James George Frazer (Glasgow1 januari1854 – Cambridge7 mei1941) was een Schotse antropoloog. Hij is een van de voorlopers van de moderne culturele antropologie.

Frazer begon zijn studies aan de universiteit van Glasgow. Nadien was hij een leerling van de antropoloog Edward Burnett Tylor (1832-1917) aan het Trinity College te Cambridge, waar hij klassieke talen had gestudeerd. Frazer doceerde bijna zijn hele leven te Cambridge.
Tylors beroemde Primitive Culture (1871) inspireerde Frazer. Hij begon met het bestuderen van de mythe van Diana en Verbius, de cultus van de gouden tak rond een boom, met een priester die enkel kon vervangen worden door een rivaal die hem doodde (zie bovenstaand schilderij van William Turner, 1775-1851)

The Golden Bough richtte zich tot een breed geletterd publiek, dat opgroeide met verhalen zoals in publicaties als Thomas Bulfinch‘ Age of Fable. Het bood een modernistische benadering in het bespreken van godsdienst. Het boek bekeek godsdienst vanuit een neutrale invalshoek en beschouwde het als een cultureel verschijnsel, in plaats van uit theologisch perspectief.  Frazer beschreef de relatie tussen magie, wetenschap en religie in evolutionaire termen: magie was in de evolutie van de menselijke geest de eerste fase, en uiteindelijk zouden zowel magie als religie (gegroeid uit de ‘fouten’ van de magie) vervangen worden door wetenschap.

Frazer probeerde zijn veelomvattende werk vooral in het licht van verbanden tussen die gewoonten en gebruiken te presenteren; en hoewel een aantal van de geboden inzichten thans niet meer wordt onderschreven, had The Golden Bough enorme invloed, ook buiten het vakgebied van de antropologie, met name in de literatuur. Frazers blijvende invloed is wellicht groter op literair gebied dan op antropologisch, waar werk van latere antropologen als Bronisław Malinowski en Margaret Mead tot nieuwere opvattingen heeft geleid. In literaire werken komen verwijzingen dan ook veelvuldig terug. De twaalfdelige derde editie (1911-1915) was van groot belang voor T.S. Eliots modernistische en enorm invloedrijke gedicht The Waste Land (1922). Dat werk kwam uit in hetzelfde jaar waarin de eendelige uitgave van The Golden Bough verscheen, die ik nu aan het lezen ben. Dat is nog een laattijdige (een halve eeuw na datum!) reactie op het feit dat The Golden Bough in de lessen van prof.Schrickx voortdurend opdook, net als natuurlijk in de toen nog jonge leerstoel van vergelijkende literatuurwetenschap van prof.Thys (1924-2015). Ongetwijfeld zal hij ook wel ter sprake zijn gekomen bij prof.Bolckmans (“Inleiding tot de Moderne Literatuur”), maar dat kan ik me eerlijk gezegd niet meer herinneren.

In de periode dat ik het werk uit het oog verloor, was dit blijkbaar ook het geval op academisch vlak: zoals gezegd doken er meer en meer tegenstanders van Frazer op tot – u kunt het al raden – het postmodernisme zich aankondigde en er opnieuw belangstelling ontstond voor sagen en mythen van primitieve volkeren. Ook bijvoorbeeld in de intertekstualiteit van Angus Wilsons postmoderne As If by Magic (1973) zijn duidelijk (structuur)elementen te onderkennen die een bewuste verwijzing naar Frazers werk vormen, aldus Wikipedia.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.