Het is vandaag precies vijfhonderd jaar geleden dat de Vlaamse componist Pierre de la Rue (wellicht heette hij gewoon Peter Van Straeten, niet te verwarren met de Nederlandse cartoonist) werd begraven. Zijn exacte overlijdensdatum is niet bekend, maar aangezien men er nogal vlug bij was in die jaren mag men veronderstellen dat dit een dag eerder was of zo.


De la Rue werd geboren in Kortrijk, waarschijnlijk als zoon van Gertrude de la Haye (van ‘s-Gravenhage) en van de miniaturist Jehan de la Rue, wiens zijn nakomelingen nog steeds in de streek wonen, zoals gebleken is uit stamboomonderzoek. Pierres broer, Jehan, werd in Doornik geboren. Over de jeugd en opleiding van De la Rue zelf is echter niets bekend.

De la Rue wordt voor het eerst vermeld als zanger in de Brusselse Sint-Goedelekerk (nu Sint-Michiels en Sint-Goedelekathedraal) in 1469-1470. In 1471 was hij in Gent verbonden aan de Sint-Jacobskerk. Volgens sommige biografen zou hij tussen 1483 en 1485 in Siena hebben verbleven, hoewel het nu een uitgemaakte zaak lijkt dat de De la Rue waarvan in documenten sprake een andere zanger was. Vermoedelijk was Pierre de La Rue nooit in Italië, waardoor hij een van de weinige prominente componisten van de Vlaamse polyfone school van zijn generatie was, die geen deel van hun loopbaan in Italië hebben gespendeerd.
Er is ook een De la Rue waarover in ‘s-Hertogenbosch gewag wordt gemaakt. De Illustere Lieve Vrouwe Broederschap, waartoe ook de schilder Hieronymus Bosch behoorde, bezoldigde hem voor de periode van juni 1489 tot maart 1492 voor bewezen muzikale diensten.

Alleszins, op 17 november 1492 werd De la Rue lid van de Grote Kapel van keizer Maximiliaan I en vergezelde hij zijn werkgever nog in hetzelfde jaar naar ‘s-Hertogenbosch, waar hij formeel lid van de Illustere Lieve Vrouw Broederschap werd.

Na de kroning van Maximiliaan I als Rooms keizer (1493), nam zijn zoon, aartshertog Filips I van Castilië, de Grote Kapel over. Met deze vertrok de aartshertog op 4 november 1501 uit Brussel om naar Spanje af te reizen. Ook De la Rue behoorde tot het gezelschap dat hem vergezelde.

Op 10 januari 1506 ondernam het Bourgondische hof met de hofkapel zijn tweede Spanjereis. Er werd over water gereisd, en zangers en instrumentalisten werden in een eigen schip ondergebracht. Op 13 januari 1506 dreef een storm een deel van de vloot, waaronder het schip waarop de musici zich bevonden, naar Falmouth. Twee zangers werden vermist. Op 27 april 1506 landde de vloot in La Coruña. Filips trok met zijn hofhouding voor de zomer naar Valladolid en Burgos, waar hij in desolate omstandigheden op 25 september 1506 aan koorts bezweek. De hofkapel werd grotendeels door zijn weduwe, koningin Johanna van Castilië overgenomen. De la Rue bleef tot 1508 in Spanje. Nadien trok hij opnieuw naar de Nederlanden, vermoedelijk omdat zijn werkgever, Johanna van Castilië, na het overlijden van haar echtgenoot Filips I van Castilië (de Schone) in 1506, politiek naar de achtergrond wordt gedrongen door haar waanzinnig te verklaren. Denk aan het voorval met Adriaan Verhulst (*).

Nadat hij naar de Nederlanden was teruggekeerd, trad hij bij de melancholische en kunstlievende, te Mechelen residerende landvoogdes Margaretha van Oostenrijk in dienst.

Officieel bleef De la Rue nog tot 1514 lid van de hofkapel en werden hem ook later nog talrijke gunsten toegekend. Van 1514 tot 1516 behoorde hij tot de persoonlijke kapel van de latere keizer Karel V en reisde hij met hem door de Nederlanden. Begin 1516 trok hij zich echter in Kortrijk terug, waar hij kanunnik werd aan de Onze-Lieve-Vrouwkerk. Blijkbaar liet zijn gezondheid hem toen al in de steek, want op 16 juni 1516 maakte hij zijn testament op.

Het epitaaf op zijn graftombe in Kortrijk suggereert dat hij ook aan de hoven van Frankrijk en Hongarije heeft gewerkt, hoewel er geen andere aanwijzingen daarvoor bestaan.

