Op 23 februari 1974 vond in de Veldstraat het eerste zogenaamd “overbruggingsconcert” plaats. Daarbij wilden wij de (toen nog zeer erg en misschien ook nu toch nog een beetje) gescheiden werelden van de “ernstige” en de “lichte” muziek bijeenbrengen.

90 andré de rop in broebelkeGezien de bouwvallige locatie konden wij natuurlijk geen grote orkesten en evenmin luide rockgroepen brengen, maar die eerste avond trad enerzijds het Ars Musica-kwartet op en anderzijds mijn collegevriend André De Rop (foto Erik Westerlinck) met zijn “Leuvense” makkers Erik Van Haegenberg en Johan Smet. Zij brachten resp. blues, folk en kleinkunst. Wie tot dat Ars Musica-kwartet behoorde, weet ik niet meer, maar ik herinner me nog wel dat de jonge violist Wim De Moor nog bij ons heeft opgetreden, evenals “den Beet”, zijnde mijn collega muziekleraar bij de Broeders, wiens echte naam me nu ontgaat. “Den Beet” speelde clavecimbel en het naar binnen manoeuvreren van dat instrument was een hele gebeurtenis. De Veldstraat was gewoon een oud huis, dus een echte “zaal” was er zeker niet. De uitvoerders en ook het publiek zat gewoon verspreid over de verschillende kamers! Maar er was niemand die morde, want de toegang was gratis.
Een tweede overbruggingsconcert werd meteen gepland, of wàs zelfs al gepland als ik afga op de brief die ik van Werner Stuyven van het blokfluitensemble Syrinx op 25 februari mocht ontvangen en waarin hij verwees naar mijn eigen brief van 28 januari. Werner Stuyven was mijn vroegere leraar Grieks (met een stel indrukwekkende, Grieks aandoende, wenkbrauwen die hem de bijnaam Zorba opleverden, maar die hem vooral in staat stelden goed te illustreren wat “hypopsia” nu precies betekent in het Oud-Grieks) en het stelde mij dan ook een beetje teleur dat hij me in zijn brief aansprak met “Geachte Heer” en nergens zelfs maar alludeerde dat hij mij zich nog herinnerde.
Een passage uit zijn brief: “Ons repertorium is stilaan wel ruim genoeg, maar niet avondvullend. Dat zou dus mooi passen in uw opvatting. Alleen hebben we wat bezwaren tegen al te korte tussenkomsten (kwestie van inspelen: gebrek aan routine) en al te late optredens met jonge jongetjes. Hoe zit dat?”
In de brief suggereert de heer Stuyven (of Zorba, als u het wat gezelliger wil houden) een datum ergens begin mei. Welke datum het precies is geworden, kan ik niet meer achterhalen, maar het concert heeft wél plaatsgevonden. Dat weet ik nog heel goed. Dat blokfluitensemble was zo omvangrijk dat er meer uitvoerenden dan publiek was, maar alweer kon dit niemand deren. Integendeel, de specifieke structuur van de Veldstraat inspireerde Zorba om zijn ensemble voor een zogenaamd “echostuk” in diverse kamers onder te brengen, zodat de muziek op een bepaald moment van diverse kanten kwam. Een heerlijke ervaring!
Ondertussen was op 2 maart de heer Lardenoit te gast geweest en dat was dan weer helemaal iets anders was de heer Lardenoit (ik heb geen voornaam) was een hypnotiseur. Ook dit gebeuren was volledig gratis. (*)
Op 6 april organiseerden we een benefietavond voor Chileense vluchtelingen (herinner u dat de putsch van Pinochet nog maar pas had plaatsgevonden), maar ook dat werd een flop, zodat er op 15 april reeds een eerste crisisvergadering plaatsvond. Ik was daar blijkbaar zelf niet bij, zo maak ik op uit het verslag dat nadien werd rondgestuurd:
“In beperkte werkvergadering bijeen op 15 april – Jenny, Martine, Guido, Frank en Frank (**) – stellen wij vast:
– dat ten allen kante kritiek en misnoegdheid komt tegen de huidige manier van werken van de Veldstraat, bijvoorbeeld:
