Vijftig jaar geleden was er de première van “Paint your wagon” van Joshua Logan met Clint Eastwood, Lee Marvin en Jean Seberg.

De film speelt zich af in een mijnwerkersstadje tijdens de Californische goldrush en is losjes gebaseerd op de gelijknamige musical van Alan Jay Lerner en Frederick Loewe die op 12 november 1951 in première ging. De Oostenrijkse componist Frederick Loewe (1902-1988) was pas vier jaar eerder doorgebroken in Broadway met “Brigadoon”, alhoewel hij nochtans reeds in 1924 naar de VS was geëmigreerd. Loewe werkte steeds samen met tekstschrijver Alan Jay Lerner en op hun conto vinden we verder nog “My fair lady” (1956), “Gigi” (1958) en “Camelot” (1960) terug.

In 1957 wilden Louis B. Mayer en Jack Cummings de musical verfilmen. John Lee Mahin schreef een scenario en Alan Jay Lerner schreef samen met componist Arthur Schwartz nieuwe liedjes. Acteur Gary Cooper werd gekozen als Ben Rumson en alle lichten voor de productie stonden op groen toen Louis B. Mayer overleed en het project werd stopgezet. Pas halverwege de jaren zestig kwam er weer schot in de zaak. In 1965 had 20th Century Fox een onverwacht grote hit met een verfilming van een musical uit de jaren vijftig, The Sound of Music. Producenten van andere filmstudio’s gingen nu ook op zoek naar andere musicals die verfilmd konden worden. Al snel werd ook Paint Your Wagon uit de mottenballen gehaald. Inmiddels was het echter al 1969 en de hernieuwde populariteit van musicals was alweer verdwenen, zeker bij het jongere publiek. Dr. Dolittle uit 1967 was al geflopt en Hello, Dolly! zou in 1969 ook floppen. Maar producent Alan Jay Lerner was vastbesloten om Paint Your Wagon te maken. Hij hield zich vast aan het succes van verfilming van een andere Lerner/Loewe musical Camelot in 1967 en legde de regisseur van deze productie, Joshua Logan, gelijk vast. Er was echter nog een maar, Lerner zelf had totaal geen ervaring als producent van films.

Het libretto van Lerner uit 1951 bleek onbruikbaar en scenarist Paddy Chayefsky werd gevraagd een nieuw verhaal te schrijven op basis van de musical uit 1951. Chayefsky was echter meer een schrijver van televisiedrama’s en scenario’s voor realistische filmdrama’s als Marty, het Oscarwinnende drama over een slager die er maar niet in slaagt een vrouw te vinden, en niet van muzikale komedies. Desondanks accepteerde hij de opdracht en begon het verhaal te herschrijven. In het originele libretto is sprake van liefdesverhouding tussen Jennifer, een Amerikaanse en Julio, een Mexicaan. Dat was in 1951 misschien baanbrekend, maar in 1969 was dit thema inmiddels achterhaald. Chayefsky handhaafde de begrafenis en het vinden van goud bij het graf, alsmede de Mormoon en zijn twee vrouwen uit het oorspronkelijke libretto. Hij werkte het personage van Elizabeth meer uit en voegde Pardner toe. Jennifer, de dochter van Rumson en haar Mexicaan Julio verdwenen geheel uit het verhaal. Ook verdween het overlijden van Ben Rumson uit het verhaal, in de film blijft dit personage gewoon leven. Wat ook bleef was het mijnwerkersstadje dat echter niet langer Rumson City heette, maar No Name City werd gedoopt. Chayefsky handhaafde de liefdesdriehoek tussen Elizabeth en twee mannen, maar verving het personage van de mijnwerker Edgar Crocker door Pardner. De driehoeksverhouding tussen Pardner, Elizabeth en Ben Rumson werd het centrale thema van de film, waarmee Chayefsky aansloot op de tijdgeest van eind jaren zestig met vrije liefde en hippiecommunes. De grote finale van de film, het instorten van de stad als gevolg van de vele tunnels die er onder zijn gegraven door de mijnwerkers op zoek naar goud, bleek echter al eerder gebruikt. Dat was in de film What Did You Do in the War, Daddy? van Blake Edwards uit 1966, waarin tijdens de Tweede Wereldoorlog bankovervallers allerlei tunnels onder een stad graven om een bank te beroven, waarna het Amerikaanse leger dat de stad aan het veroveren is door de ondermijnde straten zakt.