De la Rue schreef missen, motetten, Magnificats, Lamentaties en chansons, en toonde in het algemeen een grotere verscheidenheid dan de meeste andere componisten van zijn generatie, met als mogelijke uitzondering Josquin Desprez. Sommige wetenschappers hebben gesuggereerd dat hij enkel muziek heeft gecomponeerd gedurende de laatste twintig jaar van zijn leven, met name wanneer hij in keizerlijke dienst stond. Het is evenwel moeilijk gebleken zijn werken nauwkeurig te dateren; meestal vertonen ze de stilistische eigenschappen van de muziek omstreeks 1500. Stilistisch vertonen zijn werken meer overeenkomst met die van Josquin Desprez dan bij enig ander componist uit die tijd het geval is, waardoor verwarring ontstond bij de toeschrijving van werken waarvan het auteurschap niet vaststond. (Wikipedia)

De pendant van de polyfonie is te vinden in de literaire richting die in Frankrijk ontstond en die men “les rhétoriciens” noemde, waarvan de volksetymologie “de rederijkers” maakten. Zo eindigt een polyfoon werk vaak met een “katabasis”, wat te vergelijken is met een “prince” (een aanroeping van god of een echte prins of desnoods een carnavalprins) in een rederijkersgedicht. Zij voerden ook het aantal stemmen op. Zo’n negenstemmig kerstmotet als “Hodie Christus natus est” van Lambert de Sayve dat kan er nog mee door, maar wat gezegd van 90-stemmige composities of composities die ook van achteren naar voren konden worden gespeeld? Want zoals de rederijkers extreme toeren uithaalden binnen hun gedichten (akrostika, schaakberden, gedichten die ook omgekeerd kunnen worden gelezen), zo schreven de polyfonisten ook met notenbalken die ondersteboven gehouden nog een doenbaar muziekstuk opleverden. Of de “kreeft”, die is de uitvoering van de melodie van achteren naar voren, zoals we dat – niet toevallig – terugvinden op de tekst van “vade retro Sathanas” in de “Missa Alleluia” van Pierre de la Rue.
Werk van de la Rue vindt men terug in de prestigieuze reeks over Vlaamse Polyfonie van Eufoda. Zo scoort hij met het romantische “Autant en emporte le vent” (Gone with the wind, als het ware) of het instrumentale “Fors seulement”, waarbij het merkwaardige instrumentarium is gebaseerd op de iconografie (zeg maar de schilderkunst) uit die tijd. Daarnaast heeft Eufoda ook een CD met als titel “Muziek aan het Bourgondische hof” uitgebracht. Hierbij ligt de nadruk op de “Missa Alleluia” van Pierre de la Rue, de lievelingscomponist van Margaretha van Oostenrijk, maar merkwaardig genoeg werd de mis niet “in één ruk” opgenomen, maar wordt ze onderbroken door twee motetten van Josquin Desprez. Bovendien wordt ze voorafgegaan door een “Salve Regina” van Jacob Obrecht en gevolgd door nog een zevenstemmig motet van Matheus Pipelare. Merkwaardige structuur voor een CD, maar men kan niet echt van een stijlbreuk gewagen, het ene glijdt moeiteloos over in het andere. Dat komt natuurlijk door de eenheid in de benadering door de Capilla Flamenca, een koor dat – alweer merkwaardig genoeg – zichzelf schijnt te dirigeren. Soms krijgen ze steun van het koor Cantate Domino van Michaël Ghijs, maar deze heeft enkel zijn eigen koor voorbereid en is dus niet verantwoordelijk voor de hele CD. Volgens mij is het de bas Dirk Snellings die tegelijk ook het dirigeren voor zich heeft genomen, maar dat wordt niet duidelijk uit het begeleidende boekje dat zich meer op de muziek concentreert dan op de uitvoering. Maar goed, het resultaat telt en liefhebbers van a capella zullen het zeker op prijs kunnen stellen.

Referenties
Ronny De Schepper, Prestige van polyfonisten, Het Laatste Nieuws 4 december 1993
Ronny De Schepper, Referentiewerk over de Vlaamse polyfonisten, Het Laatste Nieuws 23 april 1994
Ronny De Schepper, Ondeugende polyfonisten, Het Laatste Nieuws 30 april 1994
Ronny De Schepper, Bourgondische polyfonie, Het Laatste Nieuws 27 april 1996

(*) Prof.Verhulst, die een pruik droeg, wilde een student bij het mondeling examen behulpzaam zijn door met zijn vinger tegen zijn slaap te tikken bij de vraag wat de bijnaam van Johanna van Castilië was (Johanna de Waanzinnige dus). Waarop de student:“Ah ja! Johanna met de pruik!”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.