Vandaag wordt “onze nationale trots” Salvatore Adamo 75 jaar.

En effet, il est né le 1er novembre 1943 à Comiso (Sicile). De familie is één van de velen die de werkloosheid ontvluchten door hier bij ons in de mijnen te komen werken. Salvatore zelf heeft echter andere plannen en na verscheidene pogingen (waarbij o.a. de Elnet-Satin-wedstrijd op Radio Luxemburg), il rencontre un premier succès en 1963 avec Sans toi mamie. Suivent Tombe la neige (1963), Vous permettez Monsieur (1964), Dolce Paola, Les Filles du bord de mer et Mes mains sur tes hanches (1965), J’aime, Une mêche de cheveux (1966), Notre roman, Inch’Allah (1967), enzovoort. Son succès est international mais surtout au Japon. Selon Alcide cela s’explique par le fait que la structure musicale de sa chanson Tombe la neige, un refrain de cinq syllabes, correspond à une forme traditionnelle de la chanson japonaise (Haïku). Les Japonais se sont donc approprié cette chanson et parfois la revendiquent eux-mêmes comme appartenant à leur patrimoine.
Boudewijn De Groot vertelde ooit een “annekedote” over Bob Dylan, maar tegelijk leerden we daarmee ook iets over Adamo: “In 1963 hoorde ik mijn eerste Dylan-plaat. Mijn zusje liet ze me horen. Dylan was samen met Adamo haar grote favoriet, omdat ze alle twee een hese stem hadden, denk ik. Adamo vond ik wel aardig, maar Dylan, nee, dat zag ik niet zitten. Ik vond ‘m gewoon niks. Ik vond überhaupt al niks goed van de popmuziek. Twee jaar later hoorde ik Dylan nog es, en toen vond ik hem ineens fantastisch.”
Op 21 april 2013 is Luc De Ryck naar het optreden van Adamo geweest in het Kursaal van Oostende. Het werd een hoogst amusante avond voor een volle zaal…
“Adamo zingt wel niet meer zoals in zijn beste dagen – op 1 november wordt hij 70 – maar dat wordt royaal gecompenseerd door zijn formidabel repertoire én zijn geweldig orkest én de enthousiasmerende orkestratie.
Het orkest bestond uit twee gitaren (waarvan één ook banjo), trompet/bugel, cello, contrabas, pianist (die ook gitaar speelde), een toetsenman (die ook klarinet, accordeon en fluit speelde), violiste (die ook hemels zong, o.a. duet met Adamo), drums… – en altijd the right instrument in the right place with the right sound
gee whizz, man!

Naarmate het goed opgebouwde programma vorderde, werd elk nummer een feest. Opvallend was dat er heel wat ritmische songs te beluisteren vielen, werk van meer recente datum. Die nummers zijn ook meer aangepast aan zijn stem (lees: leeftijd). Happy melodies als ‘j’avais oublié que les roses sont roses’ en ‘petit bonheur’ tilden de zaal hoger dan de 7de hemel en deden je vergeten dat het eigenlijk gewone, leuke meezingers waren (*).
Opdat het publiek al zijn oud(st)e nummers zou horen, speelde hij meerdere oldies ingekort solo op gitaar. Na elk nummer leste hij zijn dorst. Hij begon stipt om 20.15 u. en eindigde 2u15’ later, zonder onderbreking of pauze – zoals ikzelf het het liefst heb: pauzes breken de sfeer. Hij besloot met ‘les filles du bord de mer’ onder oorverdovend gejuich en met een staande ovatie (én allicht ook ovulatie).
Keep in mind:
– 1984 hartaanval en drie overbruggingen
– 2004 hersenbloeding
Hij zingt dan ook niet toevallig: ‘c’est ma vie, c’est ma vie, c’est pas l’enfer, c’est pas le paradis’ – vind ik overigens één van zijn allerbeste nummers. Deze grote artiest verkocht wereldwijd meer dan 100 miljoen albums en singles en is daarmee de best verkopende Belgische artiest aller tijden. Zijn eerste hit – ‘sans toi m’amie’ – kende hij precies 50 jaar geleden, voorjaar 1963, hij was toen nog geen twintig. Ik herinner het mij nog levendig: de plaat was te horen bij de platenzaak, die toen maar pas van start was gegaan in Temse: ‘den RD’ bij Jef Vandenbranden op de hoek van ‘t Scheldestraatje en de Markt, van dan af the place 2B for the would-be local incrowd, maar vooral voor the teenyboppers!” (Luc De Ryck)

Referentie
Ludo Dosogne, “We kijken te vaak naar ons uurwerk”, Gazet van Antwerpen, 24 februari 2001

(*) Ikzelf hou vooral van meezingers, waarin het publiek zelf een creatieve inbreng heeft. Van Adamo zelf kan “Les filles du bord de mer” daarvan als voorbeeld gelden, met het fameuze “joint, joint, joint”. Maar verder denk ik aan de “who the fuck is Alice?” in “Living next door to Alice”, de “ho ho ho” in “Sweet Caroline” of de “joehoe joehoe” in “Hij speelde accordeon”… (RDS)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.