Muziekjournalist Peter Cnop (foto Twitter) viert vandaag zijn zeventigste verjaardag. Peter schreef eerst voor Humo en daarna voor Knack om uiteindelijk op de persdienst van de toenmalige BRT terecht te komen. Daar ontpopte hij zich ook als een uitstekend scenarist. Samen met Willy Van Poucke ligt hij aan de oorsprong van de successerie “F.C.De Kampioenen” (al krijgen zij daar niet de nodige credits voor) en daarnaast heeft hij vooral voor de radio een aantal hoorspelen geschreven.

Zo vormde Walter Grootaers in de jaren tachtig het onderwerp van een hoorspel van Peter Cnop, “Altijd Alaska”. Het onderwerp zeg ik, maar toch ook weer niet. De figuur van Walter Grootaers is exemplarisch voor “een” of “de” Vlaamse rockmuzikant. Nergens in het hoorspel wordt overigens zijn naam vermeld of die van zijn groep. Peter Cnop heeft eerder naar een antwoord gezocht (of beter gezegd: vragen opgeworpen) in verband met het hoe en het waarom.
Peter Cnop: “Waarom iemand de niet geringe risico’s wil lopen de veilige bescherming van het anonieme bestaan op te geven om zich prijs te geven aan de openbaarheid, dat bijvoorbeeld. Natuurlijk, het is geen vraag die zich tot het rockmidden beperkt, maar het antwoord ligt allicht anders, dichter bij de kilte die te hard tentoongespreide emoties bij een rockmuzikant kan achterhalen. “Altijd Alaska” heet dat in een lied van de populaire Vlaamse rockgroep, de Kreuners.
Daardoor ligt de motivatie van een rockzanger allicht een stuk dichter bij de misschien wat eenvoudig opgebouwde verwachtingen van de sportbeoefenaar dan bij de naar buiten degelijk intellectueel gefundeerde gedachtenconstructies van zeg maar beeldende kunstenaars.
Een wielrenner kan echter maar enkele emoties, zoals geldingsdrang bijvoorbeeld, kwijt door ze om te zetten in energie. Rock daarentegen biedt de mogelijkheid om een hele waaier van emoties bijna onversneden door te geven in de muziek.
Dit slag rock lijkt daarom ook meer te zijn dan dansmuziek, al kan het daar wel uiterlijke kenmerken van vertonen. In de Verenigde Staten en Engeland bestaat het sinds het eind van de jaren zestig, in andere landen is het om diverse cultureel-economische redenen pas enkele jaren geleden op gang gekomen. Een essentiële voorwaarde is namelijk dat de muziek en de teksten zoniet landsgebonden moeten zijn, dan toch een verwantschap moeten hebben met de gemeenschap waarin ze ontstaan.
Na enig wikken en wegen, bleek de Lierse rockgroep de Kreuners zich hier het best voor te lenen. Ze zingen in het Nederlands, hun teksten wekken de indruk nogal verbonden te zijn met hun persoonlijkheid, de muziek is gevarieerd genoeg om te blijven boeien. Daarenboven konden oude demo-opnamen gebruikt, zodat er met beperkte productionele middelen toch enige evolutie kon geëvoceerd worden. Nochtans is dit niet in de eerste plaats een document rond de muziek van de Kreuners geworden, maar een dramatische reconstructie van lief en leed van een Vlaamse rockzanger.”
Wie de getormenteerde ziel van een rockster wil ontrafelen, komt natuurlijk al vlug bij Lou Reed terecht. Niet alleen roept Grootaers deze anti-held woordelijk op, ook muzikaal wordt naast de Kreunersfragmenten (h)eerlijk gebloemleesd in het chef d’oeuvre van de Meester, “Berlin”. Maar ook het ontluisterende “Living in a rock’n’roll fantasy” van Ray Davies is uitstekend ingepast aan het einde van dit hoorspel dat niet alleen voor rockfans maar ook (vooral?) voor andere luisteraars een openbaring zal zijn.
Peter Cnop is bij de meesten vooral bekend als popjournalist, eerst bij Humo, later bij Knack, maar het grootste deel van zijn professionele leven heeft hij gesleten op de VRT, waar hij op de persdienst een collega was van Fons Mariën en Willy Van Poucke. Zijn aanwezigheid op de openbare omroep leverde ook een aantal (vier) afleveringen van F.C.De Kampioenen op: “Doortje”, “Het geld of het veld”, “Vogelvrij” en “Carmens wasmachine”, de laatste twee in samenwerking met Frank Van Laecke. Maar volgens Willy Van Poucke zijn zowel Peter als hijzelf veel meer dan louter de eerste scenaristen van de succesreeks: “De situatie en de personages zijn bedacht door Peter Cnop en mij. Wel stond ons steviger comedy voor ogen, denk maar aan ‘Fawlty Towers’. Dus werd een en ander bijgestuurd door BRT-producers Luc Beerten en Bruno Raes en BRT-regisseur Willy Van Dueren (van de toenmalige Dienst Woord en Spel), wier grote voorbeeld de Nederlandse reeks ‘Zeg eens A’ was. Ons concept bleef grotendeels behouden, de toonzetting werd echter grondig gewijzigd. Maar duidelijk moet zijn dat het enige papier waar 20 jaar geleden wat op stond over de personages, hun onderlinge verhouding en de setting, dat van ons was, ’t is te zeggen van Peter en mij. ‘F.C. De Kampioenen’ is dus een creatie van de vijf mensen die ik hiervoor noemde, met als absoluut startpunt Peter en ik. In die jaren voetbalde ik bij een amateurploegje. Ik zag snel het komisch potentieel van dat gegeven in. Verder kreeg alles gestalte tijdens de middagpauze op de Persdienst in de urenlange gesprekken en brainstormen die Peter en ik hielden. De BRT werd toen weggeblazen door het piepjonge VTM. We dachten – terecht is achteraf gebleken – dat volkse comedy een sterke tegenzet kon zijn om het tij te keren.”
Daarnaast schreef Peter Cnop buiten dat over De Kreuners nog andere luisterspelen. Zo b.v. “De Beatles in Vladivostok” dat op de VRT-radio werd uitgezonden in een regie van Flor Stein met David Davidse (als Ronny Renaldo), Oswald Versyp, Ugo Prinsen en Jacky Morel.
Ronny Renaldo (alias Ronald Rottiers) had in de jaren zeventig een waanzinnig succes met gekruide versies van Beatles-songs. Sindsdien verbraste hij op Aruba al zijn geld. Uit noodzaak keert hij dus terug naar Vlaanderen, maar hier is iedereen hem vergeten. Zelfs zijn vroegere begeleider Fred Alquin, die nu een succesvol pianist à la Richard Clayderman is, kan hem niet aan een televisie-optreden helpen. We leven nu immers niet meer in the age of aquarius maar the age of the ratings.
Dat Davidse niet enkel The Beatles maar ook Franz Schubert moet zingen, blijkt geen punt, want hij heeft een klassieke zangopleiding achter de rug en zou zelfs nog in het Muntkoor hebben gezongen…
Uit de samenwerking Cnop-Davidse groeide in 1991 ook het plan voor “Hout”, een soort van kameropera op muziek van Xavier Verhelst en uitgevoerd door het Cheopskwartet, maar deze adaptatie van het “Philemon en Baucis”-verhaal (waarbij Davidse zowel de rol van de man als die van de vrouw voor zich zou nemen, uiteraard zou ik zo zeggen, met een knipoog naar Madame de Coeur Brisé) voor het Gentse Nieuwpoorttheater bleef in de startblokken steken.
Er zijn uiteindelijk wel degelijk twee voorstellingen van ‘Hout’ geweest, waarvan één zelfs in het Gentse Nieuwpoort in 1991, en dan ook nog één in Logos in 1993, maar dan met, naast het Cheops, An Vercruysse en Kurt Rogiers (yep, dé). Een ingekorte versie werd in 1994 voor Radio 3 opgenomen als ‘Philemon & Baucis’, met Doris Van Caeneghem en Ugo Prinsen, in de symfoniezaal (en de fameuze Studio 6) van het Flageygebouw.
Op het persoonlijke vlak tenslotte is het ook nog vermeldenswaard dat Peter in de jaren zeventig deel uitmaakte van de fameuze “commune” in de Brusselse Koopmanstraat, samen met o.a. mijn collega Jan Mestdagh en Ferre Weustenraad.

