De Amerikaanse regisseur Ron Howard viert vandaag zijn 65ste verjaardag. Op ons netvlies staat hij nog altijd als Richie Cunningham, de brave tiener die belangrijke levenslessen krijgt van de nozem Fonzie (Henry Winkler), in “Happy days” (op bovenstaande foto resp. links en rechts), maar eigenlijk is hij veel belangrijker als filmregisseur.

Ronald William Howard werd geboren in het stadje Duncan in de staat Oklahoma. Zijn ouders waren allebei acteur. Zijn vader Rance was daarnaast ook regisseur en scenarist. Rance, die oorspronkelijk Beckenholdt heette, had de naam Howard aangenomen als artiestennaam. Om dichter bij hun werk te wonen, betrokken Rance en Jean een huis in Hollywood in de buurt van de Desilu-studio’s van Lucille Ball. Hun oudste zoon Ron ging naar school in de Desilu-studio’s en kwam dus al jong in aanraking met de film- en televisiewereld. Op vijfjarige leeftijd had hij al een rolletje in de film “The Journey” (1960). Ook speelde hij rolletjes in televisieseries als “The Twilight Zone” of “Dennis the Menace”. In 1959 kreeg hij zijn eerste grote rol; hij werd gecast als Opie Taylor in “The Andy Griffith Show” en draaide alle acht seizoenen mee. Acteur Andy Griffith werd een soort plaatsvervangende vader van hem.
Het spelen in films en televisieseries verhinderde uiteraard niet dat Howard ook naar school moest. Na zijn diploma-uitreiking ging hij studeren aan de University of Southern California’s School of Cinematic Arts (een studie die hij niet zou afmaken). Hij bleef echter acteren, al was hij niet langer het kindsterretje. Howards jeugdige uiterlijk maakte het echter mogelijk dat hij nog lange tijd voor kind kon doorgaan, zoals in de aflevering “Little Boy Lost” van de televisieserie “I Spy”. In de jaren zeventig schoof hij door naar tienerrollen, zoals een jeugdige marinier in een aflevering van de televisieserie “M*A*S*H” of als een piepjonge tennisspeler in “The Bold Ones”. Regisseur George Lucas selecteerde de inmiddels negentienjarige Howard voor het personage Steve Bollander in “American Graffiti” (1973). Het jaar daarop kreeg Howard de hoofdrol in een van de best lopende televisieseries van de jaren zeventig: “Happy Days”. Bij zijn ontstaan werd dit nogal goed onthaald, ook door mijzelf. De verloedering van de gags heb ik later in mijn televisierubriek in De Voorpost reeds aangestipt, maar de latente beklemming die zich van ons meester maakte telkens de Fonz erin slaagde met een vingerknip al die jongeren aan hem te binden werd door Dwarskijker in Humo gepast samengevat in die twee woorden, die geen verdere commentaar behoeven: Heil Fonz! Of zou de Dwarskijker hier voor de gelegenheid Marc Didden geweest zijn? (Reikt die zo diep?) Een zin als « Happy Days toont jongeren zoals de platenindustrie vermoedelijk denkt dat ze zijn » wijst in die richting.
In 1975 huwde Ron Howard zijn vriendinnetje van high school, Cheryl Alley. De acteerdagen van Howard waren echter geteld. In 1977 had hij de regie gedaan voor “Grand Theft Auto”, nadat Roger Corman hem gevraagd had om mee te doen aan een merkwaardige ruil: Howard zou de film mogen regisseren als hij in ruil daarvoor zou optreden in de film “Eat My Dust!”.
Na “Grand Theft Auto” regisseerde Howard diverse televisiefilms. Hij raakte zo geboeid door het regisseren dat hij in 1980 uit “Happy Days” stapte. Afgezien van enige gastoptredens zou hij na die tijd niet meer acteren.
Zijn eerste succes als filmregisseur had hij met “Night Shift” met Henry Winkler (Fonzie uit Happy Days) en Shelley Long in de hoofdrollen en in kleinere rollen Kevin Costner en Sean Young. Rod Stewart zingt hierin “That’s what friends are for”, lang voor het een hit werd als benefietsong voor de aidsbestrijding.
Het duurde niet lang voordat hij gevraagd werd voor de regie van “Splash”, een komedie rond een zeemeermin. Het werd een kassucces en Howard werd al snel beschouwd als een regisseur die de kassa doet rinkelen, toen hij ook een succes maakte van “Cocoon”, waarin de bewoners van een bejaardentehuis een verjongingskuur ondergaan onder invloed van buitenaardse wezens. Ook de fantasyfilm “Willow” werd geprezen vanwege de regiekwaliteiten van Howard. Daarna draaide Ron Howard “Far and away”. Dit verhaal van twee Ierse immigranten in de V.S. (de “arme” Tom Cruise en de “adellijke” Nicole Kidman worden pas door gezamenlijke problemen “verenigd”) berust echter op een veel te zwak plot, zeker als men de extreem lange duur van dit “epos” in aanmerking neemt. Bovendien wordt het mannelijke publiek bijna niet aangesproken door dergelijke love-story’s. De parallellen met zowat de enige flop van wijlen David Lean, “Ryan’s daughter”, werden dan ook reeds getrokken.
