Alweer een verloren avond in het theater, dat was mijn gevoel bij “Drek” van Robert Schneider, opgevoerd in Arca in een regie en decor van Chris Vanneste (die zijn burgerdienst doet bij Arca als… technieker). Jo De Meyere heeft zelf deze tekst gekozen om daarmee heel duidelijk stelling te nemen tegen het opkomende fascisme. Heel lovenswaardig dus maar dit stuk blijft niet enkel in de goede bedoelingen steken, het heeft misschien zelfs het omgekeerde effect! De Meyere speelt hierin een gastarbeider die zichzelf “Sad” noemt als afkorting van “Saddam”. Op het einde zal blijken dat hij helemaal niet zo heet, maar dat het enkel uitgevonden is om de woordspeling “Ik heet Sad, dat betekent droevig in het Engels, maar ik ben helemaal niet droevig” tot in den treure te gebruiken.

Bovendien is hij natuurlijk wél droevig, want hij neemt gewoon alle vooroordelen van het racisme over. Het is dan ook de vraag wie er met dit stuk (ongetwijfeld vol goede bedoelingen in het Oostenrijk van dat moment) gelukkig is? De immigranten? Ikzelf zou me beledigd voelen als ik er één was. De Vlaams Blokkers? Dat is alvast niet de bedoeling. De progressieven? Die weten het toch allemaal al en inhoud en vormgeving dragen totaal niets bij. Integendeel zelfs, zodanig dat ik mijn hart vasthield omdat dit eigenlijk als schoolvoorstelling was bedoeld: de paar leerlingen die nog niet racistisch waren, zouden er wel eens als racisten kunnen buiten komen en de nog veel minder in aantal zijnde liefhebbers van theater zullen na afloop misschien al hun illusies in dit medium hebben verloren…
Bij de wereldpremière in het Thalia Theater was het stuk wél een succes, misschien omdat het “gewoon realistisch” was (dixit Vanneste). De acteur bevond zich nl. als bloemenverkoper reeds onder de toeschouwers, vóór het begin van het stuk. Maar dat was dus niet zo te Gent in Tinnenpot op 18/09/1993 en ook niet toen Mong het een tijdje later zag. Die vond dit dan ook eerder in de kaart van het Vlaams Blok spelen dan omgekeerd.
Mong: “Toen ik ging kijken, was er niet veel volk – een kleine dertig mensen – maar toevallig zaten daar wel mensen bij die ik kende. Echt heel gewone mensen. ‘Volgende week gaan we naar De Drei Dutsen kijken,’ zeiden ze, daarmee kun je ze al onmiddellijk plaatsen. Dat zijn mensen die het amateurtheater aflopen. En waarom waren ze naar ‘Drek’ gekomen? Omdat Jo De Meyere het speelde natuurlijk, omdat ze die al zo veel op televisie hadden gezien. En ook al vonden ze het dan niet zo goed, ‘het is en blijft toch wel ne verschrikkelijk goeien acteur, hé meneer’.
Nu, dat is wel waar natuurlijk, in het geval van ‘Drek’ had ik dan ook meer problemen met de eigenlijke tekst dan met de opvoering. Het is een tekst die alleen maar steunt op het zelfbeklag van die Iraniër en ik had zo voortdurend de neiging te zeggen: maar man, is er hier nu echt niemand die je bloemen koopt? Is er nu nooit eens iemand vriendelijk tegen je? Is er nu nooit eens iemand die zegt: zet je hier op deze bank in plaats van te zitten lullen dat je daar niet op mag zitten? Hoe dikwijls ik die zin niet heb moeten horen: ‘Ik zie banken met die ijzeren leuningen zo graag, maar ik ga daar niet op zitten, want ik heb het recht niet zo’n bank aan te raken.’ Allé, denk je nu echt dat er één Gentenaar zou passeren die zou zeggen: wat zit gij hier eigenlijk op mijn bank te doen?
En zelfs al zou er ene zoiets zeggen dan staat er onmiddellijk een andere klaar om te zeggen dat hij moet zwijgen want dat die mens evenveel recht heeft om op die bank te zitten als hijzelf. En dat was zo met die bank, maar dat was ook zo met alles. Voortdurend maar dat zelfbeklag van ‘ik heb het recht niet hier te zijn’, ‘ik stink’, ‘bij ons is het allemaal niet goed’, ‘wij hebben geen cultuur’. Dat was misschien allemaal wel goed bedoeld, maar dat maakte mij zo wrevelig. Teheran is verdomme twintig keer mooier dan Gent! En daar komt nog bij: iemand die zichzelf zo voortdurend zit te beklagen, daar heb je op de duur geen enkel medelijden meer mee. Dan blijft er natùùrlijk niets anders meer over dan de drank, zoals in het stuk zelf werd aangegeven. En hij vertelt dan ook over die vriend die zelfmoord heeft gepleegd. Dan denk je: dat zal bij hem ook wel niet lang meer duren! Nogmaals, misschien is dat de Duitse situatie. Maar anderzijds: ook dààr zijn er al grote betogingen tegen het racisme geweest, hé!”
