Nooit te oud om te leren. Zo hebben we voor het eerst een bezoek gebracht aan het gezellige theater Malpertuis in Tielt. En onze eerste indruk ? Misschien is het omdat West-Vlaanderen reeds de adem van Albion in de nek voelt, maar het kwam ons voor dat dit theater zo Engels is als een niet-Engelsman maar kan zijn…

Enerzijds zagen we er immers één van de laatste voorstellingen van Harold Pinters « Modeshow » (“The collection”). Pinters beste, als u het ons vraagt. De regie van Jo Gevers (foto) was traag, zoals dit bij absurd theater blijkbaar niet anders kan, maar ook hyperrealistisch. Wat in dit geval wel goed uitkwam, want wat Pinter hier wil uitbeelden via de amoureuze perikelen van twee koppels (waarvan één homoseksueel — of toch niet ?) is het absurde van de realiteit en… en het realistische van de absurditeit.
Alleen jammer dat zo weinig acteurs weten te balanceren op de slappe koord tussen deze twee polen. André Roels toonde nooit een zweem van gevoel, terwijl Gevers zelf (wellicht omwille van de publieke bijval) teveel naar het andere uiterste overhevelde. Hugo Verschelden had afwisselend sterke en zwakke momenten. Alleen Lilian de Waegeneer leek ons de hele tijd op Pinters golflengte, maar haar hoofdzakelijk stilzwijgende rol was dan ook helemaal in die zin opgebouwd.
Daarnaast zagen we – weliswaar in Arca-Gent – een avant-première van « Christmas Carol », het bekende kerstverhaal van Charles Dickens, dat door Anton Cogen wordt verteld, alweer in een regie van Jo Gevers. Godfried Bomans noemde dit terecht « de op één na beroemdste kerstvertelling ter wereld » en op dit moment loopt in de bioscopen ook een verfilming met Donald Duck en Mickey Mouse in voorname rollen. Maar zij spelen niet de hoofdrol. Geen van deze twee jolige figuurtjes zou immers de rol van de vrek Ebenezer Scrooge aankunnen.
En dat is precies ook het mankement in de Malpertuis-productie. De gezellige dikkerd Anton Cogen heeft inderdaad hoegenaamd niet de fysiek voor de pezige gemenerd. Daar kan hij natuurlijk niet aan verhelpen, maar wat hij én de regisseur wél hadden kunnen verhelpen dat is het terugvallen op een aantal toneeltics die toch in een andere époque thuishoren, vinden we (de heksachtige houding van zijn vingers b.v.).
Bovendien zet dit ook het hypocriete van het originele verhaal nog meer in de verf : met wat barmhartigheid wast de vrek z’n verleden wit, zonder aan de bestaande structuren iets te veranderen. Om nog maar te zwijgen over de typisch « christelijke » idee dat het eigenlijk allemaal slechts gebeurt « om z’n hemel te verdienen » en niet omdat hij echt iets om z’n medemensen geeft. Het is natuurlijk iets waar je stééds mee zit bij deze novelle, maar als je dan de sympathieke Anton Cogen in (veel) vlees en bloed op de scène ziet, dan krijgt deze onrechtvaardigheid nog een extra dimensie.
Maar niet zeuren, vrede aan alle mensen van goede wil, dit is een gelegenheidsproductie die (alhoewel weer traag) toch niet echt verveelt of kwaad berokkent, dus…

Referentie
Ronny De Schepper, Zo Engels als Friedrich, De Rode Vaan nr.52 van 1983

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.