Aanvankelijk zou Bing Crosby de rol van Ben Rumson spelen, maar die haakte af toen hij hoorde dat de opnamen in de wildernis van Oregon zouden worden gemaakt en redelijk lang konden duren. Lerner koos toen Lee Marvin. De acteur was echter bezig met de voorbereiding van de film The Wild Bunch en kon pas worden overgehaald toen hij een miljoen dollar kreeg voor zijn rol. Eigenlijk was Marvin met zijn 44 jaar te jong voor de rol, zes jaar ouder dan Clint Eastwood die de rol van veel jongere Pardner kreeg. Eastwood kreeg 750.000 dollar voor zijn rol en een percentage in de winst. Zijn productiemaatschappij The Malpaso Company was betrokken bij de productie van de film. De keuze voor Eastwood voor de rol van Pardner was overigens geen gelopen race. Aanvankelijk was George Maharis een grote concurrent. Voor de rol van Elizabeth zocht Lerner contact met Lesley Ann Warren en later Sally Ann Howes, maar die zagen af van de eer. Ook Kim Novak weigerde de rol, waarna Diana Rigg werd gecontracteerd. Ze werd echter ziek en vervangen door Jean Seberg.

De opnames voor Paint Your Wagon waren een nachtmerrie. De film was begroot op 10 miljoen dollar, maar aan het einde van de opnames was dit bedrag verdubbeld. Het was zo’n chaos op de set dat Clint Eastwood zich voornam om zelf regisseur te worden en films te gaan maken binnen het budget en zo efficiënt mogelijk. Producent Alan Jay Lerner had nog nooit eerder een film geproduceerd en de klus was duidelijk te veel voor hem. De kosten rezen gelijk de pan uit toen besloten werd op locatie te film in de wildernis van Oregon, bij de Cascade Mountains, ongeveer 80 kilometer verwijderd van de dichtstbijzijnde stad Baker. Daar werd door decorbouwer John Truscott voor 2,4 miljoen dollar een complete mijnwerkersstad gebouwd, en een tentenkamp dat het stadje moest voorstellen voor de goudvondsten. Elke dag moesten de acteurs en de filmploeg met helikopters worden binnengevlogen omdat het dichtstbijzijnde hotel in Baker was. De kosten voor dit transport bedroegen 80.000 dollar per dag. Aanvullende opnames werden gemaakt bij het Big Bear Lake in Californië en in het San Bernardino National Forest. Regisseur Joshua Logan bleek een pietje precies en werkte uiterst zorgvuldig en langzaam, hetgeen het aantal opnamedagen fors opvoerde. Er werd gefilmd tussen mei-oktober 1969. Producent Lerner werd op zeker moment zo razend over het werktempo van Logan dat hij hem ontsloeg en assistent-regisseur Tom Shaw de film liet afmaken.

Problemen waren er ook met de acteurs. Volgens verhalen was Lee Marvin tijdens de opnames constant dronken en kregen Eastwood en Seberg een affaire die weer de nodige problemen gaf met de man van de actrice, de Franse schrijver Romain Gary. At the same time, Eastwood was having yet another affair with one of the extras. Jerry Pam, a publicist for both actors at the time, told Seberg biographer David Richards in 1981: “Once they got back to Paramount, it was as if Clint didn’t know who she was. Jean couldn’t believe that he could be that indifferent to her, after everything that had gone on in Baker. She was a very vulnerable woman, and it was a terrible trauma for her.”

