« Geachte Heer De Schepper,
Dankzij de computerselectie uitgevoerd in opdracht van de Editions Rencontre door de GSI-maatschappij in Genève, bent u houder van een nummer dat in aanmerking komt voor de toekenning van de loten van ons spel.
Nu u onze omslag heeft geopend, wil u natuurlijk weten wat u gaat ontvangen. U heeft reeds recht op één van de prijzen en geschenken, die beschreven staan in de kleurenbijlage die wij hierbij hebben gevoegd : een Mercedes 280, een Ford Fiesta, een video-installatie, een micro-computer, een salon in leder, enz. Daarenboven neemt u deel aan de trekking van een fabelachtige Superprijs van 2.655.000 fr. Op welke manier het lot u ook zal toelachen, u kan er van op aan dat u zeker iets zal ontvangen om u te bedanken dat u aan ons spel heeft deelgenomen.
We organiseren dit spel om uw aandacht te trekken op vier schitterende uitgaven die aan uw keuze worden voorgelegd… »

Mijn keuze ? Mijn keuze, mijnheer, is dat zoals vroeger de ongeluksboden het hoofd werden afgehouwen, ook de opsteller van deze « geluksbode » dit lot zou ondergaan. Mijn keuze ! Het gaat immers niet over de keuze tussen de reeks bestsellers die men mij laat (het mag ook kunstgeschiedenis zijn, staat er, of desnoods « Het dierenleven van A tot Z »), maar over de keuze of ik nu een Mercedes of een video-installatie in de vuilnisbak zal kieperen of niet. Een hartverscheurende keuze in deze crisistijd die me liever was bespaard gebleven !
Vroeger, ja vroeger, dan was het ook allemaal eenvoudiger. Dan mikte je dit met een preciesheid van een Willy Steveniers vanop vijf meter afstand in de papiermand, want dan wist je tenminste dat het allemaal gelogen was. Er waren immers toch nooit trekkingen en dus ook geen prijswinnaars, tenzij gefingeerde. Maar helaas, driewerf helaas, met een overdreven gevoel voor rechtvaardigheid heeft het gerecht zich op deze materie gestort en bepaald dat men niet langer de zot mag houden met de mensen. De trekkingen gebeuren dus wél. En zo spoelt er met het water van het toilet misschien dus nu 2.655.000 fr weg…
Geef mij dan maar die heerlijke leugens van vroeger ! Daar kon je nog ‘es onbekommerd om lachen (« vroeger kon je lachen », zou Simon Carmiggelt zeggen), nu doe ik er steeds een ganse avond over vooraleer mijn « geluksnummer » tóch niet op te zenden en dan lig ik er nog eens een ganse nacht van wakker, denkend aan al de luxe die ik me misschien wel had kunnen veroorloven, al zou ik natuurlijk mijn vrienden (en vooral mijn vriendinnen) niet vergeten.
Een verslag van hoe het zo ver is kunnen komen.
Hoe werkt een sweepstake ?
In september jl. werd de directeur van het postorderbedrijf Concordia Mail-Lekturama uit Turnhout door de plaatselijke rechtbank veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van acht dagen en een boete van zestigduizend frank omdat dit bedrijf hier in Vlaanderen het Amerikaanse « sweepstake »-systeem had ingevoerd. Dit verkoopsysteem met zogeheten « geluksnummers » en waarbij honderdduizenden tegelijk worden aangeschreven is een onwettige aangelegenheid, zo oordeelde een ongetwijfeld eveneens moegetergde rechter.
Of toch niet helemaal. Helaas werd het bedrijf immers niet veroordeeld voor het toepassen van deze praktijk, maar eerder voor… het niet toepassen.
Inderdaad, bij een sweepstake worden de winnende nummers op voorhand door een gerechtsdeurwaarder getrokken (in Turnhout is dat vaak de van de televisie bekende Georges van Backlé, « een absolute garantie voor eerlijkheid en onpartijdigheid », zegt de reclame) en de deelnemers die een kaart met een winnend nummer terugsturen worden dan door hem verwittigd. Eind 1983 hadden echter een honderdtal mensen van Concordia Mail het bericht ontvangen dat ze honderdduizend frank rijker waren, maar het geld zelf kregen ze nooit te zien. Concordia Mail beriep zich erop dat er een vergissing was begaan en weigerde uit te betalen.
