Axel Bouts, pseudoniem van Jan Verhenne (Kortrijk, 2 mei 1938), is een Vlaams schrijver en civiel ingenieur. Hij is de geestelijke vader van inspecteur Toets uit de politieromans. Axel Bouts is gehuwd met beeldend kunstenares Ghis Devos en heeft met haar twee kinderen. Na zijn studie scheikunde aan de Katholieke Universiteit van Leuven ging hij aan het werk in het bedrijfsleven. In 1981 debuteerde Bouts als romanticus met het boek Martin & Martins, waarmee hij tevens de prijs voor het beste literaire debuut won. Later schreef hij zijn boeken in diverse genres. In zijn eerste romans speelden zijn ervaringen in het bedrijfsleven een grote rol. In 1988 recenseerde Johan de Belie zijn achtste roman, “Scherven”, in De Rode Vaan.

Het begint er aan te komen, het jaar 1999 dat het jaar 2000 welvoeglijkheidshalve zou moeten voorafgaan. En we zullen niet enkel de weemoed van het fin de siècle tussen onze boterham mogen leggen, maar ook de onheilsprofetieën bij het naderen van het einde van het millenium. Een eerste resultaat is merkbaar in teksten die de ondergang van het Avondland beschrijven. Dat kan mooi gebeuren, ik denk even aan « Ontregeling en Misverstand » van Greta Seghers. Niet toevallig trouwens dat ik aan haar denk, want haar Avondland gaat onder via de beschrijving van een familie. En zo’n familie-epos ligt nu weer voor mij. Onder de veelzeggende titel « Scherven » verhaalt Axel Bouts zijn tijdskroniek die start in 1900 met de geboorte van Leopold Adams, en in 1999, Pol is inmiddels dement enzoverder, al te open en goedkoop eindigt met een onwaarschijnlijke militair, nazaat van Adams (merk de subtiele allusie in de geslachtsnaam), in een onwaarschijnlijke positie in de buurt van de fatale rode knop.
« Met als uitgangspunt de gebeurtenissen in één familie kun je de geschiedenis van geheel de westerse beschaving omvatten » zegt Bouts via Frederik Adams nogal bescheiden… En dat tracht hij dus te doen. Alleen is zijn uitgangspunt bijzonder theoretisch: in een schema van politiek, filosofie, sociologie, religie moeten personages ingepast worden. En dat doet Bouts ook. Maar daarmee creeër je niet de gestalten van vlees en bloed die zo’n kroniek levensecht dienen te bevolken. En dat is de conditio sine qua non voor dergelijk opzet. Schep een minimaatschappij om aan de hand daarvan te filosoferen, te bewijzen, een wereldbeeld te creëren. Soms komt in dit relaas, dat overigens structureel meestal goed past via een verspringen van tijd, van visie, van verhaalsysteem, één enkele figuur wel eventjes uit de verf, ontroert. Maar toch blijken ze telkens te functioneel te moeten opdraven om de tijdsevolutie, de ondergang van het Avondland, te illustreren. Karakters worden ideeën, maar keren tenslotte niet naar zichzelf terug.
Toch heeft Axel Bouts wat te vertellen, ongetwijfeld. Hij doet het alleen vrij ongelukkig, weet het verhaal niet samen te ballen, weet zijn personages niet voldoende emotioneel te motiveren, laat de suggestiviteit te gering aan bod komen.
En het zat er met diverse karakters zeker in, omdat Bouts niet voor rechtlijnige figuren opteerde, maar her en der in zijn familie twijfel zaait. Alleen oogst de lezer daarvan geen wereldbeeld. Mooie passages, mooie literaire vondsten, een plot met iets te weinig ruggengraat wegens het ophangen aan ideeën maar toch ook soms met verrassende wendingen.
Een leuk idee, maar Bouts raakt over de grenzen van het waarschijnlijke heen wanneer hij de jaren ’90 moet portretteren. Het is te dichtbij om science fiction te kunnen zijn, en de gebeurtenissen wortelen te sterk in het heden. Ze lijken tenslotte op een horoscoopvoorstelling van madame Soleil en een rampenvoorspelling uit het « Rijk der Vrouw ». En wat te denken over de strijd tegen apartheid die ontaardt in een stammenoorlog en resulteert anno 1996 in 350.000 doden en « een land dat arm als een luis en onder de leiding van een Zoeloe-premier een onzekere toekomst tegemoet gaat » (p.14). Of over westerse rampen als president Hart die bezwijkt en daardoor de zwarte Jackson in zijn zetel hijst. Of de staking van de verkeersleiders die Chicago in een chaos herschept. Of een meteoorinslag. Of rampen aan de andere kant: een opstand in Polen tegen het communisme wordt uitgehongerd… Visionair knaapje.
Op pagina 22 staat een stamboom die ik veelvuldig diende te raadplegen. De volgende pagina verduidelijkt de belangrijkste personages: een staalkaart van onze maatschappij als het ware. Naast de beroepsmilitair prijkt de doctor in de rechten, daarnaast de perschef van het Europees Parlement, een landbouwer, een thuiswerkende vrouw, een arrivistische kapitalist, een priester, een ingenieur, een verpleegster, een Agalev-politicus, een echte anarchiste (raakt in de gevangenis, geen zorg), een kunstschilder, een binnenhuisarchitecte, een geneesheer en een niet helemaal verkocht fotomodel annex filmster.
Nee, hiermee is « Scherven » niet het apocalyptische « Derde Boek » geworden dat als een spil in deze roman gehanteerd wordt en tenslotte op een goedkope thriller-vondst uitloopt.

Referenties
Axel Bouts, Scherven, Antwerpen, Manteau, 1987, 341 blz.
Johan de Belie, De wereld volgens Axel Bouts, De Rode Vaan nr.7 van 1988

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.