Vandaag is het al tien jaar geleden dat de Amerikaanse filmregisseur John Hughes is overleden op 59-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hartaanval.

Jongerenfilms waaruit de jeugd naar voren komt als een verloren generatie met werkloosheidsproblemen, zijn niet erg talrijk (Rumble Fish, Skin). Maar films waarin jongeren wakker liggen van hun eerste liefdesverdriet of generatieconflicten zijn er des te meer (About Last Night, Pretty in Pink,…). Men noemt dergelijke films “Rites of passage” in het vakjargon, naar het boek van William Golding waarvoor hij in 1980 de Booker Prize kreeg.

00

Liefde en seksualiteit zijn universele thema’s die het overwegend jonge filmpubliek blijven aanspreken. En voor scenaristen is bij het tweede soort films een happy end makkelijker verzonnen. De specialist bij uitstek in dit filmgenre was John Hughes met films zoals ‘Some kind of wonderful’, ‘Sixteen candles’, ‘Ferris Bueller’s Day Off’ (foto) of ‘The Breakfast Club’. In ons land is Jan Verheyen zowel zijn evenbeeld als een vurig pleitbezorger van zijn aanpak. Wat Jan vooral bewondert in die Amerikaanse films is de technische kwaliteit en de manier om een goed plot te verfilmen. Op die manier is zelfs een middelmatige Amerikaanse film toch nog altijd onderhoudend, terwijl een Europese film dan al gaat vervelen.
Jan Verheyen: “John Hughes is één van de weinige Amerikaanse mainstream-filmmakers die de afgelopen jaren bewezen heeft de gevoelens van jonge mensen au sérieux te nemen. Er zijn daar wel ongelooflijk veel strandkomedies over ‘hoe verlies ik mijn maagdelijkheid’ bestemd voor drive-ins en fast food-exploitaties, maar John Hughes is de eerste geweest om de jonge mensen op een heel intelligente en ook een heel gevoelige manier te benaderen. Dat heeft mij ervan overtuigd dat je ook hier een film kunt maken over jonge mensen die verder gaat dan de Porky’s- en de Bikini Beach-achtige toestanden.”
Dat werd dan “Boys”, maar ook Erik Van Looy zat met zijn eerste film (“Ad fundum”) in die richting, om nog te zwijgen van godfather Robbe De Hert met “Blueberry hill”. Of om nog eens Jan Verheyen te citeren: “Wat ik verder bij John Hughes bewonder is de manier waarop hij muziek gebruikt om een sfeer te scheppen. Daar zit bijna geen instrumentale filmmuziek in en dat hebben wij ook willen doen.”
Volgens Erwin Goegebeur in “Film en Televisie” lijkt Brighton Beach Memoirs van Gene Saks uit 1986 op de puberteitsdrama’s van John Hughes, maar deze film, op basis van een toneelstuk van Neil Simon, over de groeipijnen van Eugene J.Morris is origineler en daarom nog beter. Het nostalgisch getinte verhaal speelt zich af in een kustplaatsje nabij New York, anno 1937. Eugene is een schrijvertje in spe en vertelt over de grote en kleine problemen van zijn gezin, al dan niet rechtstreeks in de camera. Zijn observaties zijn bijzonder scherp en niet zonder gevoel voor humor. De nauwkeurige reconstructie van de vooroorlogse decors en de sepiabruine kleuren dragen bij tot de nostalgische sfeer, maar het is vooral de jonge acteur Jonathan Silverman die heel wat minder jonge toeschouwers glimlachend doet achteromkijken naar de eigen jeugd. Een gevoel van herkenbaarheid dat in veel moderne jongerenfilms ontbreekt.
John Hughes studeerde in 1968 af aan de Glenbrook North High School in Northbrook, Illinois, een plaats overigens waar veel scènes uit zijn films zijn opgenomen. Hij was in het begin schrijver voor het National Lampoon Magazine, tot hij zijn eerste film Class Reunion uitbracht, de eerste van een grote reeks National Lampoon films. Hughes schreef voor de drie eerste National Lampoon “Vacation” films de scenario’s: National Lampoon’s Vacation (1983), European Vacation (1985) en Christmas Vacation (1989). Hij regisseerde deze films echter niet. Dat was evenmin het geval bij zijn grootste commerciële succes, namelijk Home Alone, dat zich overigens ook tijdens de kerstvakantie afspeelde. Hij schreef de scenario’s voor deze film en de twee vervolgen en was tevens producent. De regie van de eerste twee was in handen van Chris Columbus, de derde Raja Gosnell.
Om te voorkomen dat hij alleen als “regisseur van komedies voor jongeren” werd gezien, regisseerde hij in 1987 de film Planes, Trains & Automobiles met in de hoofdrollen Steve Martin en John Candy, volgens velen zijn beste film. Latere producties werden minder enthousiast ontvangen. Na Curly Sue uit 1991 heeft Hughes zelfs geen films meer geregisseerd.

Ronny De Schepper

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.