Morgen zal het vijftig jaar geleden zijn dat de Beatle-tekenfilm “Yellow Submarine” in première is gegaan.

The Beatles waren ontzettend populair en dus moest er – vooral in navolging van Elvis Presley, al had Engeland hier ook al een traditie opgebouwd met de films van Cliff Richard – ook op dat vlak langs de kassa gepasseerd worden. In 1964 werd er een contract getekend voor drie films, waarvan Richard Lester er twee voor zijn rekening nam, namelijk “A hard day’s night” en “Help!” Daarna hielden The Beatles het voor bekeken, omdat ze zelf niet tevreden waren over het resultaat en, vooral, omdat ze een bloedhekel hadden aan de opnames.
Dat belette echter niet dat de scenarist van beide films Joe Orton reeds een derde scenario klaar had. Dat was dan “Up against it!” en het zou in 1967 worden verfilmd. Het werd echter door Brian Epstein afgewezen, wellicht omwille van de redenen die ik hierboven reeds heb gegeven. Er waren echter ook concrete aanleidingen om het scenario van de hand te wijzen.
In het verhaal gaat men er immers van uit dat de vrouwen aan de macht zijn gekomen en de mannen zitten dan ook onder de plak. Door allerlei omstandigheden worden de vier hoofdpersonages (rollen uiteraard bedoeld voor The Beatles) betrokken bij een complot dat de vrouwelijke tirannie omver moet werpen. Daarvoor moeten ze o.m. alle vier vrouwenkleren aantrekken en de vrouwelijke minister-president (een onbedoelde voorafschaduwing van Margaret Thatcher) vermoorden. Bovendien moesten ze in de finale alle vier met één vrouw het bed in duiken.
Nou nou, dat was toch een beetje teveel van het goede, vond Epstein en hij stuurde het scenario terug naar af. Op 9 augustus 1967 zou de homoseksuele Joe Orton door zijn partner Kenneth Halliwell worden vermoord, maar hij had vooraf toch nog de tijd gevonden om zijn tekst te herwerken. De meest ingrijpende wijziging is dat het aantal hoofdpersonages van vier naar drie werd teruggeschroefd. Volgens Mel Gussow in The New York Times van 5/12/1989 zou George Harrison (al dan niet op eigen verzoek) worden geslachtofferd. Gussow schrijft dit in zijn recensie van de versie met drie die veel later (in 1989 dus) tot een soort van rock-opera werd verwerkt door Todd Rundgren. Ook in deze versie zou Ringo Starr de voornaamste rol hebben gekregen, ook al zou hij er (volgens Gussow) dan eerder als een Rolling Stone dan als een Beatle hebben uitgezien. Whatever that means
Er circuleert ook nog een cowboyverhaal (weliswaar gelanceerd door Paul McCartney zelf) dat The Beatles in de jaren zestig plannen hadden om “The Lord of the Rings” te verfilmen. Ze hadden zelfs al een rolverdeling: Paul als Frodo, John Lennon als de slechte Gollem, George Harrison als tovenaar Gandalf en Ringo als Frodo’s vriend Sam. Als regisseur zou John Lennon, die – nog steeds volgens Paul – de initiatiefnemer was van het plan, Stanley Kubrick aangezocht hebben, maar ook die is ondertussen overleden, zodat hij het verhaal niet meer kan bevestigen of ontkennen. Volgens Paul is het plan uiteindelijk niet gerealiseerd omdat auteur Tolkien van zijn kant het niet zag zitten dat zijn geesteskind “door vier langharige poedels om zeep zou worden geholpen…”
Die derde film is er dan uiteindelijk toch nog gekomen (rules must be obeyed), maar dat is dan niet de televisiefilm “ Mystery Tour” uit datzelfde jaar 1967, want dat is een initiatief dat The Beatles (en dan vooral Paul McCartney) helemaal naar zich toe hebben getrokken. Nee, ze hebben er zich uiteindelijk kunnen vanaf maken met… de tekenfilm “Yellow submarine” van George Dunning uit 1968.
Opmerkelijk: hiervoor krijgen de Beatles géén credits op de Internet Movie Database. Op het eerste gezicht lijkt dit normaal want The Beatles vertikten het (*) zelfs om de stemmetjes van hun tekenfilmfiguren in te spreken (*), maar ze komen wél in de film voor, namelijk als ze op het einde “All together now” zingen.
Zelf had ik twee jaar eerder ook reeds een luisterspel geschreven met de titel “Yellow Submarine”, zij het dat dit in eerste instantie “Michelle” heette.
Lyman Bass reageerde hier op 20 juli 2013 mee met: “De tweede film die The Beatles voor United Artists maakten was Help!, ook onder regie van Lester. Hoewel de film net zo’n succes was als zijn voorganger waren de Beatles weinig enthousiast over het eindresultaat. Ze waren bang om vast te komen zitten in het format van ‘de vrolijke avonturen van de Beatles’. Maar Brian Epstein had in 1963 een contract gesloten met United Artists en de filmproductiemaatschappij eiste een derde film. Er werden allerlei ideeën opgeworpen, zoals een filmbewerking van The Lord of the Rings van J.R.R.Tolkien met Ringo als Frodo en John als Gandalf, maar de derde film bleef uit. In 1967 dachten de vier Beatles dat ze zelf wel konden regisseren en maakten de televisieproductie Magical Mystery Tour. De tv-film werd door de BBC in zwart-wit uitgezonden en door de kijkers en de critici met afgrijzen ontvangen. Hierna zakte de belangstelling voor films bij The Beatles tot een dieptepunt. Hun manager Brian Epstein kwam met de oplossing. Hij werd benaderd door Al Brodax, het hoofd van King Features Syndicate, met het idee een avondvullende animatiefilm te maken rond een aantal Beatle-nummers. Het idee was gebaseerd op de tekenfilmserie rond The Beatles die vanaf 1965 werd uitgezonden. TVC maakte deze serie, waarbij steeds een tekenfilmavontuur werd gemaakt rondom een Beatle-nummer. The Beatles waren enthousiast omdat ze geen bijdrage aan de film hoefden te leveren. Maar juist om die reden wees United Artists Yellow Submarine af als derde film. Pas met de documentaire Let it be voldeden de Beatles aan hun contractuele verplichtingen.”
En er kwam zelfs een reactie uit Engeland van Marcelo N.Bowers op 20 juli 2013: “While in a visit to Liverpool last week, I came across a man at the hall of Saint Peter’s church, where first met Paul and John, and this man who knew pretty much about the Beatles showed me a picture on a wall, a pic of a whale that was the beginning of it. The whale gave John the idea of a yellow submarine. There is also a replica of John’s drawing next to the real whale. That’s all. Cheers!”

Ronny De Schepper

(*) Dat was niet voor het eerst: in 1967 waren ze door de Disney Studios reeds aangezocht om de stemmen in te spreken van de gieren in “Jungle Book”, maar ook dat werd geweigerd. Naar verluidt zelfs met het welluidende antwoord van John Lennon: “Dat ze het aan Elvis fucking Presley vragen!”
(**) De stem van Paul McCartney werd b.v. ingesproken door Geoffrey Hughes, beter bekend als Onslow uit de serie “Keeping Up Appearances”.

01 yellow submarine

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.