Met het brandweerdrama “Backdraft” (1991) en vooral met “Apollo 13” (1995) verlegde Howard zijn grenzen naar het drama. Deze film over de noodlottige vlucht van de gelijknamige ruimtecapsule liet zien dat Howard ook andere films kon maken dan komedies en sprookjes.
Met “A Beautiful Mind” (2001), over een wiskundige met paranoïde neigingen, bevestigde Howard zijn rol als veelzijdig regisseur. Hij kreeg er zelfs een Oscar voor. In deze op waar gebeurde feiten berustende biopic van de Amerikaanse Nobelprijswinnaar John Nash wordt op een bepaald moment letterlijk gezegd: “McCarthy is a fool, but he was right.” En de film is dan voor de rest ook volledig gebaseerd op het feit dat zo’n (algemeen aangenomen) verstandig man er blijkbaar vast van overtuigd is dat de Russen een “wandelende atoombom” het land willen binnensmokkelen en er zelfs aan ten onder gaat (aan paranoïde schizofrenie).
Liefhebbers (’t zullen wel vooral -sters zijn) van hoofdrolspeler Russell Crowe konden in 2005 terecht bij “Cinderella man”, een andere biopic van Ron Howard, deze keer gebaseerd op het leven van halfzwaargewichtbokser Jim Braddock. In de depressie volgend op de Wall Street Crash van 1929 wordt deze bokser, na een aantal verliespartijen, gedwongen zijn sport opzij te zetten en met diverse klusjes zijn vrouw (Renée Zellweger) en kinderen in leven te houden. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan… Howard en Crowe hebben van deze film een ode aan de bokssport gemaakt, die volgens Ivan Van Raemdonck wel o.k. is, ondanks wat te veel “feelgood movie”. Ook het ringgebeuren, soms nogal ongeloofwaardig in de meeste boksfilms (underdog krijgt verschrikkelijk veel slaag, maar slaagt er via miraculeuze ommezwaai vooralsnog in de kamp in zijn voordeel te beslechten) viel binnen de perken.
De film doet een beetje aan “Raging Bull” denken (centraal staat de persoon, maar niet het boksen an sich), maar minder rauw. Probleem bij biografische films lijkt toch dat om het geheel wat interessanter te maken de werkelijkheid wat moet gepolariseerd en dus bijgesteld worden: de finale van de film loopt uit op een gevecht om de wereldtitel van de “good guy” (Jim Braddock) tegenover de “bad guy” (Max Baer), welke laatste wordt afgeschilderd als een echte schoft (heeft enkele tegenstanders doodgeslagen in de ring en heeft daar totaal geen berouw om). Maar als je er dan even Wikipedia op naslaat, levert dit het volgende op: “Although the film received many positive reviews (80% were positive according to Rottentomatoes.com), some critics argued that part of Braddock’s journey was glamorized too much by director Ron Howard. One example is that throughout the film, Max Baer (Braddock’s final opponent at the climax of the movie) is portrayed in a semi-hostile (and inaccurate) manner. The character of Baer in the movie is portrayed as an arrogant villain who shows no remorse after killing men in the ring. In striking contrast to this, at the end of the match with Braddock does one see the Max Baer character touching the winner’s glove in recognition. In reality, Baer was badly shaken by the one death he caused during an exhibition bout held just prior to his match with Braddock, later giving money to Frankie Campbell’s wife, Elsie Camilli and her young son, Frankie Jr. Baer’s son, actor Max Baer Jr. of The Beverly Hillbillies fame, has stated that he remembered his father having nightmares over the bout.”
Met “The Da Vinci Code” uit 2006 (*) en “Angels & Demons” uit 2009, beide naar bestsellers van Dan Brown, mocht Howard zich op de “actiethriller” gooien. In de zomer van 2017 nam Howard de regisseurstaken over van Phil Lord en Christopher Miller voor de film “Solo: A Star Wars Story” nadat deze ‘creatieve verschillen’ gehad zouden hebben met Lucasarts.
Ron is nog altijd getrouwd met Cheryl Alley en is de vader van actrice Bryce Dallas Howard. (Wikipedia)

(*) De Franse president Jacques Chirac zette Ron Howard openlijk onder druk om voor Sophie Marceau te kiezen voor de rol van Sophie Neveu i.p.v. Audrey Toutou. Howard gaf echter niet toetoe.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.