Het 41ste seizoen van het Gentse Arcatheater is gestart in… Antwerpen. In de Zwarte Zaal van het Fakkeltheater bracht Doris Van Caneghem immers de monoloog “Shirley Valentijn”. En in Gent zelf is Arca voor “De Coburger”, een monoloog met Jo De Meyere in de rol van Leopold I, uitgeweken naar het Sabbattinitheater in de Hoogstraat. Het zalenprobleem in Gent is dus nog steeds niet opgelost…

Het spreekt uiteraard voor zich dat Arca ook een eigen zaal heeft, maar daar werd in het begin van deze maand ruimte gemaakt voor een herneming van de succesrijkste productie van vorig jaar, “De Tijd en de Kamer” van Botho Strauss. Hiermee trok Arca zowel naar de Sovjet-Unie (cfr. ons gesprek met Eva Bal) als naar het vierde Theaterfestival in Rotterdam.
In dit stuk uit 1988, dat vandaag precies dertig jaar geleden in première is gegaan, zijn de protagonisten Julius en Olaf (Jo Decaluwe en Walter Moeremans) duidelijk nazaten van de eeuwig wachtende duo’s uit Becketts “Godot” of Pinters “Dienstlift”. Een “moeilijk” stuk dus, maar niet gespeend van enige bizarre humor die het geheel draaglijk maakt. Dit is ook wel nodig want inhoudelijk kon het ons eigenlijk niet bekoren. Het is duidelijk dat de naam Botho Strauss voor velen als een Pavlov-reflex werkt, min of meer te vergelijken met het lachsucces waarop mensen als Urbanus, Freek De Jonge en vooral Toon Hermans ook op minder geïnspireerde momenten steeds kunnen rekenen. Van een jonge, onbekende auteur zou men nooit in overweging nemen deze tekst daadwerkelijk in een productie om te zetten. Eigenlijk is het immers een al te gemakkelijke illustratie van “het woord dat vlees geworden is”. Met andere woorden, men praat over iemand en in die vorm verschijnt hij of zij ook ten tonele. Julius zegt op een bepaald moment zelfs letterlijk: “Sst! U praat het hierheen!”
Het succes van deze productie komt dan ook helemaal op rekening van de homogeen goed acterende cast van het Arca-gezelschap, iets wat we, de laatste jaren reeds vaker hebben mogen vaststellen. En alhoewel het zeker niet de bedoeling zal zijn, is het stuk tevens een soort van “postume” hulde aan Jos Verbist (die met slaande deuren het Gentse gezelschap verliet), aangezien hij samen met Herman Gilis voor de flamboyante, inventieve regie instond.
DE TIJD EN DE KAMER van Botho Strauss / Nederlands: Robin Maekelbergh / Regie: Herman Gilis en Jos Verbist / Scenografie: Niek Kortekaas / Met: Jo Decaluwe, Luc D’Heu, Carmen Jonckheere, Walter Moeremans, Hans Royaards, Lucas van den Eynde, Albert van Tichelen en Rita Wouters

44 de tijd en de kamer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.