– Dat is het juist: je hebt rabiate racisten en je hebt overtuigde anti-racisten. Maar de grote massa beweegt zich daar ergens tussen. En die zou je met het theater kunnen beïnvloeden.
Mong:
“Maar dan niet met zo’n stuk, hé.”
– Ik ben nochtans bang dat dit stuk dat wél op reis kan, wel degelijk die bedoeling heeft. Dat het zelfs op scholen is gericht, al vrees ik dat die scholieren daar dan een ferme kater zullen aan overhouden, aan het antiracisme én aan het theater.
Mong:
“Dat denk ik toch niet dat het voor scholen bedoeld is. Maar als het wel zo zou zijn, dan zou dat inderdaad spijtig zijn. ’t Is veel te negatief. Waarom vertelt die man niet eens iets moois over zijn land? Dat werkt nog altijd het best. Als je eerst iets moois vertelt en dan eraan toevoegt waarom je er dan toch niet blijft. Want als je honger hebt, dan is schoonheid niet voldoende, zoals ook uit dat prachtige verhaal van Willem Vermandere blijkt. En die passage als hij een Vlaams Blokker speelt, die vond ik al helemààl niet goed. Ook al omdat hij daar dingen zegt, die niet alleen door extreem-rechts kunnen worden gezegd, hé. Dat de kinderen hier slecht opgevoed zijn, b.v. Dat ze op zeven jaar al ‘kut’ en ‘klootzak’ zeggen. Dat zijn dingen waarmee links óók in z’n maag zit! Er zijn nu eenmaal een aantal zaken uit de hand gelopen. Je moet sommige mensen uit het onderwijs maar eens horen vertellen hoe kinderen van zeven jaar zich kunnen gedragen als kleine potentaatjes, die zich alles menen te mogen permitteren, dingen beschadigen en tegen àlles kut en klootzak zeggen.”
– Ik heb dat zelf ook meegemaakt toen n.a.v. de discussie over die horror-video’s Marijke Dillen van het Vlaams Blok met een voorstel voor de dag kwam. Ik dacht: ik ga dat hier eens zwaar aanpakken, maar wat bleek? Wat ze voorstelde, was niet slecht. (Ze wilde ze b.v. niet verbieden, maar ze wel taksen opleggen, wat inderdaad veel efficiënter is. Bovendien sprak ze enkel over horror en veralgemeende ze niet naar porno.)
Mong:
“Siegfried Bracke kent door zijn functie als BRT-verslaggever voor de Wetstraat het Blok erg goed. En zijn standpunt is al lang: men pakt het Vlaams Blok verkeerd aan. Je moet niet op voorhand alles wat ze zeggen afkeuren, je moet ze bekampen daar waar ze te bekampen zijn. Je moet er inderdaad niet mee samenwerken, maar a priori alles afwijzen wat ze zeggen is geen oplossing, want soms zeggen zij ook wel eens zaken die juist zijn en precies dààr halen ze hun succes uit. Er zijn inderdaad wijken in de stad die niet meer veilig zijn. Dat heeft heel dikwijls weinig met vreemdelingen te maken maar evenzeer met jonge Belgen die niet te vertrouwen zijn. En daar moet inderdaad iets mee gebeuren. Die wijken zijn immers niet verloederd door de vreemdelingen, ze waren al lang verloederd voor de vreemdelingen er kwamen. Dat is een onrustwekkend fenomeen dat zij terecht aanklagen. En daar halen zij heel veel stemmen mee. Andere partijen zouden zich daar veel beter mee bezighouden: zij moeten die verloedering bestrijden.
En daarom heb ik aan die ‘Drek’ wel iets gehad. Nu weet ik namelijk hoe ik het niét moet doen. Aan ‘Heilige koeien’ (een ander, gelijkaardig stuk in Arca, RDS) heb ik echter helemaal niets gehad. Dat vond ik kitsch, ook in de vormgeving trouwens. In ‘Drek’ zitten toch nog een paar goede elementen. Het beeld van die bloemenverkoper b.v., dat vind ik op zich een prachtig gegeven. Het doet me denken aan dat boek van Leon De Winter waarin een Russisch kerngeleerde uitwijkt naar Israel en daar niet aan werk geraakt. Hij wordt dan maar straatveger. En dan blijkt dat die andere straatvegers ook advocaten zijn of ingenieurs. Dat is dan grappig, maar tegelijk zet dat aan tot nadenken. Want die Rus geraakt wel aan de drank, maar helemaal ongelukkig is hij toch ook niet, omdat hij voor het eerst van zijn leven een job heeft, waarin hij relatief weinig verantwoordelijkheid draagt. Als zijn stukje straat maar proper is.”

Ronny De Schepper

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.