Het is vandaag al tachtig jaar geleden dat Fred Lennon in het huwelijk trad met Julia Stanley. Uit hun verbintenis zou uiteraard John Lennon voortkomen.

Eigenlijk heeft vader Alf (zoals hij altijd werd genoemd) geen enkele rol gespeeld in het leven van John, aangezien hij voortdurend op zee was en zijn vrouw Julia, ook na haar huwelijk, gewoon bij haar ouders bleef wonen. Als Alf dan al eens in Liverpool aanmeerde, ging hij haar wel opzoeken en zo heeft hij John verwekt, al heeft-ie ‘m pas erkend als Julia al bij iemand anders was (Hunter Davies blijft merkwaardig vaag over deze man in zijn “authorised biography”). Een tijdlang zond hij haar wel geld op, maar dat hield plotseling op toen John achttien maanden oud was. Dat was het echte einde van het huwelijk, ook al werd de scheiding officieel pas een jaar later uitgesproken.
Alf duikt wel nog eens op in het leven van John als deze vijf jaar oud is. Op dat moment neemt Alf hem mee voor een soort van vakantie, maar in werkelijkheid (enfin, zo beweerde hij toch achteraf) was hij van plan met hem naar Nieuw-Zeeland uit te wijken. Het was Julia die John kwam terughalen, maar net zoals daarvóór liet ze hem wel achter bij haar zus Mimi.
Als John dus in 1967 voor het eerst zelf contact opneemt met zijn vader, vraagt deze hem of hij soms geen job heeft voor zijn nieuw lief, Pauline Jones. Pauline had been an 18-year-old Exeter University student and a Rolling Stones fan when she met the 54-year-old Alf in 1966. Alf and Pauline grew tired of trying to convince Pauline’s mother to allow them to marry, so they eloped and were married in Gretna Green, Scotland.
Pauline was hired as a help looking after Julian Lennon and also going through the piles of fan mail. Alf had two sons with Pauline: David Henry Lennon and Robin Francis Lennon. Later in his life, Alf wrote a manuscript detailing his life story. It was Alf’s attempt to fill in the lost years when he had not been in contact with his son, and to explain that it was Julia, and not Alf, who had broken up their marriage. John later commented: “You know, all he wanted was for me to hear his side of the story, which I hadn’t heard.”
Alf released a single, “That’s My Life”, b/w “The Next Time You Feel Important”, in 1965. Hij zingt het ook in het Nederlands, zoals Luc De Ryck terecht opmerkt, en hij voegt eraan toe dat John Lennon destijds heel de wereld heeft verzet om de uitgave van zijn vaders single tegen te houden, maar dat is hem niet gelukt.
Raymond Thielens preciseert daarbij dat niet zozeer de release werd geboycot (misschien wist John niks van de opname) maar het lukte John wel de single te doen verwijderen uit de hitlijsten in de US en Europa, waardoor de verkoop automatisch stilviel. Dit bevestigt Tony Cartwright, mede-auteur van de song. Na release was het onmiddellijk een commercieel succes op Roulette Records, Morris Levy wilde toen ouwe Lennon naar de US vragen voor verdere promotie van de single maar de sabotage gooide roet in het eten. Toen John hierover bevraagd werd, sloeg hij de deur toe voor de journalist. John’s beweegreden zal bijgevolg altijd een vraagteken blijven.
By 1976, Alfred was diagnosed with terminal stomach cancer. Pauline contacted John via Apple Corps to make sure that he knew that his father was dying. John sent a large bouquet of flowers to the hospital and phoned Alf on his deathbed, apologising for his (John’s) past behaviour. In 1990, Pauline published a book called Daddy, Come Home, detailing her life with Alf and his meetings with John. Pauline later remarried, and is now known as Pauline Stone.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.