Toen deze zaak bij het gerecht aanhangig werd gemaakt, stapte het parket ter plaatse af om even te zien hoe een en ander nu in zijn werk ging. Uit een computerlijst van 600.000 nummers, overeenkomend met evenveel adressen over heel het land, werden slechts 252 winnende nummers getrokken. De rechtbank vond dit blijkbaar schromelijk te weinig, vooral gezien in het licht dat de bevolking hierover onwetend werd gelaten en op die manier de goklust werd aangemoedigd.
Concordia Mail is een bedrijf waarin de Nederlandse firma Vroom & Dreesman de voornaamste aandeelhouder is (98 %) en dat zeshonderd mensen te werk stelt en met meer dan één miljoen klanten een omzet van circa 3,6 miljard realiseert. Eveneens eind ’83 werd met de Intercommunale Ontwikkelingsmaatschappij voor de Kempen (IOK) trouwens nog een overeenkomst afgesloten betreffende de aankoop van 17 ha industriegrond in de industriezone van Turnhout. Deze investering van 460 miljoen had evenwel geen aangroei van de tewerkstelling tot gevolg, al remde ze wel de afslanking af van bepaalde afdelingen die waren overgebracht naar Nederland (Breda en Roosendaal). Naast deze beide landen zijn er ook nog vestigingen in Zwitserland, Oostenrijk en Frankrijk.
In zijn vonnis legde de rechtbank er de nadruk op dat er een misdrijf bestaat wanneer er een kans op winst wordt gelaten, zelfs wanneer er tegelijk geen mogelijkheid op verlies is.
Een maand later reageerde Concordia Mail met een paginagrote advertentie waarin voornamelijk tal van winnaars worden opgesomd (vaak met een foto van de overhandiging van de prijs), maar waarin de firma onder de titel « Prijzenfestivals : het ware verhaal » ook een interview van zichzelf afneemt, wat ons een boel werk bespaart uiteraard.
Zo stelt men in de inleiding dat Concordia Mail dit systeem reeds sinds 1975 toepast, maar slechts vanaf 1980 worden er cijfers genoemd (« Sinds 1 januari 1980 keerde Concordia Mail 677 grote prijzen uit — waarde van 5.000 fr en meer — en dit voor een totaalbedrag van maar liefst 34.517.061 fr ») : waarom deze sprong van vijf jaar ? Dat is een vraag die Concordia Mail zichzelf niet stelt. Wel antwoordt men in alle eerlijkheid op het waarom van deze gratis trekkingen, dat ze « een vorm van goed renderende publiciteit » zijn.
In diezelfde optiek stelt Concordia Mail trouwens : « Zoals bij Lotto, Toto en Nationale Loterij zijn grote winnaars steeds de beste publiciteit. Ook bij Concordia Mail is dit zo. Wij hebben graag grote winnaars ! Wel moet U uw geluksnummer terugsturen om uw prijs toegestuurd te krijgen. Vermits niet iedereen zijn geluksnummer(s) terugstuurt, blijft telkens een deel der prijzen niet opgevraagd (zoals b.v. bij een tombola prijzen kunnen vallen op loten die niet verkocht zijn of die verloren zijn gegaan) ».
Bij het voorbeeld van de GSI-sweepstake stelt gerechtsdeurwaarder Cabour uit Parijs in zijn proces-verbaal : « Zoals overeengekomen zal de prijs, in het geval dat een deelnemer deze vijf maanden na het ontvangen van deze brief nog niet zou hebben opgeëist, toegekend worden aan een liefdadigheidsinstelling. »
Een oplossing waaraan Concordia Mail blijkbaar nog niet heeft gedacht, al haal je daar óók veel publiciteit mee. Vraag dat trouwens ook maar aan de Nationale Loterij en consoorten !
00 postorderbedrijven
Wie is er nu eigenlijk de slimste ?
