Vannacht is de Antwerpse actrice Suzanne Juchtmans overleden.

Suzanne Juchtmans studeerde af aan de Studio Herman Teirlinck in 1955. In de jaren vijftig werkte zij mee aan de Nevelvlek, een culturele kring die in 1951 door Frans Buyens was gesticht en waarvan ook Fernand Auwera, Jan Christiaens, Gust Gils, Hugues C.Pernath, Domien de Gruyter, Walter Tillemans en Julienne de Bruyn deel uitmaakten. Daarna speelde ze bij het NTG. De eerste keer dat ik haar zag, was in “Butley” van Simon Gray.
geoffrey-soupe-rui-costa-en-danilo-wyss1Op bovenstaande foto uit “Interieur” van Hugo Claus (NTG, seizoen 72-73) is ze te zien in het midden, samen met Ann Petersen en Gabriel Van Landeghem. In hetzelfde seizoen als “Interieur” speelde ze volgens A.Van Daele in de Gazet van Antwerpen “op een virtuoze manier” Célimène in “Le Misanthrope” van Molière. In 1975 was ze volgens J.V. in De Gentenaar “ontroerend als de moeder” in “Equus” van Peter Shaffer. Over Yerma van Federico Garcia Lorca in regie van Franz Marijnen, vertelt Frans Redant op mijn blog: “Tijdens een repetitie waagde hij het aan de hoofdactrice te zeggen: ‘En als je op een voorstelling geen drang voelt om die man van je te wurgen, dan doe je dat gewoon die avond dan niet’. De intelligente actrice in kwestie (Suzanne Juchtmans) begreep volkomen de wijze woorden van de regisseur, en ze heeft haar rol met overgave gespeeld. Maar niet al haar medespelers deelden hetzelfde begrip, achterbaks onder mekaar de regisseur voor zot uitmakend, want dan zou er immers geen plot, geen voorstelling kunnen zijn! Tja. Het ging Marijnen om telkenmale geloof in wat je doet, om motivatie. En die was blijkbaar niet overal aanwezig. De Mechelaar had bovendien in het vorige verleden in talrijke interviews ook geen al te strelende tong gehad voor wat toen nog het ‘officiële’ theater heette.”
geoffrey-soupe-rui-costa-en-danilo-wyss1
Bij de stichting van Theater Arena stapt een schare van Dré Poppe-getrouwen (Roger Bolders, Jo de Meyere, Suzanne Juchtmans en Werner Kopers) mee over. Daar speelde zij o.a. in “Zonde dat het een hoer is” (bovenstaande foto).
Later speelde zij bij het Bent-Theater (“Groenten uit Balen” en het vervolg “Tien jaar later, het jaar 10”).
Geoffrey Soupe, Rui Costa en Danilo Wyss
Nog in het seizoen 1984-85 speelde ze bij het Reizend Volkstheater de hoofdrol in “De ontaarde slapers” van Ward Ruyslinck en Rode Vaan-recensent Piet Loose had “een boontje voor Suzanne”. Dat was althans de titel van zijn stuk over haar Kapellekesbaan-monoloog:
06 Suzanne Juchtmans“Ook Suzanne Juchtmans blijkt zich goed te voelen in de monoloog. Na « Mama » staat zij nu op de planken met « De laatste uithoek », een vrije productie van theater Pulpitum v.z.w. in een regie van neef Paul Juchtmans. Het stuk is gebaseerd op de « Kapellekesbaan » van L.P.Boon. Juchtmans laat zich tijdens haar ruim twee uren durende monoloog vergezellen door poppen. Deze stellen de figuren van Ter-Muren voor. Afwisselend kruipt ze in de ziel van deze figuren, of van de schrijver zelf en zijn alter-ego’s. Het levensverhaal van Ondinneke Bosmans wordt een schrijnende vaststelling van onmacht en twijfel in een periode van opkomend socialisme met een vingerwijzing naar onze tijd.
Boon op de scène zetten is geen eenvoudige klus. Juchtmans doet het overtuigend en soms aangrijpend. De vereenzaming en het isolement waarin de « nuttige idioot » verzeild geraakt, zich enkel nog vastklampend aan een individueel anarchisme dat hem uiteindelijk naar de « Laatste Uithoek » brengt, komt sterk naar voren. Bestaat er inderdaad een weg tussen de heerser en de verschoppeling, of gaat het alleen maar om een te verwerpen macht die beurtelings in de handen komt naarmate de krachtsverhoudingen zich wijzigen ? Een keuze moeten maken : dat is de hamvraag.
Toch heeft het stuk ons niet kunnen boeien. Het geheel is statisch opgebouwd, mist bewegelijkheid en spel en wordt daardoor soms saai. De nadruk ligt sterk op de monoloog op zich. Dit kan de bedoeling geweest zijn. Doch het wordt bijna een hoorspel in plaats van een visueel gebeuren.”

Ook in het Fakkeltheater had ze daarna een “one woman show” lopen. Daarna had ze een rol in onder andere O.L.V.der Krabben en Wisseltijd van theatergezelschap De Werf.
Haar bekendste televisierol is die van de Gravin in Familie. Verder speelde ze gastrollen in Paradijsvogels, Magister Maesius, Klein Londen Klein Berlijn, Bex en Blanche, Windkracht 10, Sedes & Belli, De Kotmadam, Flikken, F.C.De Kampioenen, Spoed, Emma en Zone Stad.
Ze speelde ook in tal van televisiefilms zoals “Klaaglied om Agnes”, “De komst van Joachim Stiller” en “De kleine reder”.
Suzanne Juchtmans speelde ook in enkele vroege Vlaamse bioscoopfilms, die nu bijna alle helaas in vergetelheid zijn geraakt, zo b.v. “Het meisje en de madonna” (1958), “Want allen hebben gezondigd” (1961) van Paul Berkenman en “De ordonnans” (1962).

Referentie
Piet Loose, Een Boontje voor Suzanne, De Rode Vaan nr.41 van 1984
(Met dank aan Dirk Musschoot, J.P.Bouckaert en Achiel Van Malderen)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s