Gisteren was er Barry White die op zijn huwelijksverjaardag stierf, wel vandaag is het trompettist Harry James, die op zijn huwelijksverjaardag is gestorven. Inderdaad, het is vandaag ook de verjaardag van zijn huwelijk en wel met actrice Betty Grable (4 juli 1943). Bij Barry White wist ik het niet of hij nog bij zijn vrouw was, bij Harry James daarentegen weet ik dat dit wel degelijk niet meer het geval was.

Henry Haag James werd geboren in Albany (Georgia) als zoon van een trompettist en bandleider, en een acrobate en amazone die werkten in een reizend circus. Zelf werke hij hier toen hij vier was als een slangemens. Zijn vader gaf hem vanaf zijn tiende trompetles. Hij won een trompetwedstrijd en ging daarna spelen in lokale dansgroepen. Hij speelde b.v. in het orkest van Herman Waldman, waar hij werd opgemerkt door de nationaal bekende bandleider Ben Pollack. James werd in 1935 lid van diens orkest en maakte daarmee zijn eerste plaatopnames, in september 1936. Kort daarop sloot hij zich aan bij de band van Benny Goodman. Hij was hier een van de stersolisten tot 1938. In zijn tijd bij Goodman nam hij al op onder eigen naam (voor Brunswick), ook speelde hij mee op opnames van Teddy Wilson (1937) en Lionel Hampton (1938).
In februari 1939 kwam hij met een eigen bigband die debuteerde in Philadelphia. De groep werd bekend als Harry James and His Music Makers. Met dit orkest speelde en toerde hij tot aan zijn dood. Ook nam hij hiermee platen op en tot 1953 scoorde de bandleider in Amerika meer dan zeventig hits, de eerste in 1939 (“All or Nothing at All”). Het orkest speelde muziek in het grensgebied tussen jazz en dansmuziek, zoals dat in het swingtijdperk vaak voorkwam. Het orkest werd vaak aangevuld door strijkers. In de groep speelden verschillende musici van (latere) naam en faam, waaronder Ray Conniff, Willie Smith en Buddy Rich. Ook verschillende vocalisten werden bekend, zoals Dick Haymes, Kitty Kallen en Louise Tobin, met wie hij acht jaar getrouwd was (1935-1943) en twee kinderen kreeg. De beroemdste zanger die bij James zong was ongetwijfeld Frank Sinatra, die zijn carrière in 1939 bij de bandleider begon. James wilde dat Sinatra zijn naam veranderde in Frank Satin, maar de zanger weigerde. Aan het eind van dat jaar stapte Sinatra al over naar de band van Tommy Dorsey.
Het succes kwam pas na een moeilijke tijd in de jaren 1939 en 1940, toen James zelfs door zijn platenmaatschappij Columbia werd gedumpt. James gooide het muzikale roer om en kwam met een zoeter geluid. Hij keerde terug naar Columbia en al snel kwamen de hits, zoals “Music Makers”, “Lament to Love” en het zeer zoete “You Made Me Love You (I Didn’t Want to Do It)”. In 1942 scoorde hij zeven top tien-hits, waarvan drie met zang van Helen Forrest. Ook in de jaren erna had hij hits, waaronder verschillende met materiaal dat hij vóór de recordingban (*) had opgenomen, zoals een reissue van “All or Nothing at All” gezongen door Sinatra. The original release carried the usual credit, “Vocal Chorus by Frank Sinatra” in small type. It sold around five thousand copies. When the record was reissued in 1943 with Sinatra given top billing, and “with Harry James and his Orchestra” in small type below, the record was on the best–selling list for 18 weeks and reached number 2 on June 2, 1943.
Hij trad op voor de radio (onder andere in het programma dat hij van bandleider Glenn Miller had ‘overgenomen’) en speelde in hotels en theaters in New York. Tevens speelde hij in speelfilms, de eerste was “Syncopation” uit 1942. In zijn tweede film, “”Springtime in the Rockies”, speelde ook Betty Grable, met wie hij in juli 1943 trouwde en twee kinderen kreeg.
Na het einde van de recordingban kon James weer nieuw materiaal opnemen en in 1945 had hij zeven top tien-hits. Na de oorlog droogden de hits echter op, because one unexpected result of the strike was the decline of the importance in popular music of the big bands of the 1930s and early 1940s. The strike was not the only cause of this decline, but it emphasized the shift from big bands with an accompanying vocalist to an emphasis on the vocalist, with the exclusion of the band. The other major cause of the decline of the big bands was World War II itself—and the resulting loss of band members to the military, curtailment of traveling by touring bands because of gasoline rationing, and a shortage of the shellac used to make records. Ook Harry James doekte zijn orkest op.
In 1947 was hij terug met een afgeslankte band, waarmee hij meer jazz ging spelen. In de jaren erna acteerde hij in verschillende films, waaronder “The Benny Goodman Story” waarin hij zichzelf speelde. Hij speelde de soundtrack van de film “Young Man with a Horn”, waarin Kirk Douglas James’ trompetspel playbackte. Hij scoorde hits met Doris Day en Frank Sinatra en had in 1951 een eigen televisieshow.
Midden jaren vijftig stapte hij over naar een ander platenlabel, Capitol Records, waarvoor hij veel albums opnam. Zijn band klonk in die tijd als die van Count Basie, de bandleider had dan ook ex-Basie-arrangeurs als Neal Hefti in dienst. Met zijn band toerde hij in binnen- en buitenland (ook in Europa) en trad hij op in hotels in Las Vegas. In die stad ontmoette hij zijn derde vrouw, de showgirl Joan Boyd, met wie hij slechts kort getrouwd was (1968-1970). Toen bij James in 1983 kanker werd geconstateerd (maligne lymfoom) bleef hij doorspelen, zijn laatste concert gaf hij op 26 juni 1983, kort voor zijn overlijden. Het orkest met de naam van Harry James is nog steeds actief, het wordt geleid door de trompettist Fred Radke. Harry James was ook eigenaar van verschillende racepaarden, die grote wedstrijden hebben gewonnen. (Wikipedia)

(*) Dit heeft niets met W.O.II te maken, zoals ik dacht, eerder integendeel (zie verder bij de V-Discs). On August 1, 1942, the American Federation of Musicians, at the instigation of union president James Petrillo, began a strike against the major American recording companies because of disagreements over royalty payments. Beginning at midnight, July 31 1942, no union musician could make commercial recordings for any commercial record company. That meant that a union musician was allowed to participate on radio programs and other kinds of musical entertainment, but not in a recording session. The 1942–44 musicians’ strike remains the longest strike in entertainment history. The strike did not affect musicians performing, after October 27, 1943, on special recordings made by the record companies for V-Discs for distribution to the armed forces fighting World War II, because V-Discs were not available to the general public. However, the union did frequently threaten to withdraw musicians from the radio networks to punish individual network affiliates who were deemed “unfair” for violating the union’s policy on recording network shows for repeat broadcasts. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.