Naast de publiciteit geeft Concordia Mail in dat zelfgeconstrueerde interview nog een paar redenen op om het sweepstake-systeem toe te passen. Zo is het b.v. helemaal niet duur. « Stel dat Concordia Mail b.v. 500.000 frank aan prijzen ter beschikking stelt. Indien we 250.000 folders verspreiden, dan bedraagt de kostprijs van de uitbetaalde prijzen slechts 2 frank per verzonden folder. De frankering van de folders alleen kost reeds meer dan het dubbele. »
Breek met de bek niet open. Zeg me liever wat mijn wiskundige kans is op een prijs. « Dat hangt natuurlijk af van het aantal te winnen prijzen en het aantal verspreide folders. Worden b.v. 100.000 folders verdeeld en zijn er b.v. 500 prijzen te winnen, dan is uw kans op een prijs uiteraard 100.000 gedeeld door 500 ofwel 1 op 200. Uw kans op de hoofdprijs is 1 op 100.000. Ter vergelijking : uw wiskundige kans om bij een voetbalpronostiek in één kolom de juiste combinatie in te vullen is… 1 op 3.838.380. Uw kans op het grote lot in de Nationale Loterij is normaal 1 op 600.000 (vermits er gewoonlijk 600.000 loten per tranche te koop worden aangeboden). »
De hemel op aarde met andere woorden. Of toch niet ? We gaan hier niet nogmaals zeuren over de « gewetensvraag » die u telkens tegen wil en dank wordt opgedrongen, maar enkel maar wijzen op het feit dat het er vaak op aankomt de slimste te proberen zijn. Nemen we nu b.v. opnieuw ons voorbeeld uit Genève. Ook hier is een folder ingesloten met foto’s en namen van vroegere winnaars. Als men die overloopt, wat stelt men dan echter vast ? Dat zowat alle nationaliteiten van de westerse wereld aan bod komen. Van mijnheer Cleemput tot mijnheer Animobuono, van mevrouw da Silva tot mijnheer Feizollah, van mevrouw Ball tot de Ilan Israeli Foundation. Santé mij ratse ! Over de speld in de hooiberg gesproken ! (In tegenstelling tot Loterij e.d. bepaalt het reglement van een sweepstake overigens meestal dat uw naam zonder uitdrukkelijke toestemming mag worden gebruikt.)
Waarom zit ik trouwens in een computer in Genève en krijg ik brieven van een gerechtsdeurwaarder uit Parijs ? Lang geleden heb ik mij eens laten inschrijven bij de Franstalige vleugel van de platenclub Audio Club en, zoals reeds uit het Concordia Mail-verhaal blijkt, internationale vertakkingen zijn postorderbedrijven niet vreemd.
Parlementaire vraag van de heer Kuypers, Volksunie : waarom schrijft de Vlaming Ronny De Schepper zich in bij een Franstalige platenclub ? Aha ! Interessante vraag mijnheer Tuizentfloot, Kuypers pardon. Ook hier komt het er immers op aan de slimste te trachten te zijn. Want, zijn platenclubs goedkoper dan gewone platenwinkels ? Neen, mijnheer ! Op het eerste gezicht misschien wel, maar de verzendingskosten zijn zo hoog dat de prijs van een plaat (en, mutatis mutandis, van een boek) uiteindelijk die in de winkel overtreft. Kortingen worden bovendien slechts toegekend op tweede aankopen (dus nadat je eerst één tegen volledige prijs hebt gekocht), waarbij men niet uit het oog mag verliezen dat ook in een winkel vaak interessante koopjes te vinden zijn.
Waarom dan überhaupt lid worden van een club ? Wel, hier komen we dan bij de vraag : waarom lid worden van een Franstalige club, want daarop heb ik ook nog niet geantwoord. Bij het aangaan van een lidmaatschap kan men immers vaak wél een uitstekende zaak doen. Tweehonderd frank voor vier spiksplinternieuwe elpees is b.v. geen uitzondering. De enige verplichting is dan dat jaar nog vier bestellingen te plaatsen. Let natuurlijk wel op de kleine lettertjes wat het opzeggen van het lidmaatschap betreft (doe het tijdig) en dan heb je wel een goede slag geslagen. Het komt er dus op aan zoveel mogelijk lid te worden. Een middel is dan b.v. in mijn geval eerst lid worden bij de Vlaamse afdeling op mijn thuisadres en daarna bij de Franstalige op het adres van de redactie. Ge moet er maar opkomen.
