Op 15, 16 en 17 september 1978 was er het jaarlijkse Feest van de Rode Vaan, deze keer in het FDF-bastion Oudergem. Mijn zoontje Roddy (op dat moment vier jaar oud) tekende de voorpagina van de speciale rv-bijlage “with a little help from his friends” (vooral dan Tante Linda).

Het kinderprogramma met John Lundström (hiernaast) hebben we echter niet gezien. Op de vooropening op vrijdagavond onderhoud ik mij vooral met de Amerikaanse pianist Frederic Rzewski, die was uitgenodigd door Bernard Foccroulle, die toen nog voorzitter was van de Cultuurcommissie van de KP. In die hoedanigheid nodigde hij ook de volksgroep “Faux Bourdons” (met… Bernard Foccroulle en Claude Flagel) uit en de jazzmuzikanten van Marc Hérouet (die dat jaar een poging deed om met de groep Daydream het succes van Wallace Collection te evenaren). Van Vlaamse kant was er een debat over de relatie tussen muziek en maatschappij. Deelnemers waren Jan Braet en Johan Thielemans van Tliedboek, Willy Courteaux van Humo, Peter Cnop van Knack en Jan Mestdagh en Jef Turf van de Rode Vaan. Secretaris was Ronny De Schepper en moderator opperliedboeker Miel Appelmans.
Tijdens het optreden van Erik Van Neygen ’s anderendaags zou het echter beginnen stinken. Dat ik overigens iemand als Van Neygen sowieso op het feest had gevraagd, had meer te maken met zijn begeleidingsgroep Transit. Aangezien immers na hem Raymond van het Groenewoud kwam, had ik op een eenmalige reünie van Pendulum gerekend (met Mich Verbelen dus), maar vooral Serge Demol, op dat moment een confrater bij de Gazet van Antwerpen en Wij, heeft daar toen een stokje tussen gestoken.
Maar wat er precies gebeurde bij het optreden van Van Neygen lezen we in de Rode Vaan als volgt: “Het Feest van de Drapeau Rouge is op artistiek gebied enigszins geaccidenteerd verlopen, omdat de Vlaamse artiesten dachten dat dit toch ook het Feest van de Rode Vaan was… Het gevolg was echter dat juist de Vlamingen een zeer goede beurt gemaakt hebben (Erik Van Neygen uitgezonderd). Nog voor Erik begon zat het spel al op de wagen. Het programma had zo’n dik uur vertraging opgelopen en bovendien had Erik het ongeluk van zich te laten begeleiden door de eerste popgroep die op scène verscheen (Transit), zodat er nog wat tijd verloren ging met soundchecken en zo. Het gejoel was dus niet uit de lucht en de projectielen evenmin toen Erik Van Neygen op scène verscheen. Erik heeft nooit de kans gekregen het waar te maken. Bovendien is hij er ook de man niet naar om tegen een vijandig publiek op te tornen. Hij heeft dus ook gedeeltelijk zelf schuld aan zijn afgang. Niet zozeer door zijn muziek, die er mocht zijn, maar door zijn présence sur scène om nu ook eens een Franse uitdrukking te gebruiken.”
Ook de Miljonairs moesten met open doek stemmen en het zat er dus alweer bovenop. Raymond zou echter Van het Groenewoud niet zijn, als hij al niet met zijn eerste woorden de zaal op zijn hand kreeg: “Kameraden…”
De rest was navenant: schelden op de “fascistische” monitors, de Internationale spelen op zijn stylofoon, kortom, ik durf wedden dat er ook Franstaligen waren die Voor jou sta ik uren in de kou meegebruld hebben.
(Voor de volledigheid en uiteraard niet in de RV opgenomen: Raymond stelde Jean Blaute voor als zijnde “Jean De Schepper”)
’s Anderendaags waren er opnieuw taalincidenten tijdens het optreden van Johan Verminnen. Johan antwoordde zeer geëmotioneerd, maar ook zeer gevat, op een anonymus die riep dat hij maar in het Frans moest zingen. De electriciteit die op die manier in de lucht hing, ontlaadde zich in een werkelijk buitengewoon optreden van Verminnen.
Big Bill ging de taalproblemen uit de weg door een groot aantal Engelse nummers. Met zijn keiharde versies van rock-standards kreeg hij de zaal bijna te been.
Daarna kwam André Bialek, die op het podium openlijk zijn solidariteit met Johan Verminnen betoonde. Niet alleen dààrom vonden we hem het hoogtepunt van het Franstalig programma… (Pierre Rapsat bood b.v. ook veel weerwerk.)
De zaal was zo euforisch dat wij het ergste vreesden voor Jan De Wilde. Met zijn sympathieke stunteligheid (zijn voorgewende slechte kennis van het Frans) en zijn plezante anecdoten over de communisten van Aalst, won Jan echter het hart van de (weliswaar bijna lege) zaal.