– dat kliekjesvorming met eigen activiteiten hoogtij viert;
– dat bier en dergelijke gedronken worden zonder dat hiervoor het nodige betaald wordt;
– dat er activiteiten gepland worden waar katten de grote aanwezigen zijn;
– dat er uitgaven zijn zonder verantwoording en goedkeuring van de Veldstraters;
– dat er ooit eens aan sport werd gedaan;
– dat men eens een kabaret ging ineen steken;
– dat er eens een receptie ging plaats vinden… maar dit alles glansrijk in ’t water gevallen is;
– dat vuiligheid en wanorde schering en inslag is;
– dat er wel platen worden gekocht op kosten van de Veldstraat maar dat er zich verder niemand om bekommert.
Kortom, het is één en al chaos, wanorde en noem maar op, en dit alles onder het motto “doe maar op… wat kan het ons schelen?”
Daarom komen wij tot het besluit dat hier eens grondig moet gepraat. Het moet gedaan zijn met naast elkaar te leven. Dat was niet de bedoeling van de Veldstraat. Daarom nu de volgende vragenlijst die in alle ernst MOET ingevuld worden en die duchtig zal besproken worden op de discussievergadering van 27 april, in de Veldstraat 137, waarop iedereen dringend uitgenodigd wordt.
DE TOEKOMST VAN DE VELDSTRAAT STAAT OP HET SPEL. Wil je meedoen zet je dan in, blijf anders weg.”
Die vragenlijst waarover sprake, heb ik niet meer dus die kan ik niet weergeven. Ik vraag me ook af of ik naar die vergadering ben geweest en wat ik daar dan als standpunt heb ingenomen. Ik was immers de eerste van de Veldstraat die getrouwd was en Roddy (overigens verwekt in de Veldstraat – uiteraard op een moment dat er niemand aanwezig was – dat zal ook wel niet volgens de huisregels geweest zijn) was al onderweg, dus het was niet evident voor mij om mij te blijven inzetten. Ik was ook de oudste (Marc Boel niet meegeteld die we daar trouwens ook niet zo veel hebben gezien) en “bijgevolg” ook de enige die al werkte (al de anderen studeerden nog), dat zal ook wel niet geholpen hebben. Tenslotte woonde ik in die tijd in Sint-Niklaas, wat weliswaar niet zo ver uit de buurt is, maar toch verder dan mijn vroegere woning, van waaruit ik gewoonweg te voet naar de Veldstraat kon gaan…
Nee, ik weet echt niet wat er nadien is gebeurd, maar als ik teruggrijp naar dat artikel in De Voorpost, dan lees ik het volgende: “Het spreekt vanzelf dat het Veldstraatpubliek in vijf jaar heel wat wijzigingen ondergaan heeft, zowel wat de gewone bezoekers als wat de organiserende leden betreft. Het is zeker gepast enkele namen te noemen die vroeger hun medewerking verleenden maar zich nu niet meer direct met de Veldstraat bezighouden: Willy Baecke, Theo De Gendt, Ronnie (sic) De Schepper en Guido Pijl. Zonder de democratische principes te vergeten, voelde men van bij de start tot de noodzaak aan om een algemene coördinator aan te stellen, en zo werd Frank Vanderherten de eerste voorzitter.”
“De as waarrond de Veldstraat momenteel draait bestaat uit Luc Boel (voorzitter), Peter Pijl (secretaris), Martien Baecke (penningmeesteres), Marleen Van Strijdonck, Ludo Machiels, Frank De Gendt, Alex Boel, Peter Volckerick, Jenny Schelfhaut, Eric Meersman, Ivo en Riet De Beer, Frank Vanderherten, Martien Verbeke, Mieke Van Raemdonck en Raf Bernaers.”

Ronny De Schepper

(*) Volgens het artikel in De Voorpost zouden ook Jan De Wilde en De Snaar ooit hebben opgetreden in de Veldstraat. Dat had ik graag willen meemaken!
(**) De familienamen staan er niet bij en ik moet ze dan ook schuldig blijven. Ik vermoed alleen dat één van de twee Franken wel Frank Van der Herten zal zijn geweest. Oh ja, en Guido zal wel Guido Pijl zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.