En zeg nu niet dat ik misbruik maak van vertrouwen. Het is in feite de vijand bevechten met z’n eigen wapens. Die weet dat trouwens wel. Zo biedt b.v. de boekenclub ECI zélf de mogelijkheid om opnieuw aan te sluiten, opnieuw tegen fantastische voorwaarden én met behoud van « anciënniteit » (wat vaak extra-korting met zich meebrengt). Het zal dus wel zijn dat de firma zelf er ondanks alles ook geen verlies aan lijdt ! Over het algemeen kan men trouwens stellen dat Nederlandse firma’s — in tegenstelling tot de gangbare grappen — vrijgeviger zijn dan Latijnse. Een ander aan te raden procédé is b.v. het eerste boek van een reeks gratis inpikken. Welnu, Franstalige firma’s stellen daarbij uitdrukkelijk « lecture gratuite », met andere woorden het boek moet je sowieso terugbezorgen, wat b.v. aan postzegels aardig kan oplopen. Neen, dan is een openbare bibliotheek goedkoper.
De verbruiker gebruikt
Natuurlijk zal de firma soms trachten vervelend te doen. Ze hebben b.v. uw « ontslagbrief » niet of niet tijdig ontvangen, ze sturen u ondanks dat tóch een tweede boek, waarvoor u dan na verloop van tijd eerst een rekening en daarna een dreigbrief krijgt enzovoort. Ooit was ik geabonneerd op een Nederlands sportblad en die passen dat procédé zelfs toe bij de verlenging van het abonnement ! Stel u voor dat u uw abonnement op De Rode Vaan niet meer wenst te verlengen en dat u dan thuis een briefje ontvangt in de zin van : « Mijnheer of mevrouw, we hebben nog steeds uw abonnementsgeld voor de volgende jaargang van De Rode Vaan niet ontvangen. Gelieve dit onmiddellijk te doen met daarbij een opleg van honderd frank voor administratiekosten ». Een absurde veronderstelling weliswaar omdat u natuurlijk uw Rode Vaan-abonnement helemààl niet wil opzeggen, maar die Nederlandse broeders presteerden dat toch maar !
In elk geval, aangezien de verkoop via postorderbedrijven vaak niet helemaal « comme il faut » verloopt, krijgt u toch meestal het gelijk aan uw kant (de firma’s drijven toch nooit echt door, tenzij het om een hoog bedrag gaat). Als u echter geen risico’s wil lopen, hou dan de richtlijnen in de gaten die het verbruikersmagazine Test-Aankoop aan zijn lezers gaf in het septembernummer van 1983 waarin de postorderbedrijven werden doorgelicht (zie kader « waarop moet u letten bij postorderverkoop ? »).
Wat stelde Test-Aankoop allemaal vast ? Dat de leveringstermijnen werden nagekomen en dat alle artikelen voldeden. Toch stuurden zij alle bestellingen terug om te zien of dit geen problemen stelde wat de terugbetaling betrof. Dit was bij geen enkele firma een probleem. Anderzijds blijkt uit een vergelijkende tabel dat het kopen via een catalogus zelden interessant is, vooral in het licht van de bijkomende transportkosten (wat ikzelf dus ook reeds heb opgemerkt in het geval van platen en boeken). Ook de kredietmogelijkheden (dé valstrik voor argeloze kopers) bleken erg duur : de intrest ging van 27 tot 109 % per jaar ! Test-Aankoop komt dan ook tot de conclusie dat de voordelen niet opwegen tegen de nadelen…
Over het sweepstake-procédé waarmee deze postorderbedrijven potentiële klanten trachten te strikken, rept Test-Aankoop met geen woord. Niet te verwonderen… enkele maanden later pakte het blad zélf uit met een sweepstake, gekoppeld aan een abonnementenwerving. En dan nog met de gehate « ja »- en «nee »-omslagen (al schrijft directeur Castelain dat het « nee »-omslag ook kan dienen voor mensen die al geabonneerd zijn en toch aan de wedstrijd willen deelnemen). Wel moeten we er eerlijkheidshalve aan toevoegen dat onze « test » (die erin bestond de nummers van twee uitverkorenen » te vergelijken) positieve resultaten opleverde : de zes nummers waren compleet verschillend en bovendien bevatte één omslag, nog een « speciaal » nummer, wat de andere inderdaad niet had.
Als dat geen toeval is !