Wat de negatieve reacties betreft (gehoord: “Het is Vlaams, dus het kan niet goed zijn”, of nog: “Wij begrijpen daar niets van”, begrijpen zij dan wel Bulgaars misschien, want er was ook een Bulgaarse groep), wist men ons vooral te vertellen dat deze niet van partijkameraden kwamen, maar van mensen die voor Guy Bedos gekomen waren (men sprak zelfs van FDF’ers). Toch is het goed eens even in eigen hart te kijken, wanneer men vaststelt dat ook de voorbereiding van het Feest uitsluitend in handen was van een Nederlands-onkundige administrator (Michel Lagasse, bijgestaan door Joëlle Rochette).”
Enkele jaren later, haalde ik hierover Johan Verminnen nog eens “aan het lijntje”:
Johan Verminnen : Ja, ik herinner me dat nog heel goed, want dat was nogal een spectaculair optreden. Alles begon toen er op een bepaald moment iemand iets riep vanuit de zaal. Dat was iemand in redelijk beschonken toestand en die riep « en français ! », wat in mijn geval nogal dwaas was, want ik ben een tweetalige zanger. Maar goed, ik vraag aan mijn lichtman die toen Jan De Troyer was : « Zeg, geef daar ne keer wat licht op ! » En met de volgspot hebben we die kerel in dat licht gevangen en dan is daaruit een heel plezierige conversatie gegroeid. Uiteindelijk is trouwens alles nog in orde gekomen, want dat is een heel tof optreden geworden.
— En op de koop toe is daar dan een regeling uit voortgekomen die ervoor gezorgd heeft dat, vanuit programmatorisch oogpunt, we het jaar daarop het beste feest van de rode vaan hebben gekregen…
J.V. :
Da’s waar. Kijk, men zegt vaak : Jacques Brel is de belangrijkste zanger in België. Ik zeg altijd Paul Louka is de belangrijkste zanger in België. Brel is natuurlijk een heel groot zanger en met de meeste internationale weerklank, maar ondanks « Le plat pays » en wat weet ik al, is het toch Paul Louka die het meest de betrokkenheid met zijn eigen land heeft getoond. Vandaar dat ik met hem dat programma voor het rv-feest heb willen in mekaar steken, omdat dit juist het sympathieke is van het feest : daar zijn alle rassen en nationaliteiten vertegenwoordigd, die op dat moment allen hetzelfde gevoel kennen, een feestgevoel, ondanks al wat hen overkomt. Dat is heel belangrijk. Verder is het ook een stedelijk feest, het richt zich natuurlijk tot alle mensen, maar het heeft de jongste jaren steeds plaats hier in Brussel en daarbij sta je telkens weer verwonderd omdat een Vlaamse kermis of een fancy-fair dus blijkbaar mogelijk is in een stad. En ondanks alle zinnige dingen die daarop worden gezegd, herinner ik mij ook allerlei zatte kroegentochten van de ene bar naar de andere, waar je alle specialiteiten van slivovitsj en alle mogelijke rode en witte wijnen met of zonder antigel kon nuttigen. Kortom, er was een sfeer van broederlijkheid. En dat is wat indruk maakt op een zanger. Let op ! Het is niet altijd gemakkelijk om op het rv-feest te spelen, precies door dat kermisaspect. Maar tegelijkertijd relativeert dat de prestatie van die zanger. Ik bedoel : ’t is een feestje, hé…
— Akkoord, maar toch mocht de programmatie in ’79 er zijn !
J.V. :
Zeer zeker. Er was Toots Thielemans b.v. en Raymond van het Groenewoud en niet te vergeten Rum die toen nog zowel in Wallonië als in Vlaanderen bekend waren. En daarnaast hadden we ook nog een circusartiest uitgenodigd : Jack in the box. Maar ik heb wel problemen om dat allemaal terug voor de geest te halen, want daarnaast ben ik nog verscheidene keren op het feest komen spelen en ik heb ook nog 1 mei-vieringen gedaan voor de KP, wat maakt dat al die goeie herinneringen wat door elkaar lopen. Het is wel vreemd dat we de laatste jaren niet meer worden gevraagd…
— Ach, zo vreemd is dat nu ook weer niet, als je weet dat er dit jaar (1985 dus) slechts één Vlaamse groep werd gevraagd…, maar ook als je niet zingt, ben je steeds welkom natuurlijk !
J.V. :
Oh, maar ik kom ieder jaar eens af. Nu moet ik toevallig twee keer optreden, maar zondagavond hoop ik toch eens langs te lopen…
— Met een nieuwe plaat onder de arm ?
J.V. :
Nog niet, maar ze komt er wel aan. Het wordt een single die een idee zal geven van wat het nieuwe programma, dat in maart in de Beursschouwburg in première gaat, zal worden. En dat is dan weliswaar nog in de lijn van het chanson, zeker niet terug naar de vroegere rocktoestanden, maar wel met een tamelijk grote invloed van jazz. Zo zullen er op de single een paar onwaarschijnlijk grote namen uit het wereldje meespelen. Philip Cathérine, om maar die te noemen…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.