inhoud missend, een omhulsel zonder gevoel of rede, waarbij zij de hele dag druk doende zijn een imago op te bouwen dat wanneer zij op zichzelf betrokken zijn van hen afvalt en hen in hun ijlheid toont. Maar daartussen verweven heeft elk personage dat hier defileert, elke zin, elke handeling, elke wijziging in de situatie, zijn gemanipuleerde verwijzing naar filosofie, psychologie en politiek.
Tenslotte vervagen voor de lezer de ik-figuur en het Foult-personage tot één wezen dat als een kwetsbare god midden deze burleske troont, zijn bestaan enkel dankend aan zijn rol van commentator. Of hoe je de auteur tot louter auteur herleidt. Portocarero reorganiseert de wereld, schept orde in de hem omringende chaos, of liever : orkestreert de wanorde tot een reeks beelden die multi-interpretabel zijn.
Deze roman is ook het spel van werkelijkheid en fictie, van realiteit en symbolen, van steeds wisselende points of view die duidelijk maken hoe niets de uitdrukking van één waarheid is, maar hoe de verplaatsing van een lichtinval, hoe een schaduw, een vervormde klank, alweer en steeds opnieuw een andere waarheid toont, eindeloos. « Normen en zekerheden vervagen tot troebele spiegelbeelden » schrijft Portocarero pagina 88, en zo weze het.

Referenties
Herman Portocarero. Het anagram van de wereld, Manteau, Antwerpen, 1984 (112 blz., 295 fr).
Johan de Belie, Spel van werkelijkheid en fictie, De Rode Vaan nr.51 van 1984

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.