Dat kan alvast niet worden gezegd van de sweepstake die de dertigste verjaardag van de firma van het warme ondergoed, Damart, meer luister moet bijzetten. « Bekijk deze lijst aandachtig » staat er. En we deden het. En wat blijkt ? De twintig winnende nummers van onze twee « proefkonijnen » waren compleet dezelfde, op één uitzondering na… En toch hadden ze allebei wel juist met dat nummer prijs, zeker ! Als dat geen toeval is…!
00 postorderbedrijven
Een ander aspect is dat in Nederland reeds talrijke processen tegen postorderbedrijven werden gevoerd wegens schending van de privacy. De aanklagers namen het namelijk niet dat zij met hun naam en adres in de fichier van deze instellingen waren geraakt. In België zal het heel wat lastiger, zo niet onmogelijk, zijn om een dergelijk proces te winnen. Hier bestaat zelfs het gelegaliseerd systeem dat men tegen een prikje oude kiesregisters kan kopen b.v.
Maar er zijn ook andere manieren om aan adressen te geraken en voorgedrukte brieven waarin dan jouw naam wordt ingevuld. Verenigingen waar u lid van bent (beroepsverenigingen b.v.) zijn blijkbaar tot deze hand- en spandiensten bereid en we hebben ook reeds gewezen op het netwerk van postorderbedrijven dat zelfs internationaal is vertakt. Omdat we ze niet allemààl over de kling kunnen jagen, beperken we ons dan ook tot een opsomming van de andere firma’s die zich als « geluksboden » de jongste maanden bij ons aanboden : Reader’s Digest, spaarkas Eural, Optieland (een driemaandelijks tijdschrift voor « actief beleggen »), Trois Suisses, Brigitte Geschenken (met de handtekening van P. Van de Vannet, directeur van Concordia Mail) en N° 1 Business Club (idem).
Neen, toeval is het dus niet. Althans niet dat de omzet van postorderbedrijven nog steeds stijgt (van 11,2 miljard in 1982 naar 13,5 miljard in 1983). Eén op twee gezinnen koopt immers al eens via de post. Wellicht in de hoop van « de slimste » te zijn. Aangezien bij het kopen via een catalogus er een tijdsbestek is vastgelegd dat de prijzen niet mogen veranderen (soms meer dan zes maanden), hebben indexverhogingen er geen vat op. Maar vergeet niet dat ook de tegenpartij geslepen is ! Als een of ander artikel op die manier tegen een al te lage prijs zou dienen te worden verkocht, dan zal het natuurlijk tamelijk snel « uitgeput » zijn, ah ja…
Opvallend is wel dat het vooral jongeren zijn (45 % is beneden de 36 jaar, 34 % beneden de 50 jaar) die van deze manier van aankopen gebruik maken. Een vorm van luiheid ? Of « vervreemding » ? Dat laatste kan zeker niet worden ontkend. Vroeger was de binding tussen koper en het gekochte veel nauwer, dat maakte ergens deel uit van zijn persoonlijkheid. Nu heeft de wegwerpmentaliteit van de consumptiemaatschappij daar verandering in gebracht. Er wordt gemakkelijker iets gekocht, maar er wordt ook gemakkelijker iets weggegooid.
Typisch is b.v. dat ook vaak meubels per postverkoop worden aangeboden. Pakweg dertig jaar geleden zou dat m.i. totaal ondenkbaar geweest zijn. Hout « leefde » toen nog. Bij een aankoop wou men dat betasten. Ja, dat lijkt al zo lang achter de rug te liggen dat dit nu wel belachelijk aandoet…
Aangezien nu ook de computer stilaan zijn intrede doet op deze markt, moet men voorlopig geen kentering verwachten in deze evolutie. Integendeel ! Na de catalogus wordt onvermijdelijk het beeldscherm de volgende stap om een aankoop te bepalen. En ondanks het feit dat ik evenzeer een grote hekel had aan het verplichte wekelijkse winkelen met moeder de vrouw, is deze evolutie nu toch ook niet precies een pretje in mijn ogen…

Referentie
Ronny De Schepper, Postorderbedrijven en sweepstakes: de geluksbode het hoofd afgehouwen, De Rode Vaan nr.50 van 6 december 1984
00 postorderbedrijven

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.