Op 26 oktober 1783 wordt in de Benedictijnerabdij van Sankt Peter Stift Mozarts Missa in C (ook wel Grosse Messe genoemd, KV.427) uitgevoerd met zijn vrouw Constanze als sopraan en dorpsmuzikanten als aanvulling.

Hij had deze mis reeds bij de jaarwisseling geschreven. Dat gebeurde zonder verplichting, vanuit een oprecht religieus gevoelen, waarschijnlijk naar aanleiding van de ziekte en de genezing van Constanze, toen nog zijn verloofde, Mozart was daar dus ernstig mee bezig, zij het dan op zijn typische vrijmetselaarsmanier.
Om een of andere reden is ze wel onafgewerkt tot ons gekomen. Het Credo geraakt niet verder dan “Et incarnatus est” en een Agnus Dei is er nooit gekomen. Wélk Credo en Agnus Dei dus werden gebruikt 235 jaar geleden, is niet geweten.
Er zijn wel mensen die zich geroepen hebben gevoeld om deze mis te gaan “vervolledigen”, maar Sigiswald Kuijken gebruikt een eigen bewerking omdat hij de bestaande ofwel te sober, ofwel te opgesierd vindt. Toch is hij niet van plan zijn eigen bewerking uit te geven. “Dat ligt niet in mijn aard. Dat laat ik liever aan de musicologen over, dan doen ze ook eens iets nuttigs.”
Kyrie en Gloria werden door Mozart zelf in 1785 bewerkt tot de cantate “Davide penitente” (KV.469) in opdracht van de Wiener Tonkünstler Sozietät, die de opbrengst zou aanwenden in een soort van pensioenfonds voor musici, waarvan Mozart lid wilde worden.

Ronny De Schepper

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.