De hippies die waren ingehuurd als figuranten gingen op zeker moment in staking omdat ze meer geld wilden. De oorspronkelijke musical van Lerner en Loewe was met name een succes dankzij de choreografie van Agnes deMille. Merkwaardig genoeg vond Lerner het echter niet nodig om voor de film een choreograaf in te huren. De kosten bleven echter stijgen en noch Lerner, noch iemand anders lette op de uitgaven. Zo werd een stel paarden die nodig waren voor een bepaalde scène maandenlang stand-by gehouden, terwijl de uiteindelijke opnames maar een week duurden. Toen na vier maanden de winter inviel, moest de filmploeg uitwijken naar Hollywood, waar de decors opnieuw werden opgebouwd voor aanvullende opnames.

Speciaal voor de film schreef Nelson Riddle de aanvullende muziek naast de liedjes van Lerner en Loewe, en kreeg hier een Oscarnominatie voor. Omdat het libretto van de oorspronkelijke musical uit 1951 grotendeels was veranderd, verdween ook een aantal liedjes, terwijl andere nummers op een andere plaats terechtkwamen. Dirigent/componist André Previn schreef muziek voor de nieuwe liedjes op tekst van Alan Jay Lerner. Lee Marvin en Clint Eastwood zingen zelf in de film. Marvin had zelfs een hit in Engeland met het nummer Wand’rin’ Star. Dit ondanks het commentaar van actrice Jean Seberg die Marvins stem omschreef als ‘regenwater dat door een roestige regenpijp gorgelt’. Hoewel actrice Jean Seberg wekenlang oefende op het zingen van haar liedjes in film, kon ze in de studio vrijwel geen noot meer zingen van de zenuwen. Haar stem werd om die reden opnieuw ingezongen door Anita Gordon. In his memoir, lyricist Alan Jay Lerner relates that Anita Gordon had faded from view by 1969, as the studio system had dissolved and movie musicals were rarely produced. But he was convinced that Gordon was the best match for Seberg’s speaking timbre. When all of his attempts to locate the elusive Gordon failed, he contacted the Screen Actors Guild in one final attempt to track her down. When Lerner told the phone operator at SAG that he was seeking a singer named Anita Gordon, he received a shock when the operator responded that she herself was Anita Gordon. And, with that, Miss Gordon played her final hand in Hollywood as Seberg’s voice double.

De film kwam uit in oktober 1969 in een tijd dat de musical eigenlijk alweer uit de mode was sinds de kortstondige opleving met The Sound of Music. De critici vonden de film maar een vreemde mix van een western, komedie en musical. Omdat er in de film werd gevloekt (‘hell’ en ‘damn’) kreeg de film de aanduiding ‘M’ (van mature), alleen geschikt voor volwassenen. De eerste keer dat een musical zo werd beoordeeld. De film duurde daarbij nog eens bijna drie uur, erg lang voor een gemiddelde Amerikaanse film. Ondanks de slechte kritieken en bovenstaande nadelen bracht de film 14,5 miljoen dollar op en was daarmee het zesde grote succes aller tijden voor Paramount. Helaas wogen de inkomsten niet op tegen de – voor 1969 – enorme uitgaven van 20 miljoen dollar. Paramount bracht de film opnieuw in roulatie in een ingekorte versie waarbij een groot deel van de liedjes verdwenen was. Een ingreep die weer werd hersteld toen de film aan de televisie werd verkocht. In de loop der jaren kwam er meer geld binnen en uiteindelijk bracht de film in totaal 31,7 miljoen op. Maar dat was later. In 1969 werd de film bestempeld als een megaflop. Regisseur Joshua Logan kwam op een zijspoor te staan en zou zeker tien jaar lang geen film meer maken. Ook Lerner hield het voor gezien. Paint Your Wagon was niet alleen zijn eerste film als producent, maar gelijk ook zijn laatste. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.