’45° in de schaduw’ (45° à l’ombre; 1936) is een atypische Simenon. Hier geen gaslampen die hun licht spreiden op de door de regen glimmende straatstenen van Montmartre of doorheen de dwarrelende sneeuwvlokken tussen de naargeestige steegjes en de mistroostige gevels. Niks van dat alles. Deze roman speelt aan boord van het passagiersschip De Aquitaine op zijn reis van Matadi naar Bordeaux. Onder een tropenzon, grotendeels dan toch in deze hitte.

Spilfiguur is de scheepsarts Donadieu die iedere avond aan zijn opiumpijpje lurkt, die sedert zijn jeugd over een soort helderziendheid beschikt – zeg maar extra fijngevoeligheid waardoor hij geluk maar vooral ongeluk bij de medemens vooraf detecteert. En dan duiken er uiteraard tal van andere personen op. Vooral reizigers uit eerste klas, soms ook uit tweede die het privilege genieten zich al eens onder de gegoeden te mengen. Zoals het gezin Huret, dat hals over kop de tropen verlaat met en omwille van een doodzieke baby (ze kregen een upgrade naar eerste klas wegens het kind): berooid, hij inmiddels teveel drinkend, gokkend en flirtend, zij ontmoedigd op het randje van de zelfmoord. Er is dokter Bussot, voorheen psychiater, dan legerarts en nu gek geworden zodat hij uiteindelijk dient opgesloten te worden in een gecapitonneerde kajuit. En de rijke familie Dassonville, de vrouw flirtend met officieren, en de simpele Huret het hoofd op hol brengend. Of de schatrijke Lachaux, een oude koloniaal, niemand ontziend, die iedereen terroriseert – zelfs de kapitein en purser; wat een herrie wanneer zijn portefeuille gestolen blijkt te zijn! En men vooral Huret, ten onrechte, verdenkt; al had die pas geld geleend bij Donadieu om zijn speel- en drankschulden te betalen, een lening die hij nooit zou kunnen voldoen. Er zijn uiteraard diverse tussenstops op de reis, en meteen melden zich soms nieuwe passagiers… Zoals de 300 Annamieten, inwoners van Annam, nu een deel van Vietnam, van wie er al dadelijk twee overlijden: dysenterie of de gevreesde gele koorts? In ieder geval een hallucinante begrafenis op zee als de kist openbreekt bij de tewaterlating… helemaal Simenon!
Een tekening van al die karakters. Van het leven aan boord waar men op elkaars lip zit bij een nauwelijks te verdragen hitte. En op een schip dat reeds tweemaal lichte averij opliep waarbij een watertank scheurde, het gebruik van zoet water beperkt is, en er slagzij wordt gemaakt. Na een stop in Dakar lijkt het onheil groot, heerst er verwarring, onrust… de bemanning kalmeert de gemoederen. Maar er wordt ook gefeest, gedronken (veel), gezongen. Bij de tussenstops komen inboorlingen aan boord om allerlei te verkopen (schitterende, kleurrijke beschrijvingen). Simenon toont ons hoe het leven is op de beperkte ruimte van een schip, de vreugden, het verdriet, de spanningen… Vooral de blik van scheepsarts Donadieu is verhelderend, zijn ervaring, zijn mensenkennis, zijn ietwat cynische blik die telkens verdrongen wordt door zijn gevoel van medemenselijkheid, zijn zorg voor figuren als het gezin Huret, als de krankzinnige dokter Bussot om wie hij zich als enige bekommert…
Na een incident in verband met de gestolen portefeuille, een handgemeen met de invloedrijke Lachaux, wordt Huret verbannen naar eetzaal en het dek van tweede klas. Zijn leven beweegt in een neerwaartse spiraal, hij geeft zelfs het geleende geld terug… Het eindigt er mee dat slechts een combinatie van het lot en Donadieu hem behoeden voor zelfmoord. Donadieu… God de Vader op het schip zoals hij zichzelf vaak noemt. Inmiddels arriveert de Aquitaine in koeler gebied, Tenerife: sfeer en uitzicht wijzigen totaal, b.v. ook de kleding der passagiers én hun humeur. Tenslotte bereiken ze Bordeaux waar ze nog een bijna fatale aanvaring hebben: de reddingssloepen werden reeds in gereedheid gebracht. Het schip kan nog net veilig de haven worden binnen gesleept. Zoals de chef-machinist in het begin zei: “Er heerst vanaf Matadi een kwade geest aan boord. Er zijn reizen die vlot verlopen, op andere rust een vloek, alles loopt fout…”. Deze foute reis onder 45° is ten einde, het bonte gezelschap brokkelt uit elkaar… Een boeiend boek, sterke tekening van de sfeer, van de spanningen tussen mensen die enkele weken op elkaars lip zitten in soms minder comfortabele omstandigheden. Jaloezie, seks, macht, alles komt aan bod. En dit in een interessante kijk op het leven op zo’n passagiersschip wat het boek dubbel interessant maakt.

Johan de Belie

Een gedachte over “45° à l’ombre (Georges Simenon)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.