Vandaag is het 95 jaar geleden dat de Franse avonturier en literator Pierre Loti is overleden.

Eigenlijk was zijn naam Louis Marie Julien Viaud. Zijn pseudoniem is overigens afkomstig van één van de dienaressen van de jonge koningin Pomaré op Tahiti (loti is de naam van een plaatselijke bloem). Met dit kindvrouwtje, Rarahu, dat Loti ontmoet op een manier die te vergelijken valt met Odysseus en Nausikaä (maar dan omgekeerd), wordt hij in een inheems huwelijk verbonden, maar na een tijd keert hij terug naar Frankrijk. Rarahu blijft op hem wachten, maar als hij dan eindelijk toch terugkeert, is ze van ontbering gestorven. Loti vindt enkel nog een graf met als opschrift: “Ici repose Rarahu, épouse de Loti“. Dit verhaal vertoont dus een sterke overeenkomst met Butterfly, buiten de locatie, die nù wel tot de verbeelding spreekt (zeker na films als “Tabu” of “Mutiny of the Bounty”), maar toen hoegenaamd niet.
Loti verbleef een hele tijd in Istanbul, zoals ook Luc Carnier heeft achterhaald. Hij schrijft hierover: “In Istanbul ontvoerde hij een meisje/vrouw uit de harem van een sultan, geloof ik. Het vormde alleszins de aanleiding voor zijn eerste roman, “Aziyadé”, die hij anoniem publiceerde in 1879. Boven op de heuvel van de begraafplaats van Eyüp is het Piyer Loti café (in Turkse fonetische schrijfwijze dus). Vanop het terras van het huidige café heb je een prachtig uitzicht op de stad net boven de stinkende Haliç (Gouden Hoorn). Maar eigenlijk ligt het oorspronkelijke café twintig meter verder in een smal straatje. Het is eigenlijk niet meer dan een houten barak waarvan ik niet weet of het tegenwoordig nog voor iets wordt gebruikt. Overigens ligt in het historische centrum (omgeving Blauwe Moskee) ook een Pierre Loti Hotel. Maar of deze zaak iets te maken heeft met de man weet ik niet en betwijfel ik zelfs.”
99 madame chrysanthemeDaarna ging hij naar Japan, waar hij de basis zou leveren van de opera “Madama Butterfly” van Giacomo Puccini. Die is namelijk gebaseerd op het verhaal “Madame Chrysanthème” (1887) van Pierre Loti, met dat verschil dat bij Puccini Butterfly amper vijftien jaar oud is. Dat is des te merkwaardiger omdat in “Madame Chrysanthème” Pierre Loti oorspronkelijk een “Madame Jasmine” krijgt aangeboden die tussen de 13 en de 15 jaar oud is. Verontwaardigd wijst hij haar van de hand. Onder haar vriendinnen die voor het “huwelijk” zijn komen opdagen toont zijn vriend Yves (later zou hij het boek schrijven “Mon frère Yves”) hem echter ook het meisje dat nog dezelfde dag als “Madame Chrysanthème” met hem “in het huwelijk zou treden”. Chrysanthème is achttien jaar oud. Van liefde is er echter niet veel sprake: “Mon Dieu, cette petite Chrysanthème, je ne la déteste pas, en somme. — D’ailleurs, quand il n’y a, de part et d’autre, ni dégoût physique ni haine, l’habitude finit par créer une espèce de lien malgré tout… (…) Quel dommage que cette petite Chrysanthème ne puisse pas toujours dormir: elle est très décorative, présentée de cette manière, – et puis, au moins, elle ne m’ennuie pas. (…) A aucun moment je ne me suis imposé la contrainte d’avoir l’air un peu épris d’elle; mais nos rapports deviennent froids de plus en plus, surtout quand nous sommes seuls.” (p.94-104)
Het verhaal was dan ook een illustratie was van het fameuze vers van Kipling: “East is east and west is west and never the twain shall meet“: “Je t’avais prise pour m’amuser ; tu n’y as peut-être pas très bien réussi, mais tu as donné ce que tu pouvais, ta petite personne, tes révérences et ta petite musique ; comme toute, tu as été assez mignonne, dans ton genre nippon. Et, qui sait, peut-être penserai-je à toi quelquefois, par ricochet, quand je me rappellerai ce bel été, ces jardins si jolis, et le concert de toutes ces cigales…
Elle se prosterne sur le seuil de la porte, le front contre terre, et reste dans cette position de salut suprème tant que je suis visible, dans le sentier par lequel je m’en vais pour toujours.
En m’éloignant, je me retourne bien une fois ou deux pour la regarder, — mais c’est par politesse seulement, et afin de répondre comme il convient à sa belle révérence finale…”
(p.272)
Dree Peremans tenslotte voegt eraan toe dat het boek ‘Pêcheurs d’Island’ van Loti ooit een van de inspiratiebronnen was van de IJslandsuite…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.