Ronny De Schepper

3 gedachtes over “Peter Cnop wordt zeventig…

  1. Een kleine correctie. De ‘Koophandelsstraatcommune’ was een vrijwilligersverband, en de eerste ‘Release’ in dit land, geïnspireerd op het Engelse voorbeeld om de roots van de jeugdbeweging ook een zorgluik te geven, zeg maar om jongeren in problemen te oriënteren, buiten de klassieke zuilen, en eigenlijk een uitloper van een artikel in Humo. De oorspronkelijke initiatienemers hielden het voor bekeken na de infiltratie door AMADA, die het wilde reduceren tot een extreem-links project.

    Like

  2. Peter,

    Een vraagje. Ik schrijf een in memoriam voor onze overleden collega Wilfried voor het blad van de Lierse Normaalschool. Weet jij of weet Willy (e-mailadres mij niet bekend) of hij familie was van de bekende en totaal verarmde Vlaams-nationalist Adelfons Henderickx. Ik herinner me dat Wilfried me eens iets woest vertelde over de Borms-commissie en haar uitbetalingen en de gevolgen in 1945. Ik heb toen geen link gelegd met die Adelfons en zeker niet met het feit dat hij al 27 was toen hij regent werd; toch geen leeftijd om nog naar een normaalschool te gaan. Bedankt voor een reactie

    jan.neckers@telenet.be

    Like

  3. Peter Cnop, gvd.

    Zit ie nog altijd in de kast?

    Ik kende hem uit De Dinkwinkel, een bruine kroeg in Vilvoorde.Late jaren 70, iedereen was werkloos.

    Chris Vilvoorde city De Bruyne zat er vaak en zat. Met zijn 15-jarige vriendin, Barbara met de chique tieten.

    Ik heb er ook Jah Wobble ontmoet, maar die was terecht niet in the mood.

    Uitbater was Tuur, een folkmuzikant die elektrische slideguitar of zo speelde.It’s a beautiful day, zo iets.

    A place for losers, maar laat open, want iedereen was sowieso werkloos.En leuk voor muzikanten na een

    oprteden.

    Cnop kwam over als een arrogante betweter. It takes one to know one.

    Volgende dinsdag gaan ze proberen een tumor uit mijn hersens te verwijderen.

    Mocht ik niet meer, of raar, schrijven,daarom, niet waar.

    Liked by 1 persoon

Laat een reactie achter op Peter Cnop Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.